250 coronaslachtoffers uit Brusselse woonzorgcentra ontbreken in statistieken

© PhotoNews
| Brussels Minister Alain Maron (Ecolo) geeft op 12 maart 2020 toelichting voor de pers bij de coronabesmettingen in rusthuis Ter Kameren in Watermaal-Bosvoorde.

De komende weken zullen de officiële coronastatistieken zeker 250 doden uit Brusselse woonzorgcentra extra tellen. Het Belgisch instituut voor Volksgezondheid Sciensano heeft een achterstand opgelopen in de telling. En dan nog zijn de officiële cijfers een onderschatting, omdat de Brusselse rusthuizen minder goed hun cijfers doorgeven dan in Vlaanderen of Wallonië.

Er zit een wezenlijk verschil op de cijfers van het aantal overlijdens in de Brusselse woonzorgcentra. Het kabinet van GGC-collegelid bevoegd voor Welzijn Alain Maron (Ecolo) sprak vrijdag van in totaal 448 doden sinds het begin van de uitbraak van het coronavirus. Daarvan zijn er 194 personen effectief getest en is er voor 254 mensen een sterk vermoeden van besmetting.

Bij het Belgisch instituut voor Volksgezondheid, Sciensano, noteren ze in totaal slechts 196 overlijdens uit Brussel (zie onderstaande afbeelding). Nochtans telt Sciensano ook alle overlijdens waarbij sterke vermoedens zijn van het coronavirus, maar waarbij de overledenen niet getest zijn.

Aantal overlijdens in woonzorgcentra
© Sciensano
| De tabel met overlijdens in de Belgische woonzorgcentra van het Belgisch instituut van Volksgezondheid Sciensano telt momenteel 196 Brusselse coronaslachtoffers. De kans is groot dat daar de komende weken nog zo'n 250 sterfgevallen bijkomen.

Waarom tonen de officiële cijfers, die elke dag worden voorgesteld, dan maar de helft van de reële overlijdens in de Brusselse woonzorgcentra? "Sciensano is iets later gestart met het vrijgeven van overlijdens, met als gevolg dat hun eindtotaal een stuk lager ligt. Het is niet zo dat zij de vermoedelijke gevallen in de Brusselse woonzorgcentra wegfilteren. Ook zij maken net als ons de optelsom van vastgestelde en waarschijnlijke besmettingen. Van zodra Sciensano met aantallen naar buiten is gekomen, hebben wij ons ook meteen gebaseerd op hun data”, legt woordvoerder van Alain Maron Pascal Devos uit.

‘Grondige procedure zorgt voor achterstand’

Bij Sciensano bevestigen ze inderdaad dezelfde werkwijze te hanteren als op het departement van Maron. Als reden voor het ontbreken van 250 COVID 19-slachtoffers verwijst woordvoerster Lieke Vervoort naar het dubbelchecken van de cijfers wanneer die het instituut bereiken.

“In geen geval zijn wij pas op een later moment het aantal overlijdens beginnen bijhouden. Maar de opmaak van onze statistieken vergt een iets tragere, maar vooral grondigere procedure. Dat is nodig omdat Sciensano de enige officiële instantie is voor het verspreiden van gezondheidscijfers. Daardoor zitten we met een achterstand tegenover de getallen die de Brusselse overheid communiceert.”

Lagere participatiegraad

Dat betekent dat het aantal officiële coronaslachtoffers, zoals hierboven weergegeven in de tabel van Sciensano, de komende weken nog fors zal oplopen. Dat staat momenteel op 1.417 voor het hele land, maar daar moeten naar alle waarschijnlijkheid dus nog zo’n 250 Brusselse sterfgevallen bijkomen.

En dan nog blijft dat een onderschatting. Naar schatting zou er maximum 82 procent van de 146 woonzorgcentra in de hoofdstad gegevens doorgeven. Daarmee doet Brussel slechter dan zowel Vlaanderen als Wallonië, waar de gemiddelde participatiegraad per dag een stuk hoger ligt (lees verder onder deze grafiek).

Participatiegraad
© Sciensano
| In vergelijking met Vlaanderen en Wallonië beschikt Sciensano gemiddeld over veel minder informatie van de Brusselse woonzorgcentra dan in de rest van het land. Maar een specifieke verklaring daarvoor is er volgens woordvoerster Lieke Vervoort niet.

Dat wil zeggen dat zowel voor het zuiden als het noorden van het land Sciensano kan terugvallen op cijfers van meer rusthuizen en daarvoor dus betrouwbaardere data kan voorleggen. Het is dus niet ondenkbaar dat het totale aantal overlijdens ook met de extra 250 slachtoffers nog ruim onder de reële dodentol zit.

"Dat klopt, maar een specifieke verklaring daarvoor is er niet. We weten niet waarom de gegevens van de Brusselse woonzorgcentra in vergelijking met de rest van het land minder snel hun weg vinden naar onze databank", blijft Vervoort het antwoord schuldig. Bij Iriscare, het overkoepelende platform van de Brusselse zorgsector, is voorlopig niemand bereikbaar om het probleem te kaderen.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Meer nieuws uit Brussel

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?