interview

'Toen ik begon, was het een soort bijbaan': schepen Marina Dehing neemt afscheid

© © Saskia Vanderstichele
| Marina Dehing-Van den Broeck en de Ganzen van Ganshoren;

In Ganshoren wordt niet alleen burgemeester Pierre Kompany (ProGanshoren) gewisseld, ook partijgenoot en Vlaamse schepen Marina Dehing-Van den Broeck neemt ontslag, na 46 jaar actieve gemeentepolitiek. “Toen ik begon was het een soort bijbaan. Nu hebben de schepenen heel veel werk.”

Dehing, behalve schepen van Nederlandstalige Aangelegenheden, ook bevoegd voor Sociale Zaken en Gezondheid, kent Ganshoren als haar binnenzak. Op haar tiende kwam ze in de gemeente wonen. Haar ouders hadden er gebouwd, het derde huis in de straat. Dat was in het expojaar 1958. Ganshoren, lang deel van het Nederlandstalige stuk van de provincie Brabant, behoorde nog maar vier jaar tot het tweetalige Brussel. “In mijn jeugd was Ganshoren bijna helemaal Nederlandstalig,” vertelt Dehing. “Een dorp was het, waar we op straat konden spelen tussen de vele boerderijtjes en kikkers gingen vangen in de vijvers.”

Is er nog iets overgebleven van dat dorpsgevoel?
Marina Dehing-Van den Broeck: Er is natuurlijk veel veranderd. Er zijn veel minder Nederlandstaligen, het Frans is dominant en er zijn veel andere gemeenschappen bijgekomen. Ganshoren is ook een stuk armer geworden, de Keizer Karellaan is helemaal verpauperd. Maar dankzij het gemeenschapscentrum De Zeyp heb ik toch nog een beetje een dorpsgevoel. Daar heb je ook de bibliotheek, de weeg, het lokale dienstencentrum. Je treft er altijd dezelfde kern van mensen.

In 1976, u was 28 en een jonge moeder, bent u voor de christendemocraten op de lijst gaan staan. Hoe ging dat?
Dehing-Van den Broeck: Ik kom zelf niet uit een CVP-nest en was nooit van plan om in de politiek te gaan. Ik werkte als logopediste. Maar mijn schoonvader was destijds de lokale voorzitter van de PSC-CVP. Er waren vrouwen nodig op de kieslijst en hij moedigde me aan om mij kandidaat te stellen. Het was de tijd van Vrouw en Maatschappij. Ik was meteen verkozen. Zes jaar later was ik er opnieuw bij en even later werd ik een van de drie Nederlandstalige schepenen. Ik had kleine kinderen en de vergaderingen waren meestal ’s avonds. Een geluk dat mijn ouders in hetzelfde huis woonden, want mijn man, een architect, was ook veel weg. Ik herinner me dat ik een van mijn kinderen op een keer haar poppen netjes op een rijtje zag zetten met de boodschap: nu braaf zijn, want mama moet naar een vergadering!

1795 Marina Dehing en de Ganzen van Ganshoren 1

U was vijf keer schepen. Is het schepenambt in de loop der jaren erg veranderd?
Dehing-Van den Broeck: Toen ik begon, was het een soort bijjob in de avonduren, je verdiende ook minder. Ik kon het makkelijk combineren met mijn halftimejob in een school voor buitengewoon onderwijs. We hadden toen geen eigen kantoor, er was één ruimte voor alle schepenen. Tegenwoordig hebben de schepenen het veel, veel drukker. Nooit eerder had ik zoveel werk als de afgelopen twee jaar. Ik ben bevoegd voor Gezondheid en door corona was het permanent crisis. Intussen zitten we met de noodplanning voor de opvang van de Oekraïense vluchtelingen. Sowieso heeft de gemeente er in de loop der tijd veel meer taken bijgekregen, vroeger was er bijvoorbeeld geen preventiedienst, dat was niet nodig. Bij het Gewest kan de gemeente tegenwoordig voor veel projecten subsidies krijgen, maar daarvoor moet je een dik dossier invullen. In grotere gemeenten schakelen ze daarvoor een studiebureau in. Ganshoren heeft daarvoor niet de middelen. Bovendien vinden we heel moeilijk goed personeel. Momenteel hebben we geen vertaalster, de jurist is ziek, de communicatieverantwoordelijke is ziek. Op den duur staat de gemeentesecretaris voor alles alleen. Door gebrek aan personeel lopen we soms subsidies mis.

Dat personeel moet ook tweetalig zijn.
Dehing-Van den Broeck: In principe moeten ze het taalexamen afgelegd hebben, maar de vraag is of dat altijd gebeurt. Wat dat betreft heeft Karl Vanlouwe van N-VA honderd procent gelijk. Het gemeentepersoneel is gebrekkig tweetalig. Maar vind ze maar, de Nederlandstaligen. En het moeten mensen van het juiste niveau zijn. De gemeente kan niet allemaal niveau A’s aannemen, dat is te duur. Ook voor ons rusthuis, Home Heydeken, vinden we geen verpleegsters die Nederlands kennen. Die mensen gaan in Vlaanderen werken, waar ze meer verdienen. Goed personeel kost geld. Maar Ganshoren heeft te weinig middelen, dat is ons grootste probleem.

Wat kan de gemeente doen om opnieuw meer Nederlandstaligen aan te trekken?
Dehing-Van den Broecke: Ik weet het niet. Mooie huizen bouwen, denk ik. Daar komen Vlaamse gezinnen wel op af.

Een Nederlandstalige gemeentelijke crèche of basisschool zou misschien kunnen helpen? Die zijn er niet.
Dehing-Van den Broeck:
In Ganshoren zijn er voldoende Nederlandstalige crèches en basisscholen. De Sint-Lutgardisschool zal verdubbelen in capaciteit. Bovendien is een gemeentelijke school een heel dure aangelegenheid. Er is trouwens een gemeenteschool in de maak, een Franstalige weliswaar, maar het wordt een immersieschool.

Hebt u het gevoel dat u als Vlaamse schepen echt hebt kunnen wegen op het beleid van het college?
Dehing-Van den Broeck: Ik vind van wel, in principe gebeurt alles in de twee talen en ik heb naar mijn gevoel evenveel te zeggen als de andere schepenen. Hoewel de middelen beperkt zijn, krijg ik meestal wat ik vraag. De burgemeester vraagt mij ook altijd om hem te vervangen, niet de eerste schepen. Ik moet wel vaak Frans spreken in het college, anders begrijpen de andere schepenen me niet. Ook burgemeester Pierre Kompany heeft veel moeite met Nederlands, net als zijn opvolger Jean-Paul Van Laethem.

1795 Marina Dehing en de Ganzen van Ganshoren 1
© Saskia Vanderstichele
| Marina Dehing-Van den Broeck.

U hebt wel altijd zachte bevoegdheden, zoals Sociale Zaken, gekregen. Nooit een zware portefeuille als Financiën.
Dehing-Van den Broeck: Ik heb altijd de portefeuilles gekregen die ik wou. De zachtere kant ligt me. Financiën? Dan zou ik geen oog dichtgedaan hebben. Bevoegdheden als Werk en Stedenbouw konden dan weer niet door het beroep van mijn man. Leefmilieu of Mobiliteit had ik misschien wel nog gewild. Of Derde Leeftijd, dat is een portefeuille die in Ganshoren veel stemmen oplevert en dus gewild is.

De Ganshorense politiek heeft woelige jaren achter de rug. De Far West werd het soms genoemd: gekonkel, verraad, voorakkoorden die niet gerespecteerd werden. Hoe ging u daarmee om?
Dehing-Van den Broeck: In het begin vond ik dat erg. Na de verkiezingen van 2012 dachten we een akkoord te hebben met de MR, tot die ’s nachts achter onze rug een coalitie sloot met de lijst van Michèle Carthé (PS). Dan ben je gedegouteerd. Maar wat doe je? Ontslag nemen? Daar schiet je niets mee op. Quand les dégoutés s’en vont il n’y a que les dégoutants que restent, zeggen ze. Ik zou het liever allemaal eerlijk hebben, maar dan noemen ze je naïef. Ik ben nu meer op mijn hoede.

Uw partij, ProGanshoren, heeft zich natuurlijk ook niet onbetuigd gelaten. Vijf jaar geleden werd de lijst van Carthé, toen in de meerderheid, plots aan de kant geschoven, mede door toedoen van uw partij. Is het een spel?
Dehing-Van den Broeck: Een beetje wel, maar het is ook een serieuze zaak. Als je geen macht hebt, kan je niets doen. Wat ook meespeelt: in tegenstelling tot vroeger kan je tegenwoordig goed leven van het loon van een schepen. Daardoor wordt er harder gevochten voor de postjes.

1795 Marina Dehing en de Ganzen van Ganshoren 1

Er wordt ook makkelijk gewisseld van partij of lijst.
Dehing-Van den Broeck: Ja, ook Pierre Kompany stond lang op de PS-lijst. Toen hij mee de lijst ProGanshoren oprichtte, werd hij uit de PS gezet, nu is hij lid van CDH (sinds kort Les Engagés, red.). En onze volgende burgemeester begon bij de PSC, daarna was hij bij Défi , vervolgens stond hij als onafhankelijke op de PS-lijst van Carthé en nu is hij bij CDH (ProGanshoren). Mij is ook weleens gevraagd om over te lopen. Maar ik vind dat je moet proberen samen met je groep te blijven, in mijn eentje overlopen zou ik nooit gedaan hebben. Ik doe aan politiek omdat ik graag met mensen werk. Het zuiver politieke zegt me niet zoveel. Ik wilde ook niet per se doorstromen naar het Brussels parlement, zoals sommige collega’s. Ik ben wel op de gewestelijke CD&V-lijst gaan staan, maar heb nooit gevochten voor een goede plaats.

Waarom stopt u?
Dehing-Van den Broeck: Mocht Pierre Kompany kunnen blijven als burgemeester, zou ik ook gebleven zijn. Hij is 74, ik 73, een leeftijdsgenoot dus. Zonder hem zit ik alleen als een bomma in het college. Maar Kompany moet stoppen (zie vanonder), hoewel hij dat jammer vindt en hij een goede burgemeester is. Bovendien, als ik blijf als schepen kan ik niet anders dan bij de volgende verkiezingen nogmaals opkomen en dat kan ik op mijn leeftijd toch niet meer doen.

U blijft wel nog in de gemeenteraad?
Dehing-Van den Broeck: Dat ben ik verplicht aan mijn Vlaamse kiezers. Want als ik wegga, word ik vervangen door een Franstalige en dan zit er in de gemeenteraad bij de meerderheid geen enkele Nederlandstalige meer. Het is moeilijk om jonge Nederlandstaligen te vinden die zich willen engageren.

Staat er geen nieuwe generatie Vlamingen klaar om de fakkel over te nemen?
Dehing-Van den Broeck: Jongeren worden tegenwoordig eerder aangesproken door groene partijen. Ik zie dat ook bij mijn kinderen en kleinkinderen. Nochtans kan je in alle partijen groen zijn. Wij hebben met CD&V ook geijverd voor propere lucht, natuur en fietsen.

Zowel CD&V als Les Engagés (ex-CDH) beleven een electorale neergang. Hebben ze nog een rol van betekenis in de steden?
Dehing-Van den Broeck: Ik vind van wel, ik word nog altijd aangesproken door de christelijke waarden. Solidariteit en rentmeesterschap zijn zeer actueel. CDH ziet het tegenwoordig breder en noemt zich Les Engagés. Ik vind dat een rare naamkeuze, iedereen die aan politiek doet is toch geëngageerd.

U hebt uw ontslagbrief nog steeds niet ingediend. Waarop wacht u?
Dehing-Van den Broeck: Ik wacht tot ik zeker weet dat diegene die de nieuwe burgemeester moet worden ook burgemeester wordt. In Ganshoren is altijd een onverwachte wending mogelijk. We hebben hier al veel meegemaakt.

Changement de décor in Ganshoren

Na de gemeenteraadsverkiezingen van 2018 sloot ProGanshoren (CDH (Les Engagés)/ CD&V en onafhankelijken) een coalitie met MR en Défi . Binnen ProGanshoren was er een deal dat Pierre Kompany de eerste drie jaar burgemeester zou zijn en Jean-Paul Van Laethem, die even voor de verkiezingen was overgestapt van de lijst van Michèle Carthé (PS) naar ProGanshoren, de laatste drie jaar. Ook Vlaamse schepen Marina Dehing-Van den Broeck (ProGanshoren/CD&V) stopt ermee. Zij zal vervangen worden door Philippe Beghin (ProGanshoren/CD&V), die momenteel voorzitter is van de gemeenteraad. 

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Meer nieuws uit Brussel

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?