longread

Aan huis gekluisterd en psychisch kwetsbaar: 'Dit is dubbel zo ellendig'

Zestiger Jos Van Melkebeek is normaal gezien altijd onder de mensen: "Eerst kon ik mijn 'kot' nog wat opruimen, maar na een paar dagen al begon de isolatie echt vervelend te worden."© Ivan Put

Zelfs voor de meest fervente optimist is wekenlange zelfisolatie een fikse opdracht. Mensen met een psychische kwetsbaarheid hebben het nog eens extra zwaar als de normale routine wegvalt. De ene heeft last van meer paniekaanvallen en kan de angsten niet onder controle houden, de andere voelt zich opgesloten. “Ik mis Brussel echt enorm.”

Hartkloppingen. Minder eetlust. Doorwaakte nachten. Voortdurend deurklinken en wasbakken willen schrobben. Voor Kaat (*) is de huidige periode van isolatie om het coronavirus in te dammen psychologisch bijzonder zwaar. Wanneer we haar op het afgesproken tijdstip telefoneren, neemt ze niet op. Ook sms'jes blijven onbeantwoord. Twee uur later belt ze terug. “Sorry, ik was in slaap gevallen.”

Kaat (53) neemt antidepressiva, heeft chronisch lage rugpijn en chronische vermoeidheid. En beleeft momenteel moeilijke momenten. “Zelfs voor mensen bij wie het heel goed gaat, is dit een lastige situatie. Voor mensen die het al moeilijk hebben om alleen te staan, is dit nog eens dubbel zo ellendig.”

Ze woont in het centrum van Brussel, en daar is ze nu meer dan ooit dankbaar voor. “Zo kan ik zelf mijn boodschappen nog doen. Ik heb geen familie in de buurt en geen mensen die me direct kunnen helpen. Ook echte vrienden heb ik niet. Ik had een maand of twee-drie geleden een buddy toegewezen gekregen, maar door het stormweer van de afgelopen maanden is die nog maar één keer kunnen komen.”

Loopneus

De weinige sociale/fysieke contacten die Kaat in het dagelijkse leven heeft, zijn door het coronavirus een voor een weggevallen. En dat valt haar zwaar. “Ik ga normaal elke week naar mijn kinesist in Oudergem, maar die wil niet meer dat ik kom, omdat ik daarvoor de metro moet nemen. In GC De Markten volg ik normaal pilates- en stretchles, maar die zijn stopgezet."

"Ook mijn tweewekelijkse bezoek aan de psychiater kan niet meer doorgaan, al heeft die wel al laten weten dat ik kan bellen.” Via Facebook Messenger en de telefoon houdt ze contact met familie en kennissen, en één keer per week belt ze met haar therapeut.

Evelien Chiau
© Ivan Put
| Evelien Chiau: “Paradoxaal genoeg doen de maatregelen bij mij juist een grote last van de schouders vallen"

“Vorige week had ik een loopneus, en maakte ik me grote zorgen. Ik behoor gedeeltelijk tot de risicogroep, omdat mijn immuunsysteem niet zo goed is. Ik had al een beetje een angstproblematiek, en dat is nu erg verslechterd.”

Evelien Chiau (29) uit Molenbeek is sinds de regering twee weken geleden de strijd tegen het coronavirus opschroefde ook alleen thuis, maar beleeft de situatie heel anders. “Paradoxaal genoeg misschien doen deze maatregelen bij mij juist een grote last van de schouders vallen.”

Zes jaar geleden zat Chiau er volledig door, en werd ze een tijd opgenomen in de psychiatrie. Daar leerde ze omgaan met haar borderline persoonlijkheidsstoornis, obsessief-compulsieve stoornis en paniekstoornis.

“Dankzij therapie en antidepressiva lukt het doorgaans goed om alles 'onder controle' te houden. Maar sinds een tijdje worstel ik met een depressie die het vooral de laatste weken moeilijk maakt om normaal te functioneren.” Chiau, die als content and communication manager werkt, was nog maar twee weken met ziekteverlof toen de “lockdown die de overheid zo niet wil noemen” begon.

Bekende situatie

“Ik ben heel graag op mijn eigen eilandje, en door mijn drukke leven heb ik zelfs geen huisdier”, zegt Chiau. “Ik ben graag bij anderen, maar daarna begin ik altijd te malen. Over wat ik nu weer gezegd heb, over hoe mensen dingen verkeerd kunnen interpreteren. Dat kost mij zó veel energie dat ik er nog moeilijk in slaag om andere dingen te doen. Dus probeer ik sociaal contact te vermijden, maar daar voel ik me dan ook weer schuldig over.”

Nu dat wegvalt, heeft Chiau wél ruimte in haar hoofd. “Het lukt me nu om kleine dingen te verwezenlijken. Ik neem bijvoorbeeld filmpjes op voor de kinderen die ik normaal gezien op zaterdagen in gemeenschapscentrum De Markten bewegingsateliers geef, en ik probeer elke dag gezond te koken.”

Dat zien de psychologen van het Centrum Algemeen Welzijnswerk (CAW) vaker, laat coördinator Lien Eeckelaers weten. “Sommige patiënten zeggen dat ze al in 'zelfisolatie' waren en dat dit dus een bekende situatie voor hen is.”

1702 Jos 1
© Ivan Put
| Jos Van Melkebeek: "Ik ben alleenstaand. Door mijn vrijwilligerswerk voel ik me nuttig als gepensioneerde, en zag ik tegelijk nog wat mensen"

Maar dat geldt niet voor Jos Van Melkebeek. De gepensioneerde marketeer uit Laken is normaal gezien juist de hele tijd onder de mensen. Jaren geleden had hij een alcoholprobleem, en daardoor kwam hij destijds terecht bij het Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg (CGG) aan de Houba de Strooperlaan.

Als hij daar geen kleine klusjes uitvoert, onderhoudt hij de tuin van Villa Samson van het UZ Jette of haalt hij er patiëntjes op die de dieren van Villa Samson mogen ontmoeten. Twee keer per week deelt hij gewoonlijk soep uit in de ontmoetingsruimte van een psychiatrische instelling, en op maandagen roert hij mee in de kookpotten van een lokaal dienstencentrum. “Door al dat vrijwilligerswerk doe ik als gepensioneerde toch iets nuttigs, vooral voor mensen die het moeilijk hebben. En ik ben alleen, zo zie ik tegelijk nog wat mensen.”

Nu ontmoetingsruimtes verplicht dicht zijn, is overal de pauzeknop ingedrukt. Van Melkebeeks sociale leven is plots ingeperkt tot boodschappen doen in de dichtstbijzijnde supermarkt, en een occasioneel bezoek aan de automaten van zijn bankfiliaal. “Voorlopig blijf ik dat zelf doen. Dan doe ik meteen de boodschappen mee voor wat oudere buren die sowieso niet veel buitenkomen.”

'Saaie boel'

De eerste drie-vier dagen onder de corona-inperkingen vond Van Melkebeek het nog wel leuk om eens op het gemak thuis te zijn. “Ik kon 'mijn kot' eens goed opruimen. Maar nu begint het vervelend te worden.”

Niet dat hij weer naar de drank verlangt, maar wel naar zijn actieve leven van tevoren. “Ik maak nu dan maar statistieken voor het CGG op mijn computer.En onkruid wieden in de tuin van Villa Samson is buitenwerk, hopelijk kan ik dat blijven doen. De Villa is tijdelijk dicht voor patiënten, maar is nu een plek waar zorgverleners even op adem kunnen komen.”

Van Melkebeek heeft afgelopen week zijn maandelijkse therapiesessie afgezegd, uit schrik voor het nieuwe coronavirus. “Ik ben 68, ik moet oppassen. Ik heb een paar weken geleden nog een bronchitis gehad, ik ben nu bang om buiten te komen.”

Soms mailt of sms't hij met de andere vrijwilligers van bij het UZ. “Het is erg belangrijk dat je je sociale contacten kunt behouden. Zeker omdat ik er als enkeling al niet te veel heb. De mensen van zowel het CGG als het buurtcentrum hebben me laten weten dat ik altijd mag bellen als ik er nood aan heb. Die contacten vind ik belangrijk. Het is niet zoals normaal, maar ze zijn er tenminste nog.”

Opgesloten

Ook Els Van Der Borght vindt de hele isolatie “een saaie boel”. Ze is een van de pechvogels die een jaar ouder zijn geworden in tijden van social distancing. Gelukkig wonen haar moeder en zus op de bovenverdieping van hetzelfde huis in Schepdaal, zodat ze voor haar 44ste verjaardag afgelopen week toch samen een taartje konden eten.

Maar verder voelt Van Der Borght, die een borderline persoonlijkheidsstoornis heeft, zich echt opgesloten. “Ik mis Brussel echt enorm.”

In normale tijden volgt ze immers twee keer per week therapie in een centrum in Vorst, en gaat ze evenveel keer naar Den Teirling in Elsene, een dagactiviteitencentrum voor mensen met een psychische kwetsbaarheid.

De drukte aan het Weststation, waar ze moet overstappen met het openbaar vervoer, is altijd “een verademing” voor haar. Ze houdt van de bedrijvigheid op de Hoog- en Blaesstraat, en de uitzichten op het koninklijk paleis als ze onderweg is naar Elsene. “Nu valt dat allemaal weg. Ik had daarnet de begeleiding van Den Teirling aan de lijn, maar dat is maar flauwtjes in vergelijking met elkaar in het echt zien.” Elke laatste dinsdag van de maand vieren ze in het dagactiviteitencentrum bovendien de jarigen, en die gezelligheid en aandacht liep Van Der Borght afgelopen week dus ook helaas mis.

“Door thuis te zitten heb ik meer last van paniekaanvallen. Dan krijg ik het benauwd in mijn borstkas, en begint het in mijn hoofd te malen. Wat als mijn 81-jarige moeder in het ziekenhuis belandt? Dan mogen wij vanwege corona niet op bezoek, en sterft ze misschien van eenzaamheid. En dan mogen we misschien geen begrafenis houden. Dan begin ik te hyperventileren, en moet ik medicatie nemen.”

Door die angsten laten Van Der Borght en haar zus hun moeder de deur niet meer uitgaan. “Mijn moeder is nog kwiek in de benen en wil graag naar buiten, maar ik doe nu de boodschappen voor ons allemaal. Het angstzweet staat me wel in de handschoenen als ik daarvoor de deur uitga.”

Drie dagen per week kan Van Der Borght haar gebruikelijke therapeuten telefonisch bereiken. “Op maandag en dinsdag zijn er anderen met permanentie, maar die ken ik niet en durf ik dus niet goed te bellen. Dat zijn voor mij dan ook de moeilijkste dagen. Ik ben bang dat ik de eenzaamheid niet zal blijven aankunnen.”

Dag per dag

Chiau was ook bang dat haar support system zou wegvallen. “De ene week volg ik gesprekstherapie bij een klinisch psycholoog, de week erop doe ik aan lichaamswerk bij een somatisch therapeute, die lichaamsdelen aanraakt om je te focussen op het loslaten van spanning en trauma's. Gelukkig lieten ze allebei weten dat ze via internet therapie willen geven.” De gesprekssessie heeft Chiau al achter de rug, en was wel te vergelijken met wat er normaal gezien 'in het echt' gebeurt. “Bij de therapeute, die mij normaal gezien aanraakt, ben ik wel benieuwd hoe ze het zal aanpakken.”

Van Der Borght probeert haar paniekaanvallen te bezweren door vaker langs te lopen bij haar moeder en zus. “Een paar keer per dag wel. Ik probeer om de paar dagen ook een van mijn vriendinnen van Den Teirling te bellen of te sms'en. Tegelijk denk ik dat dit nog heel lang zal duren. Ik kan me niet goed inbeelden hoe dat zal worden.”

Kaat in Brussel-centrum heeft de afgelopen weken alleen haar huisarts in levenden lijve gezien. Die wilde dubbelchecken hoe het met haar ging. “Het is heel, heel moeilijk voor mij,” zegt Kaat. “Ik probeer het dag per dag te nemen. Dag per dag, verder kijk ik niet.”

(*) achternaam bekend bij de redactie

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?