Analyse

Hoe Brussel hoofdstad van Europa wil blijven: ‘We mogen niet op onze lauweren rusten'

Bram Van Renterghem
© BRUZZ
01/03/2023
© Ivan Put | Het Luxemburgplein in het hart van de Europese wijk.

De doorsnee-eurocraat lijkt best tevreden over gaststad Brussel. Toch is de hete adem van de concurrentie reëel. Zo belemmert onder meer Frankrijk de renovatie van het parlementsgebouw. Reden te meer voor Brussel om in te zetten op “een vitale Europese wijk en een ambitieus onthaalbeleid”. Maar dat blijkt niet altijd even makkelijk.

Donderdagavond, dat betekent luide muziek, halve liters bier en terrassen stampvol eurocraten op het Luxemburgplein, ook weleens Place Lux genoemd. Maar wanneer we om 17 uur het plein afdweilen op zoek naar meningen, oogt het troosteloos en leeg. De terras­stoelen blijven grotendeels onbezet, het hondenweer jaagt iedereen naar huis. Of toch bijna iedereen.

“Of ik gelukkig ben hier in Brussel? Jazeker!” zegt een strak in het pak zittende Nikola Turcinov. Hij werkt voor het Europees Parlement, komt uit Kroatië en woont al tien jaar in Sint-Lambrechts-Woluwe. “Ik kan me eigenlijk geen issues voor de geest halen. Ja, op sommige plaatsen is het vuil, maar dat is in alle Europese steden zo. En was ik een vrouw, dan had ik me misschien niet overal veilig gevoeld. Maar het culturele aanbod is hier fantastisch, al zeker in vergelijking met Straatsburg.”

Gunnar sprak met Méabh, journaliste en presentatrice van BRUZZ International over de aantrekkingskracht van Brussel.

“Zonder die internationale instellingen zou Brussel weer een klein provinciestadje worden, zonder enig belang”

Alain Hutchinson, Brussels commissaris voor Europa en Internationale Organisaties (PS)

Over Place Lux heeft de man niet meteen een mening, ook al kijk je vanaf de terrassen op een eindeloze muur MIVB-bussen en ligt alles er schots en scheef bij. De heraanleg van het plein is voor staatssecretaris voor Stedenbouw Pascal Smet (one.brussels/Vooruit) een van de projecten die de Europese wijk meer glans moeten geven, maar Turcinov lijkt hierin maar matig geïnteresseerd.

1834 Europese wijk 36
© Ivan Put | Het Luxemburgplein, ook weleens Place Lux genoemd: de renovatie ervan zou de Europese wijk meer glans moeten geven.

Dat is ook zo bij Sille Vigsoe en Maja Kofod Jensen, uit Denemarken. Ze werken voor de Progressieve Alliantie van Socialisten en Democraten (S&D), de sociaaldemocratische fractie van het Europees Parlement. Het is hun eerste week hier en ze kennen de stad nog niet zo goed. “We vinden het hier leuk. Het plein? Dat is prima zo, net als het nachtleven. We vinden het vooral fijn dat alles hier in Brussel rond Europa draait. Alleen het afval is vervelend. Het is voor ons erg vreemd dat je hier je vuilniszakken gewoon op straat zet.”
Ook de andere passanten komen min of meer met hetzelfde oordeel. Ja, het is soms vuil of onveilig, maar dat weegt niet op tegen de voordelen, waarbij vooral het internationale karakter wordt geroemd.

Gewone Brusselaars

“Heel wat eurocraten wonen hier en hebben dezelfde problemen als de gewone Brusselaars,” zegt Alain Hutchinson (PS), de Brusselse commissaris voor Europa en Internationale Organisaties. “Zij gaan niet langer elk weekend naar huis.”

Dat zij dezelfde frustraties delen, blijkt ook uit een bevraging door Hutchinsons diensten bij 1.395 internationale Brusselaars. Daar kwamen 22 beleidsvoorstellen uit: het Manifest van de internationale Brusselaar. Die voorstellen lezen als het partijprogramma van de gemiddelde Vlaams-Brusselse partij. Verminder via kilometerheffing het aantal wagens. Werk het Gewestelijk Expressnet af. Voer afgescheiden fiets- en wandelpaden in. Maak de trottoirs proper en effen. Schrap parkeerplaatsen bovengronds, zorg voor gemeenschapstuinen. Pak discriminatie aan bij de politie en maak een einde aan de afvalophaling waarbij Brusselaars plastic vuilniszakken op straat moeten zetten.

De Kroaat Nikola Turcinov werkt voor het Europees Parlement
© Ivan Put | De Kroaat Nikola Turcinov werkt voor het EuropeesParlement: “Ja, sommige plekken in Brussel zijn vuil, maar dat is in alle Europese steden zo.

“Die voorstellen zijn vorig jaar overgemaakt aan het Brussels parlement, maar dat moet er nu wel iets mee doen,” zegt Hutchinson. “Toch hebben we als Gewest al heel wat stappen gezet om expats beter te onthalen.” Zo is Hutchinson nu SPOC (Single Point of Contact) voor alle internationale organisaties, en is er een betere samenwerking tussen de internationale administraties en de publieke diensten. “De internationale instellingen zijn hier goed geworteld en Brussel is als hoofdstad van Europa niet in gevaar,” zegt Hutchinson. “Maar dat wil niet zeggen dat we op onze lauweren mogen rusten.”

Competitie

Enter het strategische plan van aanpak om de Europese aanwezigheid in Brussel te bestendigen, een samenwerking tussen de federale en Brusselse overheid. In de negen pagina's tellende nota, die eind vorig jaar onder de aandacht kwam, staan zestien projecten die Brussel meer glans moeten geven als Europese hoofdstad.

Vertrekpunt is de competitie tussen de drie door het EU-Verdrag bepaalde zetel­steden – Brussel, Luxemburg en Straatsburg – om bijkomende diensten naar zich toe te trekken, waarbij vooral Straatsburg van zich laat horen. Maar het gaat om meer dan het Europees Parlement alleen. Zo heeft Boekarest in 2020 het pleit gewonnen van Brussel, in de strijd om de vestiging van het European Cybersecurity Competence Centre.
Volgens de nieuwssite Politico gebeurde dat omdat steeds meer (Oost-Europese) lidstaten vinden dat niet alle macht in Brussel moet geconcentreerd zijn. Ook de lage levenskosten – en dus lagere ambtenarenlonen – speelden een rol. Brussel zal dus niet automatisch nieuwe instellingen erbij krijgen, wel integendeel. De bestaande zal het goed in de watten moeten leggen.

Smoel geven

Om dat te doen, zijn er zestien projecten. Zo worden de speciale identiteitskaarten voor diplomaten en ambtenaren van internationale instellingen in 2024 eindelijk van een microchip voorzien. Dat is nodig voor het vlot gebruik van Itsme en websites zoals MyHealth, MyMinfin en MyPension.
De Brusselse regering wil de Europese wijk ook een smoel geven, met een betere mix tussen wonen en werken, een imagocampagne, een eigen merk, bewegwijzering en vergroening. De boven de treinsporen zwevende fietspasserelle tussen het Europees Parlement en de Europese Commissie is nog zo'n project, dat er mee op vraag van die Europese instellingen komt, maar betaald zou worden door Beliris. Als niet alle geld naar metro 3 gaat, tenminste.

1834 Europese wijk 18
© Ivan Put | Het hart van de Europese wijk, tussen het Luxemburgplein, het treinstation Luxemburg en het Europees Parlement.

Zekerder zijn de heraanleg van het Luxemburg- en Schumanplein, twee plaatsen die nu weinig iconisch zijn, terwijl ze nogal beeldbepalend naast de Europese instellingen liggen. “Maar Smet moet ook opletten met die heraanleg,” zegt Europarlementslid Assita Kanko (N-VA). “Eurocraten reizen de hele tijd en willen gewoon zo snel mogelijk van de luchthaven of Brussel-Zuid bij de Europese instellingen raken. Met die werken wordt het alvast moeilijker om met de auto de bestemming te bereiken. Place Lux is oké zoals het is, Schuman ook. Smet wil altijd maar dingen in gang zetten, maar hij zou het beter laten zoals het is.”

“De concurrentie met andere steden is serieus, Brussel moet sexy zijn. Maar vooral ook veilig”

Assita Kanko, Europees Parlementslid (N-VA)

Assita Kanko (N-VA)

Toch moet Brussel ook volgens Kanko zijn beste beentje ervoor zetten. “De concurrentie met andere steden is serieus, Brussel moet sexy zijn. Maar vooral ook veilig. Mijn medewerkster is al twee keer bestolen. Ook van andere vrouwen die hier werken, hoor ik dat ze niet altijd vrij op straat kunnen lopen. Schuman bijvoorbeeld, is 's nachts heel eng. Dat moét anders.”

Eén zetel

Van veiligheidsproblemen heeft Straatsburg weinig last. Maar het heeft nog andere voordelen op Brussel. “Iedereen zit daar in hetzelfde gebouw, je komt er iedereen tegen, of dat nu een collega of de bevoegde eurocommissaris,” zegt Kanko nog. “Straatsburg is ook de stad waar de knopen worden doorgehakt, het is er dan ook spannender. Brussel met zijn parlementaire commissies dient als voorbereiding, maar Straatsburg is het hoogtepunt van de maand.” In die zin is Straatsburg het échte parlement, en niet Brussel.
De roep naar één zetel, in 2019 nog als resolutie gestemd door een meerderheid van de Europarlementsleden, zou dus ook in het voordeel van Straatsburg beslecht kunnen worden. De resolutie vermeldt immers niet in welke stad die éne zetel moet komen.

Dure renovatie

Cruciaal is dan ook de geplande maar nog niet afgeklopte renovatie van het Paul-Henri Spaakgebouw in Brussel – waar ook een halfrond is voor de extra plenaire zittingen. Die renovatie is niet naar de zin van Frankrijk. In het jaarverslag (2020) van het Commissariaat voor Europa en de Internationale Organisaties staat: “Het politieke spel dat Straatsburg tijdens de pandemie tegen Brussel gevoerd heeft, was indrukwekkend: de stad ging (…) in frontale aanval tegen Brussel toen tijdens de lockdowns de plenaire vergaderingen van het Europees Parlement niet meer in Straatsburg konden doorgaan, waardoor de Franse zetel voor de zoveelste maal ter discussie werd gesteld. Geconfronteerd met deze ‘verzwakking' van de zetel in Straatsburg, was de Franse reactie virulent en volgde een (z)waar politiek offensief tegen Brussel.”

“Straatsburg heeft zich daarnaast geuit als een hevige tegenstander van de heropbouw of renovatie van het Paul-Henri Spaakgebouw in Brussel, en voert ook op dit punt een actieve campagne tegen de plannen van het Europees Parlement,” zegt hetzelfde jaarverslag.

Het Paul-Henri Spaakgebouw in Brussel moet de concurrentie aangaan met Straatsburg. Een renovatie dringt zich op, maar zal veel geld kosten
© Ivan Put | Het Paul-Henri Spaakgebouw in Brussel moet de concurrentie aangaan met Straatsburg. Een renovatie dringt zich op, maar zal veel geld kosten.

Maar voor de goede werking van het parlement is de renovatie essentieel. Het gebouw is immers niet veilig genoeg, mocht er een aanslag op gebeuren. En het voldoet ook niet aan de huidige energienormen. “Het is er koud,” zegt Sille Vigsoe aan Place Lux, “net als in de andere gebouwen van het Europees Parlement.”

Er werd zelfs al een wedstrijd uitgeschreven, met het Deense bureau JDS Architects als winnaar. Toch is de uitvoering nog niet voor morgen. Niet enkel de Fransen, ook de hele sociaaldemocratische fractie verweert zich tegen de renovatie, die op 500 miljoen euro wordt geschat. Ze zijn beducht voor de perceptie dat het Europees Parlement zo'n smak geld uitgeeft voor eigen huisvesting, terwijl de begrotingen door de opeenvolgende crisissen zo onder druk staan.

1834 Europese wijk 7
© Ivan Put | Het halfrond van het Europees Parlement waar de leden debatteren en beslissen over de toekomst van Europa.

Het Europees Parlement kan niet zeggen wat de volgende stappen zijn, maar volgens Hutchinson wordt er in maart verder op ingegaan. “De geplande totaalrenovatie die vijf jaar zou duren, zal nu wellicht fase per fase gebeuren,” zegt Hutchinson. “Daarnaast willen de Fransen dat er ook in Straatsburg wordt geïnvesteerd.” Zo willen ze dat het parlement het gebouw 'Osmose', dat de Franse regionale overheden ongevraagd naast het Europees Parlement in Straatsburg hebben gebouwd, voor minstens 26,5 miljoen euro overkoopt. Of op z'n minst afhuurt.

Belgisch veto

“Uiteindelijk beslist het bureau van het Europees Parlement – bestaande uit de voorzitters, ondervoorzitters en penningmeesters,” klinkt het bij de persdienst van het Europees Parlement. “Zij hebben, samen met de Begrotingscommissie van het Europees Parlement, volledig zeggenschap over de renovatie of heropbouw van het halfrond in Brussel: óf die zal doorgaan, wanneer, en of dat dan met de prijswinnaar JDS Architects gebeurt.”

1834 Europese wijk 38
© Ivan Put | De Europese wijk, waar politiek overal aanwezig is.

Betekent een uitblijvende renovatie dat Brussel gevaar loopt als gaststad voor het Europees Parlement? Niet meteen. Elke wijziging in de vestigingsplek van de instellingen vereist een unanieme instemming van alle lidstaten. Met andere woorden: België heeft een vetorecht.

En zelfs al neemt de politieke druk zodanig toe dat het tot één vestigingsplek komt, dan nog lijkt het er volgens heel wat waarnemers op dat Brussel aan het langste eind zou trekken, net omdat het dagelijkse werk in Brussel gebeurt én omdat veel andere Europese instellingen hier gevestigd zijn.

“En dat is maar goed ook,” zegt Hutchinson. “Zonder die internationale instellingen zou Brussel weer een klein provinciestadje worden, zonder enig belang. Net daarom is het zo belangrijk dat het federale en Brusselse niveau nu de handen in elkaar slaan.”

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Brussel, Politiek, Samenleving, Europese hoofdstad, Europese wijk, EU, expats

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie