interview

Directeur Instituut Natuurwetenschappen hekelt politieke onverschilligheid

Camille Pisani, afscheidnemend directeur Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen.© Saskia Vanderstichele

“Het verschil met Frankrijk? Daar is de nationale overheid trots op het eigen wetenschappelijk onderzoek. Hier is die fierheid op federaal niveau verdwenen.” De Française Camille Pisani stopt na veertien jaar als directeur van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen (KBIN). Een afscheid met gemengde gevoelens.

Wat is het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen?

  • Opgericht in 1846
  • Doet onderzoek en bewaart de nationale collecties antropologie, zoölogie en geologie, in totaal 37 miljoen specimen
  • Een deel ervan wordt tentoongesteld in het museum, zo bijvoorbeeld de skeletten van de iguanodons van Bernissart
  • Is één van de tien Federale Wetenschappelijke Instellingen

Wie is Camille Pisani?

  • Geboren in 1954
  • Franse nationaliteit
  • Ingenieur en doctor in de wetenschappen
  • Werkte in de Cité des Sciences, het Museum d’Histoire naturelle en het Musée de l’Homme in Parijs w
  • Werd in 2005 algemeen directeur van het KBIN
  • Legt eind april haar functie neer

Pisani heeft nog een paar razenddrukke weken voor de boeg voor ze eind april afscheid neemt van het Instituut en Museum voor Natuurwetenschappen in de Vautierstraat.

In 2005 werd ze, na een indrukwekkende carrière in verschillende Franse wetenschapsmusea, als eerste buitenlandse aangesteld om een Belgische Federale Wetenschappelijke Instelling (FWI) te leiden. Veertien jaar later laat ze een stevige onderzoeksinstelling met internationale faam na en kan ze terugblikken op heel wat gloriemomenten: de opening van de nieuwe galerij van de dinosaurussen in 2007, de opening van de nieuwe galerij van de evolutie in 2009, de opening van de galerij van de mens in 2015.

Maar de geplande galerij over biodiversiteit, de laatste etappe van de renovatie, is niet klaar, en dat schuurt. Vanuit haar imposante, met hout beklede directiekantoor kijkt Pisani uit op de kloostervleugel waar de nieuwe zaal moet komen. De bedoeling was dat de verbouwing afgerond zou zijn voor haar vertrek. “De werken liggen al anderhalf jaar stil, een calvarie,” zucht ze. “En wij kunnen niets doen.”

De dinosaurussen in het Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen
© PhotoNews
| De dinosaurussen in het Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen.

U nam de leiding van het KBIN over in 2005. Moest u bij aankomst hard wennen aan het Belgische museum- en wetenschapslandschap?
Camille Pisani: Dat viel mee. Het maken van een tentoonstelling en het bewaren van een collectie verloopt in Brussel en Parijs op ongeveer dezelfde manier. Idem voor het onderzoek. Maar van de organisatie van het wetenschaps­beleid in België begreep ik aanvankelijk heel weinig. De verhouding tussen de minister en de administratie is anders, het wettelijk kader is anders, zelfs de regels voor de veiligheid zijn anders.

Vond u het moeilijker werken dan in Frankrijk?
Pisani: Integendeel, in het begin was het makkelijker omdat de regels om het budget aan te wenden hier eenvoudiger, soepeler en efficiënter waren. Ik kon mijn budget op langere termijn beheren en ik kon zelf tijdelijke medewerkers aanwerven.
Mijn eerste vijf jaren waren uitzonderlijk gelukkig. Het museum was volop in vernieuwing. We openden de galerij van de dino­sauriërs en dat was meteen een groot succes.

Camille Pisani afscheidnemend directeur Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen

Die gouden tijden bleven niet duren?
Pisani: Helaas niet. Met de jaren hebben de Federale Wetenschappelijke Instellingen minder manoeuvreerruimte gekregen, minder vrijheid, minder autonomie. In 2008 brak de financiële crisis uit en na de regeringscrisis van 2010 begonnen de drastische besparingen. De afgelopen vijf jaren waren het ergst. Ons personeelsbudget kromp met twaalf procent, onze werkingsmiddelen met twintig procent. Bovendien viel er nog een andere verrassing uit de lucht: de opgebouwde financiële reserves mogen we niet meer gebruiken. Vroeger kwamen die van pas om een zaal opnieuw uit te rusten of een onverwachte tegenvaller op te vangen, een elektronische microscoop van 300.000 euro die stuk ging bijvoorbeeld.

Camille Pisani, afscheidnemend directeur Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen
© Saskia Vanderstichele
| Camille Pisani, afscheidnemend directeur Instituut voor Natuurwetenschappen, hekelt de politieke onverschilligheid voor wetenschappelijk onderzoek.

Brengen die nieuwe maatregelen en besparingen het wetenschappelijk onderzoek in gevaar?
Pisani: Inderdaad. Wegens de besparingen is onze research steeds meer afhankelijk van externe fondsen. Om de onderzoeksprojecten die we binnenhalen tijdig te kunnen uitvoeren, moeten er snel technici kunnen worden ingezet, Zelf mogen we hen echter niet meer aanwerven, het moet nu via Selor. Maar dat kan maanden duren. Dat kan niet.

Camille Pisani Dinomuseum BRUZZ ACTUA 1655
© Saskia Vanderstichele
| Camille Pisani, afscheidnemend directeur van het Belgisch Koninklijk Instituut voor Natuurwetenschappen.

Er zijn al lang plannen om de tien Federale Wetenschappelijke Instellingen te hervormen. Nodig?
Pisani: Wat zeker nodig is, is dat een instelling zoals de onze autonoom kan beslissen over personeel, budget en gebouw. Zo gaat het bij mijn collega’s in Berlijn, Londen, Parijs en Leiden.
Voor ons gebouw zijn we nu volledig afhankelijk van de Regie der Gebouwen.

Je kan het vergelijken met een huurder die een eigenaar heeft die overbelast is doordat hij te veel eigendommen heeft. Die moet ook heel lang wachten op de reparatie van een lek. Wij hebben hier momenteel lekkages in de zalen, de hele entree van het museum is schabouwelijk en de werf voor de geplande zaal van de biodiversiteit ligt helemaal stil.Drie jaar geleden werd het museum geëvalueerd door een internationale commissie. Haar conclusie vat de hele problematiek samen: an outstanding offer in an outdated shell.

Is dat ook de reden dat u vervroegd opstapt?
Pisani: Ik stop in de eerste plaats om familiale redenen. En ik stap ook niet echt vervroegd op, ik heb de pensioengerechtigde leeftijd bereikt. Maar het klopt dat ik mijn laatste mandaat niet helemaal uitdoe. Ik had nog een verlenging kunnen aanvragen.Toen ik daarover afgelopen herfst een beslissing moest nemen, stelde ik vast dat er de afgelopen jaren alleen besparingen waren geweest. Er was geen interesse van de regering, geen project voor deze instelling. We zijn tot op het bot uitgekleed. In die omstandigheden nog vier jaar aanblijven zag ik niet zitten. Nochtans vind ik het KBIN een formidabele instelling, net omdat ze ondanks die weerstand toch altijd maar door blijft gaan. Maar de mensen zijn moe, het absenteïsme stijgt. De meest toegewijde medewerkers raken ontmoedigd.

De dinosaurusgalerij in het Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen werd met succes gerenoveerd in 2007
© PhotoNews
| De dinosaurusgalerij in het Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen werd met succes gerenoveerd in 2007.

Heeft de Franse overheid meer respect voor het natuurwetenschappelijk onderzoek?
Pisani: Ja. In Frankrijk is de nationale overheid nog fier op het wetenschappelijk onderzoek. Die trots is hier onbestaande, althans op federaal niveau. In de Vlaamse en Franse gemeenschap is er hiervoor wel respect. De federale overheid ziet het vooral als middel ten dienste van de eigen bevoegdheden.

Toegepast onderzoek over justitie of veiligheid krijgt wel waardering, fundamenteel onderzoek, bijvoorbeeld naar de menselijke evolutie, niet.De federale overheid zou de onderzoekers van de wetenschappelijke instellingen moeten steunen, zodat ze prestigieuze beurzen in de wacht slepen en uitblinken op wereldniveau. Alleen op die manier speel je mee in de Champions League. Maar niemand wil een Champions Leagueteam maken van dit museum. En dat is absoluut zonde, want hier is een ongelooflijke rijkdom.

Laten we het over de fenomenale collectie hebben. Wordt die inter­nationaal voldoende naar waarde geschat?
Pisani: Neen, zelfs de Belgen weten niet dat zich hier de schitterendste paleontologische collectie ter wereld bevindt. Eigenlijk is de hele paleontologie eind negentiende eeuw in België ontstaan. Aanleiding was de vondst in Bernissart van 29 intacte skeletten van iguanodons. Op een na zijn die allemaal hier.

De huidige populariteit van de dino’s is volledig te danken aan die opgraving. Zonder Bernissart, geen Jurassic Parc. Voor die tijd groef men wel eens een enorm bot op, maar men kon zich niet voorstellen van wat voor soort dier het was. Na de vondst begreep men hoe de dinosaurussen liepen, hoe ze aten, hoe ze leefden.

Camille Pisani Dinomuseum 3 BRUZZ ACTUA 1655
© Saskia Vanderstichele
| Camille Pisani.

Hoe komt het dat dat niet internationaal bekend is? Onder de 300.000 à 330.000 bezoekers die hier de afgelopen jaren over de vloer kwamen, is maar een beperkt aantal buitenlanders.
Pisani: Er zijn verschillende redenen. Om te beginnen heeft het met de stad en het land te maken. België is klein en jong. Men verwacht hier geen collectie die groter en belangrijker is dan die van Berlijn of New York. Tweede reden: de Fransen zijn misschien pretentieus, maar ik vind de Belgen soms te bescheiden, waardoor ze zichzelf in de voet schieten. Waarom niet van de daken schreeuwen dat hier een wereldcollectie is? De iguanodons zijn een geweldige troef, die te weinig wordt uitgespeeld.

Hebt u dat de afgelopen veertien jaar dan niet gedaan?
Pisani: We hebben zeker geprobeerd om onze galerij van de dinosaurussen in de kijker te zetten, maar ik heb nooit het geld gehad om een internationale campagne te lanceren. Trouwens, om de wereld te laten weten hoe belangrijk de vondst van Bernissart was, volstaat het niet om overal ter wereld affiches op te hangen. Je moet het opnemen in het onderwijsprogramma, het moet deel worden van het discours van de beleidsmakers van de stad, van de toeristische diensten. Alleen op die manier overtuig je de wereld dat Brussel de stad is van de Grote Markt, het Atomium én de iguanodons.

Camille Pisani afscheidnemend directeur Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen

Ondertussen swingen de prijzen van dinobotten de pan uit doordat rijke privéverzamelaars er op veilingen recordbedragen voor neertellen. Kan het KBIN zijn paleontologische collectie nog makkelijk uitbreiden?
Pisani: De naturalia zijn inderdaad begeerde objecten geworden, eerst in Amerika, nu ook in Europa. Als er een fossiel aangeboden wordt bij Sotheby’s kunnen wij niet meedingen. Een gave T.Rex kost makkelijk vijf miljoen euro. Dat krijgen wij nooit bijeen. Er bestaat hier ook geen filantropische traditie zoals in de States.

Sowieso hebben wij nul euro aankoopbudget. Onze collectie groeit alleen nog door eigen veldwerk en giften. Onlangs kregen we nog een meteoriet aangeboden.

De huidige tijdelijke tentoonstelling gaat over beren en teddyberen. Daarvoor was er de expo Apenstreken. Iets langer geleden was er Babydieren. Allemaal leuke en lichte onderwerpen, geliefd bij families. Is dat de manier om natuurwetenschappen sexy te maken?
Pisani: Wij hebben de laatste jaren weinig expo’s zelf gemaakt. De meeste werden overgenomen van buitenlandse musea of samen met een partner ontwikkeld. Wij hadden niet de intellectuele kracht om zelf tentoonstellingen te maken omdat al onze creativiteit op dit moment gaat naar de opbouw van de nieuwe permanente tentoonstelling over biodiversiteit, waarvan het gebouw dus nog niet klaar is.
Waarom bij die tijdelijke expo’s gekozen wordt voor populaire thema’s heeft ook weer te maken met geld. Er is namelijk geen structurele financiering voor deze tentoonstellingen. De uitgaven moeten dus volledig gedekt zijn door inkomsten. We kunnen alleen iets doen waarvan we zeker weten dat het een succes wordt.

Ik vind het heel jammer dat we niet het budget hebben om om de zoveel jaren ook eens een wat diepgaandere, risicovollere, ambitieuze expo te maken over een moeilijker thema, de klimaatverandering bijvoorbeeld. Want ook dat is de taak van het KBIN.

Hoe wordt uw opvolging geregeld? U was een van de laatste benoemde directeuren. De meeste FWI’s moeten het al een hele tijd stellen met een interimdirecteur.
Pisani: Een directeur benoemen kan niet met een regering in lopende zaken. Het vergt een hele procedure. Hier komt dus ook een ad interim.

U zal weer voornamelijk in Parijs wonen. Wat vond u van Brussel?
Pisani: Een stad met veel ambiance. Ik ben vooral dol op de theaterscene, die heel rijk en inventief is. Wat ik miste, zijn de vele cinema’s in Parijs en ook het uitgebreide metronetwerk. Heel bijzonder aan Brussel is dan weer de enorme diversiteit aan talen. Als iemand je aanspreekt, weet je nooit in welke taal het zal zijn. Niet Parijs, maar Brussel is de echte kosmopolitische stad.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees ook

Nieuws uit Brussel in je mailbox?