Waarom Gronowski zijn verhaal blijft vertellen aan Brusselaars

Simon Gronowski© Ivan Put

Tientallen mensen luisterden gisteren in het Joods Museum naar Holocaust-overlever Simon Gronowski. Het verleden blijkt in sommige gevallen nog behoorlijk actueel.

“Kinderen horen niet in een gevangenis.” Simon Gronowski weet de link tussen het heden en het donkere Holocaustverleden direct te illustreren, wanneer hij tegelijkertijd verwijst naar de opgesloten Borgerhoutse Anna-Maria en haar gezin, en zijn eigen verhaal. “Ik zat tijdens de Tweede Wereldoorlog als kind in een gevangenis en het was verschrikkelijk.”

Dat Gronowski – voor hem vertelde ook al Régine Suchowolski hoe zij tijdens de Tweede Wereldoorlog ondergedoken zat – een begenadigd spreker is, mag duidelijk zijn. De voormalig advocaat houdt ook op deze vrijdagavond in het Joods Museum een volle zaal geboeid met zijn even hartverscheurende als heroïsche verhaal over hoe hij tijdens de tweede wereldoorlog uit een trein op weg naar Auschwitz sprong.

“Ik houd mijn mond niet”

In de zaal in het Joods Museum: jongeren uit Anderlecht, moeders uit Molenbeek, Roma en andere belangstellenden van uiteenlopende achtergronden. “Ik vind het belangrijk om hier bij te zijn, omdat we deze geschiedenis nooit mogen vergeten”, zegt Fadila Mezraui (56). Ze is een van de Molenbeekse moeders die later dit jaar onder begeleiding van vzw Foyer Auschwitz zal gaan bezoeken. “Deze geschiedenis mag zich niet herhalen, we moeten het respect voor het leven bewaren.”

Mezraui is moslima en vindt het belangrijk om haar kinderen te vertellen over de Holocaust. “Ik vertel mijn kinderen hierover omdat ik ze bepaalde normen en waarden wil meegeven en wil leren over menselijkheid. Ook hun vriendjes die bij ons over de vloer komen, weten alles over de Holocaust, want ik houd mijn mond niet.”

En dat blijkt nodig. Brussels staatssecretaris voor Gelijke Kansen Bianca Debaets (CD&V), ook bij de avond aanwezig, wees er op dat in verschillende buurlanden de kennis over de Holocaust behoorlijk zwak is: “Ik vind dat een ernstig signaal, net als de zaken die we in ons land gezien hebben in de reportage over Schild en Vrienden.” Ze stipte daarnaast het groeiende antisemitisme van vandaag aan en de wijze waarop in de jaren voor de Tweede Wereldoorlog de basis werd gelegd voor de Shoah.

Bianca Debaets (CD&V)

Unia trok in december vorig jaar nog aan de alarmbel over het groeiende antisemitisme in België en de rest van Europa. Ook de Brusselse Joodse gemeenschap ondervindt dat. En dan is er nog de plaats waar Gronowski vandaag zijn verhaal doet. De aanslag op het Joods Museum, waarvan het proces momenteel loopt, was vooralsnog de meest rechtstreekse en brute uiting van het hedendaagse antisemitisme.

“Saute, saute!”

De tachtiger vertelt levendig, helder en gedetailleerd. Hoe zijn moeder op een ochtend de Gestapo aan de deur van hun Brusselse huis treft. Hoe zijn vader op dat moment ‘gelukkig’ in het ziekenhuis ligt. Maar hoe hijzelf, door zijn moeder ‘le petit’ genoemd tegenover de soldaat, samen met zijn zus wel mee moet.

“Helden waren het. Drie helden.” Gronowski verwijst naar de drie verzetslieden die de trein waarin hij zat onderweg tot stilstand wisten te brengen. “Een wagon werd geopend en 17 mensen konden ontsnappen. Maar onze wagon bleef dicht.” De kleine Gronowski, 11 jaar op dat moment, valt in slaap in de armen van zijn moeder, terwijl de trein verder rijdt.

Plotseling maakt zijn moeder hem wakker. Ze zet hem voor de openstaande schuifdeur en houdt hem vast aan zijn kleren. Voor hem springen enkelen van de vertragende trein. “Saute, saute!", zei mijn moeder. Ik durfde eerste niet, maar uiteindelijk sprong ik toch.” Het is het laatste moment dat Gronowski zijn moeder ziet. Zij kan de sprong niet wagen en doordat de Duitsers de ontsnappingspoging opmerken, moet Gronowski vluchten.

Simon_Gronowski_vertelt
© Ivan Put

Rachid Guerbaoui (19) bezocht vorig jaar met onder anderen staatssecretaris Debaets de plaats waar zijn moeder uiteindelijk samen met zijn zusje terecht zou komen. “Indrukwekkend”, vond hij het. Natuurlijk had hij op school geleerd over de Holocaust en was hij voorbereid op het bezoek. “Maar om het dan echt te zien, dat doet je nadenken.” Hetzelfde geldt voor de getuigenissen van vanavond: “Je hoort nog eens hoe gruwelijk het geweest is. Alleen door dat te beseffen, wordt het mogelijk om zoiets in de toekomst te voorkomen.”

Huidige realiteit

Gronowski besluit zijn verhaal, dat na de sprong uit de trein zeker nog niet ten einde is. De zaal applaudisseert en gaat staan. Hoe vaak Gronowski zijn ontsnapping ook al uit de doeken gedaan heeft, hij blijft er door geroerd. “Ik overleefde, mijn moeder en zus niet.”

Terwijl we het Joods Museum verlaten, worden we nog maar eens aan de huidige realiteit, waar ook Gronowski naar verwees, herinnerd. We wachten in de sluis met het detectiepoortje waarlangs we ook binnenkwamen tot de ene deur dicht is en de andere weer open kan. Daarna groeten we de twee soldaten aan de deur: “Goedenavond.”

Aanslag Joods Museum

Op zaterdag 24 mei 2014 kwamen vier mensen om het leven toen een man het Joods Museum binnenstapte en begon te schieten. Een week na de aanslag werd in Marseille een eerste verdachte, Mehdi Nemmouche, opgepakt.     

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Oproep: Lees of reageer je wel eens op online comments, op nieuwssites of social media? Wil jij bijdragen aan een constructief online debat? Doe dan nu mee met het RHETORiC-onderzoek en ontvang een waardebon. Meer info en inschrijven.

Lees ook

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?