Dertig jaar Brussels Jazz Orchestra: tien kantel- en hoogtepunten

Tom Peeters
© BRUZZ
15/02/2023

Frank Vaganée, artistiek leider Brussels Jazz Orchestra.

Op 7 maart 1993 gaf het Brussels Jazz Orchestra zijn eerste concert in de Sounds jazzclub in Elsene. Alvorens dertig kaarsjes uit te blazen en het feestjaar live in te zetten, blikt artistiek leider Frank Vaganée terug op tien kantel- en hoogtepunten. Al geeft hij ook aan hoe relatief het allemaal is. “Dan kom je thuis van de Grammy's en ligt er een boodschappenlijstje voor de Colruyt op tafel.”

Meer weten over Brussels Jazz Orchestra?

  • 1993: oprichting Brussels Jazz Orchestra
  • 7 maart 1993: eerste concert in de Sounds jazzclub in Elsene
  • Tussen 1997 en 2021 verschijnen 24 albums
  • 2006: Laureaat Cultuurprijs Vlaanderen
  • 2012: Oscarwinst voor de score van The Artist
  • 2013: twee Grammynominaties voor het album Wild Beauty

Het fundament van het Brussels Jazz Orchestra (kort: BJO) freelancete ooit bij het BRT Jazzorkest. “Toen dat in 1987 werd opgedoekt, bleven amper kansen over om als jazzmuzikant ervaring op te doen in een groter professioneel ensemble, toch een essentieel deel van de jazz,” zegt saxofonist en artistiek leider Frank Vaganée (56). “Dus hebben we er zelf maar een uit de grond gestampt.” Voor de gelegenheid hebben we ons neergevlijd aan een tafeltje in Flagey, waar de vzw achter BJO nog steeds haar maatschappelijke zetel heeft. Boven in Studio 6 kwam Vaganée als jonge twintiger geregeld een ziek uitgevallen muzikant van het BRT Jazzorkest vervangen. Hier is met enkele generatiegenoten de kiem gelegd voor het orkest waarvan de leden intussen zijn uitgezwermd over het hele land – nog welgeteld één bandlid woont in Brussel. Over de naam, die twee weken voor dat eerste concert werd gekozen, is even discussie geweest, herinnert Vaganée zich. “Sommigen vonden Brussels Jazz Orchestra te politiek, maar zo zag ik het niet. Voor mij was Brussel de hoofdstad van Vlaanderen, België en Europa. Het was de belangrijkste jazzstad van het land én onze uitvalsbasis.”

“Originele muziek kopiëren, willen weten waarom die muzikanten dat zo speelden, was een enorme leerschool”

Frank Vaganée, artistiek leider Brussels Jazz Orchestra

Leren kopiëren in de Sounds

Frank Vaganée: “We lanceerden onszelf in de Sounds omdat Octurn, het ensemble waarmee we enkele muzikanten deelden, daar ook speelde. Van uitbater Sergio Duvalloni mochten we er om de twee weken optreden. Als een soort van workshoporkest reproduceerden we bestaande arrangementen van de grote orkesten van onze voorbeelden: Thad Jones, Bob Brookmeyer, Bill Holman. Meer dan de bestaande amateur- en semiprofessionele orkesten wilden we die muziek tot in de puntjes beheersen. Ik zie me thuis de arrangementen van Brookmeyers 'The American Express' nog noot per noot uitpluizen. Door minutieus te luisteren ontdekte ik zaken die ik op de gedrukte partijen niet kon terugvinden. Die originele muziek kopiëren, willen weten waarom die muzikanten dat zo speelden, was een enorme leerschool. We bouwden snel een zekere reputatie en een publiek op. De bescheiden 8.000 Belgische franken (200 euro) die we per avond verdienden, stopten we in een pot waarmee onkosten, een vervanger of een arrangement betaald werden. Toen de muzikanten begonnen te morren dat dat te weinig was, ook omdat ze hun eten en drank uit eigen zak moesten betalen, zei Sergio: 'Ik kan jullie allemaal twee bonnetjes geven, maar dan is het maar 6.000 frank.' (Lacht)”

Loon naar eigen werk

“BJO deed het natuurlijk niet voor het geld, maar het begon toch te wringen. We speelden nog een tijdje op de Gentse Korenmarkt, maar het werd snel duidelijk dat we een volgende stap moesten zetten. In 1996 hebben we onze vzw opgericht, zodat we projectsubsidies konden aanvragen voor een eerste kleinschalige tournee in de culturele centra. Op basis van die projectsubsidie konden we onze muzikanten voor het eerst een loon uitbetalen. Links en rechts begonnen we intussen aanbiedingen te krijgen. Naar aanleiding van de twintigste verjaardag van Les Lundis D'Hortense speelden we in Bozar voor het eerst originele muziek in plaats van aangekochte arrangementen.”

Folieke met Toots

“De Sounds was intussen vooral een repetitieplek geworden. In 1997 repeteerden we er voor Jazz à Junas, ons eerste buitenlandse concert. Ook Toots was erbij. Het festival vond plaats in een steengroeve in de Var. Het podium was uitgehouwen, maar had geen dak. Heel pittoresk, maar de soundcheck was nog maar net begonnen of het begon hevig te onweren. Ik zie de pianist nog onder zijn piano kruipen, terwijl wij allemaal met onze instrumenten, pupiters en partituren van het podium renden. Alleen Toots bleef achter op zijn kruk. Men had er niets beter op gevonden dan hem en zijn gitaar in te wikkelen in folie. Hilarisch was dat, maar toch ook gevaarlijk. Zelf verroerde hij geen vin, rustig wachtend tot het gedonder en gebliksem voorbij was en men hem opnieuw kon uitwikkelen.”

Een nieuw tijdperk

“In 1999 werden we structureel erkend en werd het echt serieus. Eerst had de commissie onze subsidievraag nochtans afgewezen. Ze vond onze muziek niet van deze tijd. Ik herinner me mijn repliek nog waarin ik opmerkte dat jazz op dat moment zelfs nog geen 100 jaar oud was, terwijl klassieke muziek toch al dik 500 jaar meeging. Toen Koen Maes een jaar later zakelijk leider werd, hebben we nog een extra stap vooruit gezet, ook in het buitenland. Gingen onze paperassen eerst nog mee naar zijn kot in Gent, zijn ouderlijke huis in Lummen of zijn appartement in Evere, dan hielden we vanaf 2002 kantoor in het gerenoveerde Flageygebouw. Op de openingsavond speelden we Flagey, a new era, een vierdelige compositie van Michel Herr over Flagey door de jaren heen, van de hoogdagen over de teloorgang tot de wederopstanding. Op dat moment lag ons eerste concert in New York al achter de rug. Kenny Werner had ons getipt bij de International Association for Jazz Education. We speelden in het Sheraton Hotel, maar hadden niet het budget om daar ook te overnachten en kampeerden in het Riverside Tower Hotel, met vier op één kamer, waarvan de deur niet open kon als we allemaal in bed lagen (Lacht).”

Heroïek op Middelheim

“Een van onze heuglijkste concertavonden was de openingsdag van Jazz Middelheim 2001. We speelden achtereenvolgens een set met Bert Joris, Maria Schneider en met Maria en Toots, telkens 75 minuten. Die avond spreekt vandaag nog tot de verbeelding, ook omdat het bloedheet was en daardoor een constant gevecht om onze instrumenten gestemd te krijgen, waarvan we nog extra gingen zweten (lacht). Het was zwaar om geconcentreerd te blijven, maar als orkest zijn we we daar twintig keer sterker uitgekomen. Vooral van Maria heb ik toen veel geleerd. Zij doet me telkens inzien hoe je muziek tot leven brengt. Het gaat om energie en balans, niet om noten. Die moet je kennen voor je aan de pupiter komt zitten op de repetitie.”

The Artist, Oscarwinnende film uit 2012 met muziek van Brussels Jazz Orchestra_(c)_BJO

The Artist, Oscarwinnende film uit 2012 met muziek van Brussels Jazz Orchestra.

Een Oscar die uit de lucht viel

“Eigenlijk was het nooit de bedoeling dat we op de score van The Artist zouden staan. Maar door een rechtenkwestie konden de producers plots geen beroep meer doen op de muziek van Benny Goodman. Toen heeft Brussels Philharmonic ons getipt. We hadden in 2009 al eens samengewerkt. Maanden later hoor ik op de radio dat de film genomineerd was voor de Golden Globes. Tiens, was dat niet die film waar wij …? Toen we na een César ook de Oscar voor beste score wonnen, gingen we ook bij een breder publiek en in de mainstream media over de lippen. Een week later speelden we zes avonden op rij met Kenny en Chris Potter in de Blue Note jazzclub en werden we op billboards plots aangekondigd als 'Oscar winning Orchestra'.”

Zwaantjes redden de Grammy's

“Artistiek waren onze Grammy-nominaties voor Wild Beauty belangrijker dan die Oscar die uit de lucht kwam vallen. Dit keer mochten Koen en ik wel naar Los Angeles, al werden de awards voor jazz niet uitgereikt in dezelfde zaal als de grote popsterren. Ineens zat ik daar tussen mijn helden. Omdat ik de avond voordien nog in DeSingel moest spelen, was ik pas last minute gearriveerd. Mijn smoking heb ik aangetrokken in de toiletten op de luchthaven. Alles verliep vlot, tot het verkeer stropte op zo'n twee kilometer van het Staples Center. Ik wilde te voet verder, maar toen ik de taxichauffeur wilde betalen, deed mijn Visa-kaart het niet. Na een paniekerig telefoontje naar Koen, die al ter plekke was, zag ik vijf minuten later twee zwaantjes opduiken die me vroegen of ik die Grammy-nominee was. Met één zwaantje voor en één achter de taxi hebben ze me met zwaailichten aan tegen de rijrichting in naar de rode loper geëscorteerd. Mijn vrouw vertelde me later dat ze me thuis via de livestream snelsnel een weg naar mijn zitplaats zag banen. Maar toen ik twee dagen later weer thuis was, lag er een boodschappenlijstje voor de Colruyt op tafel. Zo relatief is het allemaal.” (Lacht)

1832_Frank Vaganee_4_(c)_Ivan Put.jpg

Vanaf 2002 hield Brussels Jazz Orchestra kantoor in het gerenoveerde Flageygebouw.

Wisselwerking met Wynton

“Vlak voor de lockdown speelden we in Bozar samen met het Jazz at Lincoln Center Orchestra van wereldster Wynton Marsalis, een ongelofelijke ervaring. Het fijnste vond ik dat het geen wedstrijd is geworden. Niet alleen op het podium werden er solisten uitgewisseld, ook voor en na de concerten ging het er amicaal aan toe. Wynton was in de wolken over de wisselwerking en zou graag blijven samenwerken. Intussen waren we erbij op zijn onlinefestival. Dit overdoen in het Lincoln Center in New York zou het summum zijn.”

Nieuwe test na crisis

“Een orkest moet spelen, anders is het geen orkest. Dat hebben we in de lockdown ondervonden. Het was een heftige periode waarin vooral muzikanten die geen les gaven en afhankelijk waren van een vervangingsinkomen het hoofd weleens lieten zakken. Iedereen beseft plots dat niets vanzelfsprekend is, zeker nu de ene crisis de andere opvolgt. De budgetten liggen overal lager. Daar sta je dan met je 16-koppig orkest. We hebben van de subsidiecommissie een mooie enveloppe gekregen voor de komende vijf jaar, maar die is weggesmolten door de opeenvolgende indexeringen. We staan voor een nieuwe test. Op je dertigste mag je even achteruitblikken, maar moet het vizier in de eerste plaats op de toekomst gericht zijn.”

Brussels Jazz Orchestra invites Aka Moon
16/2, 20.00, Bozar, bozar.be

Frank Vaganée, artistiek leider Brussels Jazz Orchestra_(c)_Ivan Put.jpg

Frank Vaganée, artistiek leider Brussels Jazz Orchestra: “Een orkest moet spelen, anders is het geen orkest."

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Elsene , Muziek , Brussels Jazz Orchestra , BJO , frank vaganée , jazz

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie

Site by wieni