Nieuwe studie brengt meertaligheid in kaart: 'Flink wat leemtes in Brussel'

© EhB

Brussel heeft een zeer divers palet aan meertalige initiatieven, maar wat ontbreekt is een online platform dat die informatie centraliseert. Dat blijkt uit een nieuwe studie over meertaligheid. Brussels minister Sven Gatz (Open VLD) zegt dat hij werkt aan zo’n platform.

In zijn visienota over meertaligheid had Gatz, bevoegd voor de Promotie van de Meertaligheid in het Brussels Gewest (Open VLD), eind 2019 bepaald dat er een cartografie moest komen, een studie waarbij de bestaande meertalige initiatieven in Brussel in kaart zouden worden gebracht en geanalyseerd.

Die studie, uitgevoerd door het Brussels Studies Institute van de VUB en de ULB, is er intussen. Ze werd vanmiddag gepresenteerd in de parlementaire commissie Financiën en Algemene Zaken.

De onderzoekers maakten een - onvolledige - inventaris van bijna honderd initiatieven rond meertaligheid, waarbij ze meertaligheid definiëren als de combinatie van Nederlands of Frans met een andere taal.

Vier categorieën

Omdat de variëteit aan initiatieven zo groot was, stelden ze vier categorieën op, te beginnen met alle opleidingen, gaande van taalcursussen en conversatietafels over immersieonderwijs tot middelen om een taal online te leren.

Voorts zijn er de tolkendiensten, woordenboeken van het Huis van het Nederlands en andere tools die meertaligheid ondersteunen.

Een derde categorie zijn de publicaties en initiatieven die informatie geven over meertaligheid of die meertaligheid promoten, het onderzoekscentrum Brio Brussel bijvoorbeeld, en ook het Marnixplan.

Tot slot zijn er de instellingen en organisaties die hun diensten in verscheidene talen aanbieden of die een meertalig aanbod hebben ontwikkeld. Zo bijvoorbeeld de MIVB die haar aankondigingen in de stations systematisch in het Nederlands, Frans en Engels doet.

Wim Vandenbussche, professor linguïstiek aan de VUB

“Er zijn dus al behoorlijk wat succesrijke initiatieven,” concludeert VUB-professor Wim Vandenbussche, een van de auteurs. “Meer nog, er is vandaag in Brussel een flink draagvlak voor meertaligheid. Brussel is niet meer het Brussel van de jaren 1970, 1980 en 1990, toen meertaligheid de stad verdeelde. Meertaligheid is vandaag een trait d’union. Dat geeft potentie.”

Wat wel ontbreekt, is een platform waarop alle initiatieven terug te vinden zijn. Minister Gatz beloofde dat dat platform er komt. “We hebben nu al Be Talky, maar dat is provisoir. Ik werk aan een stabiel platform, in samenwerking met het geplande Talenpunt van collega Clerfayt.”

Voorts stelden de auteurs vast dat er toch nog flink wat leemtes zijn. Volgens hen heeft het onderwijs, binnen de decretale beperkingen, nog veel ruimte voor innovatieve projecten. “Er zijn slechts vier middelbare scholen in het Brussels Nederlandstalig onderwijs die een CLIL-traject (Content en Language Integrated Learning) aanbieden en er zijn maar weinig universiteiten met echt meertalige programma’s.”

Ook de openbare besturen zouden vaker het goede voorbeeld kunnen geven. “Wat het onthaal van de gebruikers en de toegang tot informatie betreft, blijft tweetaligheid de regel.”

Idem voor de bedrijven die hun personeel zouden kunnen aanmoedigen om verder te gaan dan de klassieke tweetaligheid. Dat geldt ook voor de zorgsector die meer aandacht zou moeten hebben voor de meertalige noden van personeel en patiënten. Zo zijn er maar weinig ziekenhuizen met een sociale tolkendienst.

Leemte bij de media

En dan zijn er nog de inburgeringstrajecten die volgens de onderzoekers onvoldoende beantwoorden aan de meertalige leefwereld van de nieuwkomers. Een belangrijke leemte zit er ook bij de media. “BRUZZ is de enige uitzondering,” schrijft het rapport.”Meertalige media zijn een gat in de Brusselse markt.”

De inventaris bracht voorts een gebrek aan coördinatie tussen de communautaire overheden aan het licht. “Dit obstakel pleit ervoor dat het gewest de zaak naar zich toe zou trekken,” aldus de auteurs van het rapport.

Dat ziet Brussels parlementslid Gilles Verstraeten van N-VA echter niet zitten. “Volgens de huidige bevoegdheidsverdeling nemen de gemeenschappen de initiatieven. Als het gewest het meertaligheidsbeleid naar zich toetrekt, krijg je er een derde couche bovenop,” aldus Verstraeten. “Is het niet beter om goed samen te werken?”

Dat is Gatz alvast van plan. “Ik heb inzake meertaligheid een coördinerende functie. Ik heb al overlegd met de onderwijsministers in verband met de uitwisseling van taalleerkrachten. Die moet volgend jaar van start gaan.” Voorts gaat hij contact zoeken met de bedrijvensector, de culturele sector, de sportverenigingen en met zijn collega’s Maron en Van den Brandt voor de inburgeringstrajecten. “Ik zal laag per laag moeten werken, met om de drie maanden een nieuw element, om zo de meertaligheid in Brussel te laten vooruitgaan.”

Meertaligheid

Brussel is officieel een tweetalige stad, maar als internationale hoofdstad worden er nog honderden andere talen gesproken. BRUZZ volgt voor je op hoe inwoners en instanties daarmee omgaan.
Meer nieuws uit Brussel

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?