Hilde Sabbe: 'Je komt meer beslagen uit een ontslag'

Een leven lang als redacteur van een krant. En plots, boem patat, de deur gewezen. Het trof Hilde Sabbe, die het van zich af schreef in ‘Lessen uit een ontslag’. Herkenbaar voor zovelen en ongegeneerde werkelijkheid in de afslankende mediasector. En wat als Sabbe volgend jaar hoofdredacteur zou worden? Voor één uur lieten we de Dolly Parton van de Vlaamse columnisten in een glazen bol kijken.

‘I k kan het niet laten om ’s ochtends eerst de krant te lezen, The Bulletin en het buitenlandnieuws in de Vlaamse pers. Op het web ga ik amper. Ik ben geschoeid op oude leest en houd vast aan print. Herkenbaar voor 53-jarigen, zeker?” Hilde Sabbe aan haar keukentafel, vol kranten van voorbije dagen. Onder de open trap, een vlag met Che Guevara. “Van mijn zoon Mats,” lacht ze. ”Ik had er vroeger ook een. Zijn hart klopt op de goede plaats, al ben ik nog linkser dan hij.”

Wat doet een lange carrière in de media met een vrouw?
Hilde Sabbe: “Dertig jaar terug stond ik alleen als vrouw in de mannenwereld van de pers. Ik stond vijf jaar als germaniste (UGent) in de klas, maar kapte ermee. Zonder journalistieke ervaring – opleidingen bestonden nog niet – startte ik bij de gewestelijke editie Kortrijk-Waregem-Menen van Het Nieuwsblad. Mijn eerste baas heeft het drie maanden vertikt om mij een opdracht te geven. Al zat ik elke week in de redactievergadering. Tot hij op een historische vergadering zei: ‘Ik heb iets voor u. Op het stationsplein zitten trekvogeltjes, die hier nog nooit gesignaleerd zijn. Misschien kan jij dat uitzoeken?’ Kort nadien is hij overleden.”
“Bij zijn opvolger mocht ik wel meedraaien. Toen startte The long and Winding Road richting Brussel, waar ik in 1995 voor de cultuurredactie begon in Groot-Bijgaarden. Toen al vroeg Het Nieuwsblad zich de ene week af ‘moeten we een populaire krant zijn?’ en de andere week ‘of liever highbrow?’”

Wat dreef u om de journalistiek trouw te blijven?
Sabbe: “De vijf jaar bij De Morgen (1997-2002) zijn nog altijd de beste van mijn leven. We haalden toen een oplage tot 70.000 exemplaren. Nooit meer heb ik zo een concentratie van talent en enthousiasme gezien. Allemaal mensen met een ongelooflijke metier. Koppen als Ruud Goossens en Filip Rogiers (nu bij De Standaard, red.) tot Walter Pauli (nu bij Knack, red.) maakten er deel uit van de gezamenlijke gedrevenheid om iedere dag ‘de beste krant’ te maken. De teamspirit maakte dat niemand er naar een uur keek. Na het afsluituur van de krant ging dat nog even door op café bij de Turk.”
“De grote tragedie in de Belgische pers was de ontmanteling van De Morgen, toen ik er al weg was. De ziel van die krant werd eruit gesneden. Erger dan ontslagen worden, is dat mensen zelf opstappen, en dat gebeurde toen veel. Het hele DNA van een krant is toen vertrokken. Mensen liepen tegen de kar van Christian Van Thillo (CEO van De Persgroep, red.). Alles moest gestroomlijnd worden en ‘de vleugeltjes afgeknipt’. Het resultaat ligt daar. De Morgen is een gladdere krant geworden, veel minder kritisch. Gelukkig is ze digitaal wel present.“

U werd van de ene dag op de andere op straat gezet. De BMW-leasing kwijt en al de rest wat HLN u gunde.
Sabbe: “Drie maanden ben ik enorm boos geweest op Het Laatste Nieuws waar ik zo lang gewerkt heb (2002-2014, ook voor Flair, Libelle en Nina, red.). Ik zag niets aankomen en als enige reden van het ontslag kreeg ik ‘herschikking van de redactie’ te horen. Pas achteraf hoorde ik dat mijn betrokkenheid bij Movement X (burgerrechtenbeweging tegen uitsluiting, discriminatie en racisme, red.) in slechte aarde was gevallen. Het Laatste Nieuws was al lang geen typisch liberale krant meer. Er was ruimte voor afwijkende ideeën. Een standpunt in mijn column, zoals het verdedigen van de vakbond, werd gerust gedoogd. Ook al lag het niet in de redactionele lijn.”
“Plots wou een nieuwe hoofdredactie alle neuzen in dezelfde richting. Afwijkende standpunten in één medium werden plots verwarrend voor de lezer. In die zin waren een paar columns al ei zo na niet verschenen. Mijn vrijheid als columnist werd ingeperkt, maar naïef als ik was, dacht ik niet aan ontslag. Mijn oud-collega van De Morgen Gert Van Langendonck zei me: ‘In het buitenland zou het groot nieuws zijn dat een kritische en onafhankelijke columnist buitenvliegt omdat ze niet meer in de pas loopt.’”

Wat doet een ‘onverdiend’ ontslag emotioneel met de meest gelezen columniste?
Sabbe: “Het mocht niet baten dat mijn column in Nina populair was, in de krantencolumn werden die uitspraken liever niet geduld. Ik ben heel actief op Facebook (5.000 volgers, red.) en neem er sterke standpunten in. Iemand bij Het Laatste Nieuws hield er zich mee bezig om dagelijks een update van mijn Facebook-status te printen en op het bureau van mijn baas te leggen. ‘En dat schrijft dan voor Het Laatste Nieuws…’ klonk het dan. Ik denk niet dat het om zelfoverschatting ging, maar als de lezer met jouw column begint in een blad, dan ben je toch geen stoorzender.”
“Er zijn mensen die bij hun ontslag denken: ‘Eindelijk tijd om te doen wat ik altijd al wou, een B&B of zo.’ Maar ik deed gewoon wat ik graag deed. Het is vreemd dat de emotionele impact veel groter is dan de economische wetmatigheid waaraan velen dit toeschrijven. Het is het rare gevoel dat je niet meer van tel bent. En vooral dat je de keuze over werken en niet werken niet zelf hebt gemaakt. Het overkomt je als een soort natuurramp. Het haalt je zelfzekerheid onderuit.”
“Na mijn ontslag heb ik mijn tanden gezet in het verhaal van Benjamin Feys, die in Bolivië vrijgekomen was voor cokesmokkel en mij daarover aansprak (Meer dan coke, Uitgeverij Van Halewyck, red.). Nadien volgde mijn getuigenisboek van mensen die ontslagen waren, en die daar met enige reflectie op konden terugkijken (Lessen uit een ontslag, Van Halewyck, red.). Ik kwam op tips voor wie ontslagen wordt. Of hoe je best reageert om ontslagen mensen een hart onder de riem te steken. Een sms’je, mail, koffietje… Alles helpt.”

Ook Brussel Deze Week ligt op uw salontafel. Wat zou u met onze krant aanvangen?
Sabbe: “In mijn laatste jaren bij Het Laatste Nieuws hoorde ik voortdurend dat print voorbijgestreefd is en dat alles rond digitaal draait. Ik kijk uiteraard ook naar de website van De Standaard en The Guardian en ben actief op Twitter. Maar het liefst lees ik een papieren krant. Wat op papier gedrukt staat, is voer voor reflectie en analyse. Als ik hoofdredacteur van een krant was, zou ik die troeven veel harder uitspelen.”
“De focus op nieuws voor een geschreven krant is een verloren gevecht. Alles staat meteen online. Dus moet papier het hebben van analyse, duiding en columns. Je moet als krant ankerpunten hebben met de lezer. Je zoekt als lezer naar namen, zoals Yves Desmet van De Morgen. Mensen willen iets van mensen lezen die ze al jaren kennen en vertrouwen. Er wordt zoveel op het internet gegooid, dat je voelt dat de controle zoek is. Ik lees liever iets van iemand die vanuit een jarenlange bagage schrijft. Enig perspectief geeft meer houvast in deze tijden.”

Kan je als journalist nog veel bijdragen aan de maatschappij? De lezer lijkt zijn geloof in media te verliezen.
Sabbe: “Een goed journalist moet een baken zijn. Hij moet geen opiniemaker zijn, maar wel iemand die vertrouwen geeft. In de zin dat je erop kan rekenen dat alle feiten gecheckt werden en er geen onnauwkeurigheden in het stuk staan. Journalistiek gaat om vertrouwen dat gedeeld wordt. En als columnist – maar dat is iets anders, en dat geldt voor mij – is herkenning met anderen belangrijk. Ik heb het nooit verzwegen dat ik me veel zorgen maakte over mijn zoon, over mijn echtscheiding, over een nieuwe liefde. Als ik daarover schreef kreeg ik heel veel reacties van lezers: ‘Ik vind het mooi dat je dit schreef, want ik heb ook zo een gevoel en durf er met niemand over te spreken.’ Ik denk dat mensen zich door dit soort columns minder alleen voelen. Mensen denken te vaak: ‘Ik zal wel de enige zijn met…’”
“Als ik schreef dat Mats een slecht rapport had, reageerden velen met: ‘Ik ben zo blij dat jij dat durft schrijven en ik voel me daardoor niet meer zo alleen.’ Facebook botst met de realiteit. Het is alsmaar delen van vrolijkheid en foto’s waarop iets te vieren en te lachen valt. En dat terwijl er zoveel momenten in het leven zijn waarop het niet goed gaat. Daardoor beginnen mensen zelfs te denken dat ze de enige zijn met wie het niet loopt zoals op Facebook. De pers kan een hand reiken door te zeggen: weet dat er nog mensen zijn die een zootje maken van hun leven of die zich zorgen maken om hun kind. Vandaar dat het belangrijk is dat mediamensen en BV’s getuigen over borstkanker, coming-out, depressie of wat dan ook. Vandaar ook mijn boek. Ik kwam meer beslagen uit die ervaring.”
 

BDW-kerstinterviews 2015

Stadskrant Brussel Deze Week sluit het jaar af met zes kerstinterviews met Samira Laakel wiens dochter naar Syrië trok, CD&V-politicus Steven Vanackere, journaliste Hilde Sabbe, afscheidnemend artistiek directeur van de KVS Jan Goossens, Passa Porta-directeur Ilke Froyen en ex-dakloze Hugo Van Schuylenbergh. 

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?