Taalniveau beginnende middelbare scholieren ondermaats

Bettina Hubo
© Brussel Deze Week
05/10/2011
Het gemiddelde taalniveau van de leerlingen die beginnen aan het Nederlandstalige middelbaar onderwijs in Brussel is ondermaats. Gemiddeld hebben de kinderen zowel voor woordenschat als voor begrijpend lezen ruim zeven schoolmaanden achterstand.

Een en ander blijkt uit de taaltesten van Broso, het Brussels Ondersteuningscentrum Secundair Onderwijs. Sinds 2005 laat Broso alle leerlingen van de 31 Nederlandstalige middelbare ASO-, TSO- en BSO-scholen in september een toets woordenschat en een toets begrijpend lezen afleggen. Dat gaat online, maar de test vergen nauwelijks computervaardigheden. Ze worden herhaald aan het einde van het schooljaar en ook nog eens in het tweede jaar.

Normaal gesproken zou een leerling in het begin van het eerste middelbaar een niveau van '60' moeten behalen. Dat getal stemt overeen met het gemiddelde groeiniveau na het lager onderwijs (zesmaal tien schoolmaanden).

In Vlaanderen wordt dit gemiddelde volgens Broso-coördinator Helga De Braekeleer doorgaans gehaald. In Brussel al een tijdje niet meer. Afgelopen schooljaar lag het gemiddelde van de Brusselse scholen voor woordenschat op 52,72 en voor begrijpend lezen op 52,60. Er werd met andere woorden een achterstand van ruim zeven maanden opgetekend. De resultaten per school zijn heel divers en variëren, bijvoorbeeld voor woordenschat van 39 (ruim twee schooljaren achter) tot 64 (vier maanden voor). Het Brussels onderwijs krijgt zowel de sterkste als de zwakste leerlingen over de vloer. Individueel is het verschil tussen de hoogste score (101, een voorsprong van vier jaar dus) en de laagste (32)zelfs zeven studiejaren.

Vakoverschrijdend
Broso-coördinator De Braekeleer wil niet te veel conclusies verbinden aan deze cijfers. "Je mag zeker de schuld niet bij het lager onderwijs leggen. Zij doen heel goed werk, maar krijgen elk jaar een moeilijker leerlingengroep." Broso gebruikt de cijfers dan ook alleen om de beginsituatie van elke school te kennen. "Op die basis kunnen wij beslissen hoe wij de leerkrachten en directie zullen ondersteunen."

De Broso-begeleiding is in de loop der jaren overigens gewijzigd. "Eerst ging al onze aandacht naar de lessen Nederlands, nu werken we vakoverschrijdend. We ondersteunen bijvoorbeeld ook de leerkracht wiskunde." Zo rendeert de begeleiding beter. Aan het einde van het eerste jaar, dus wanneer de leerlingen eigenlijk op niveau 70 moeten zitten, haalden de kinderen zes jaar geleden voor begrijpend lezen gemiddeld 53,78. Vorig jaar was de gemiddelde score gestegen tot 65,30. Die stijging is vooral te danken aan de vooruitgang die de leerlingen uit het ASO en TSO boeken. De kinderen van het beroeps hebben kennelijk minder baat bij de Broso-begeleiding. De Braekeleer: "Er is dus meer zorg nodig voor de zwakkere leerlingen. Zij hoeven na één jaar middelbare school geen 70 te halen, maar we moeten hen wel opleiden tot mensen die hun plaats in de maatschappij vinden."

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Samenleving

Lees ook

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie