Interview

Expert Daan Bauwens over het taboe op prostitutie: 'Sekswerk is meer dan gevaar'

Steven Van Garsse
© BRUZZ
26/05/2022
Updated: 26/05/2022 19.03u
© Saskia Vanderstichele | Daan Bauwens: “Sekswerkers konden tijdens de lockdowns geen beroep doen op steun, want de sekswerksector had niet het recht om te bestaan.”

Prostitutie wordt uit het strafrecht gehaald: vanaf 1 juni kunnen sekswerkers hun baan in alle vrijheid uitoefenen. Een overwinning voor sekswerkerscollectief Utsopi, dat hier al sinds 2015 voor strijdt. “Dit is niet alleen een keerpunt voor het sekswerk, maar ook voor de hele maatschappij,” zegt directeur Daan Bauwens.

Wie is Daan Bauwens?

  • Geboren in 1983
  • Studeert Psychologie aan de UGent, en van 2015 tot 2017 Seksuele antropologie aan de Columbia University (New York)
  • Werkt van 2011 tot 2021 als internationaal onderzoeksjournalist voor onder meer VRT en MO*, met focus op prostitutie, migratie, drugstrafi ek en neokolonialisme
  • Is sinds 2018 werkzaam bij Utsopi, eerst als projectmanager, daarna als directeur

Door de straten van Brussel wandelen is altijd een reality check. En dat is het zeker het geval in de Aarschotstraat en de belendende straatjes op de heuvels van Sint-Joost. De rosse buurt. Die hoort groezelig te zijn, unheimlich, onveilig zelfs. Maar we zijn er rond vijf uur ’s avonds. En het is er best gezellig.

We zijn op zoek naar een bordeel voor een fotoshoot. We worden begroet, ook wel uitgekafferd. We zien de glunderende blikken van mannen op zoek naar vertier, maar net zo goed buurtbewoners die de rode lampen en de bedrijvigheid al lang gewoon zijn en ons vriendelijk groeten. Op de hoek van de straat staat een man te goochelen met balletjes. Omstanders zetten er geld op in. Ambiance.

Daan Bauwens, directeur van sekswerkerscollectief Utsopi, heeft er een zware nacht op zitten. Er was een heus decriminaliseringsfeest in La Tricoterie in Sint-Gillis. Om het heuglijke feit te vieren dat het federaal parlement sekswerk eindelijk uit de grijze zone haalt.

“Het was een fijn feestje,” zegt Bauwens in de Aarschotstraat, waar Utsopi kantoor houdt. “Iedereen die hier mee voor gestreden heeft, was aanwezig: organisaties, partners, activisten, maar ook de sleutelfiguren uit de politiek. Ik denk dan in het bijzonder aan Jacinta De Roeck (ex-senator voor Groen, later overgestapt naar Open VLD, red.) die hier mee voor heeft geijverd. Maar het gaat voor mij ook verder. Het gaat er niet alleen om dat sekswerkers hun baan in vrijheid zullen kunnen uitoefenen, maar ook dat seksualiteit in het algemeen uit haar betuttelende carcan wordt bevrijd. En dat is een belangrijke maatschappelijke stap.”

1801 Daan Bauwens Utsopi
© Saskia Vanderstichele | Daan Bauwens: "Het gaat er niet alleen om dat sekswerkers hun baan in vrijheid zullen kunnen uitoefenen, maar ook dat seksualiteit in het algemeen uit haar betuttelende carcan wordt bevrijd. En dat is een belangrijke maatschappelijke stap.”

Wat bedoelt u daarmee?
Daan Bauwens: Pornografie en sekswerk hebben tot een belangrijke breuk geleid in het feminisme. Er is de strekking die zegt dat sekswerk ‘une marchandisation du corps féminin’ is. Dat dit nooit een vrije keuze kan zijn van de vrouw, de prostituee is altijd een slachtoffer, prostitutie is een uitwas van het kapitalisme. ‘We moeten ervoor zorgen dat prostitutie zo snel mogelijk verdwijnt,’ klinkt het dan. En dan zijn er de sex positive-feministen die zeggen: sekswerk kan inderdaad gepaard gaan met uitbuiting, maar het kan ook anders. Wie zijn wij als feministen om tegen andere vrouwen te zeggen wat ze wel of niet met hun lichaam mogen doen? Het is die stroming die zegt: laten we sekswerk nu eens bekijken vanuit het prisma van plezier, en niet altijd vanuit gevaar. De sex positives zeggen eerder dat sekswerk empowerend kan zijn, dat ermee geëxperimenteerd kan worden, met talloze expressievormen, met een focus op de zeggenschap over het eigen lichaam, dus ook met de nadruk op instemming, vrij van alle vormen van dwang.

Bestaan ze dan, de sekswerkers die vanuit een vrije keuze hun beroep uitoefenen?
Bauwens: Zeker. Ik ken er velen. Ze doen hun werk graag, en natuurlijk hebben ze weleens een mindere dag. Alleen stellen we die vraag blijkbaar vooral aan sekswerkers. Aan de vuilnisman vraag je ook niet of hij zijn werk graag doet. Of aan de universiteitsprofessor. Is die wel helemaal gelukkig met zijn baan? Kijk, de abolitionistische feministen, die prostitutie helemaal willen bannen uit onze samenleving, gaan uit van een gesacraliseerd beeld van seks, dat alleen kan plaatsvinden in een relatie, op voorwaarde van liefde, met een volledige gelijkheid tussen beide partners. Je kan je afvragen of zoiets eigenlijk wel kan bestaan. Daarom zeg ik: wat we vandaag met de wetswijziging hebben bereikt, is een legale erkenning van het feit dat seksualiteit ook een plaats kan hebben buiten dat idealistische beeld.

En hoe kan dat ook de maatschappij ten goede komen?
Bauwens: Zo zie je dat sekswerk, waarin thema’s als feminisme, seksualiteit, gendergelijkheid en migratie samenkomen, tot veranderingen kan leiden die een veel groter bereik hebben dan enkel sekswerk.

Dat moet u even uitleggen…
Bauwens: Een voorbeeld. We zitten in een samenleving, en dan zeker in het Brusselse, waar veel jongeren hun seksualiteit exploreren op een vrijere manier dan pakweg tien jaar terug. Vergelijk het met de jaren zestig waarin alles mocht en kon. Maar die personen vragen zich niet altijd af wat hun mentale, sociale, lichamelijke en persoonlijke grenzen zijn. Dat is in sekswerk net heel belangrijk. Daar kan uit geleerd worden.

Veel mensen die in de prostitutie stappen doen dat uit noodzaak, maar zodra ze van die noodzaak verlost zijn, blijft een deel toch verder doen. Waarom? Omdat ze een job hebben ontdekt, een metier. En ze leren hoe ze moeten omgaan met alle taboes die eromheen hangen. Ze moeten voor zichzelf heel goed afl ijnen waar de grenzen liggen. Wel, die kennis is net zo goed van tel voor de hele maatschappij. Het is niet voor niets dat wordt gezegd dat sekswerkers de beste seksuele opvoeders zijn.

Idealiseren jullie het sekswerk niet te veel? Voor veel sekswerkers is hun baan in het begin een manier om snel veel geld te verdienen, maar daar horen ook heel wat gevaren en risico’s bij. Zijn de sekswerkers zich daar voldoende van bewust?
Bauwens: Eerlijk? Nee, ze zijn zich daar niet altijd van bewust. Sekswerk is geen goede leerschool. Trial-and-error kan traumatisch uitpakken. Daarom willen we sekswerkers zo snel mogelijk informeren en sensibiliseren, zodat ze niet moeten leren uit slechte ervaringen.
Maar er is nog een ander probleem. Dat is het stigma waar ze mee moeten leven. Wat betekent het als ik ‘hoer’ zeg, of ‘putain’? Het is een scheldwoord. Sekswerk zit ook vandaag nog in de taboesfeer. Velen houden hun baan verborgen, voor hun vrienden, voor hun familie, soms zelfs voor hun partner.
We zien veel meer stigmagerelateerd geweld op sekswerkers, dan louter prostitutiegeweld. Daar is onderzoek over. De sekswerkers worden aangevallen om hun reputatie, niet zozeer tijdens hun werk.
Het is ook een van de bestaansredenen van Utsopi, een veilige ruimte maken waarin sekswerkers met elkaar in contact kunnen komen en waar ze, een keer per maand, verlost zijn van hun dubbelleven.

“Emir Kir, burgemeester van Sint-Joost-ten-Node, laat betijen, en zo krijgen criminaliteit en geweld juist vrij spel”

Daan Bauwens, directeur Utsopi

Daan Bauwens (Utsopi)

Hoe komt dat vandaag wel gelukt is wat jaren niet mogelijk was: namelijk sekswerk uit het strafrecht halen?
Bauwens: De coronacrisis. Zonder twijfel. Corona heeft de hele prostitutiesector in de armoede gestort. Sekswerker konden of mochten hun beroep niet meer uitoefenen, of durfden niet door het virus. We moesten voedselpakketten gaan ronddelen. Corona heeft duidelijk gemaakt dat de arbeidssituatie van sekswerkers, en de grijze zones waarin ze werken, bijzonder funest is.
Zo konden ze geen beroep doen op steun, die bedrijven en werknemers in de lockdown wel hebben gekregen. Waarom? Omdat de sekswerksector niet het recht had om te bestaan. Omdat er nauwelijks sociale bescherming is. Dat wisten we natuurlijk al lang, maar met corona is dat veel scherper aan de oppervlakte gekomen.
Dat ging soms ook tamelijk ver. Het was bijvoorbeeld voor premier Sophie Wilmès (MR) wettelijk erg tricky om aan te kondigen dat de bordelen na de eerste lockdown weer open mochten. Dat zou kunnen beschouwd worden als het aanzetten tot prostitutie. Wat niet mag. Ze heeft dat dan ook niet aangekondigd. Het gevolg was dat burgemeesters ons belden met de vraag hoe het nu zat met het openen van de bordelen. Het was chaos troef.

Brussel probeert al een tijd tot een gecoördineerd prostitutiebeleid te komen, maar dat lijkt niet geweldig goed te lukken. In het Brussels parlement reageerden jullie onlangs erg scherp over het gebrek aan coördinatie tussen de gemeenten Sint-Joost en Schaarbeek. Waar loopt het mis?
Bauwens: Sint-Joost en Schaarbeek voeren een volledig tegengesteld prostitutiebeleid. Er was vroeger één politiereglement voor beide gemeenten. Vandaag niet meer. Dat veroorzaakt de absurde situatie dat de politiemannen, uit dezelfde zone, een ander reglement moeten toepassen zodra ze de gemeentegrens oversteken.

Jullie wijzen vooral Sint-Joost met de vinger.
Bauwens: Emir Kir (ex-PS, nu onafhankelijk, red.), de burgemeester van Sint-Joost, trekt de abolitionistische kaart. Hij houdt geen rekening met de rapporten van de politie, in de zin dat hij nooit sluitingen of sancties oplegt, zoals Schaarbeek wel doet. Dat creëert straffeloosheid. Kir gebruikt de rapporten wel om maatregelen af te kondigen die de prostitutie uit zijn gemeente moeten verdrijven (Emir Kir koopt bordelen op, en heeft een crèche geïnstalleerd in de wijk om nadien te verklaren dat er zich geen bordelen rond mogen bevinden, red.). Er is met hem geen dialoog mogelijk. Kir laat betijen, en zo krijgen criminaliteit en geweld vrij spel. Wat hem dan weer de argumenten geeft om de prostitutie uit zijn gemeente te kunnen verdrijven. Het is een echte verrottingsstrategie.

1801 Daan Bauwens2 Utsopi
© Saskia Vanderstichele | Daan Bauwens: “Sekswerkers konden tijdens de lockdowns geen beroep doen op steun, want de sekswerksector had niet het recht om te bestaan.”

Zijn daar bij Emir Kir electorale motieven mee gemoeid?
BAUWENS: Dat zou u hém moeten vragen.

De Nederlandstalige oppositiepartijen hebben de Brusselse meerderheid herinnerd aan de noodzaak van een gewestelijk prostitutiebeleid. N-VA bijvoorbeeld wil een afgebakende prostitutiezone, een gewestelijke prostitutieambtenaar en een verbod op straatprostitutie. Zoals in Antwerpen. Akkoord?
Bauwens: Wat levert zo’n verbod op straatprostitutie op? Dat weet ik niet. Wat je verbiedt, zal toch plaatsvinden, maar dan verholen. En hoe ga je dan de mensen bijstaan? En wat die afgebakende zone betreft, die bestaat eigenlijk al. Het is vandaag niet mogelijk om nieuwe carrés te openen hier rond het Noordstation.

Er moet vooral een eind komen aan het versnipperde beleid in Sint-Joost en Schaarbeek. Dat zeggen wij niet alleen. Ook het college van procureurs-generaal heeft dat verklaard. De fragmentatie speelt in de kaart van uitbuiters, pooiers en mensenhandelaars. Dat kan je hier met eigen ogen vaststellen.

Er is dus een geharmoniseerde aanpak nodig en uiteraard moet dat gebeuren in het licht van de nieuwe decriminalisering. Wat niet wil zeggen dat dit tot een heksenjacht mag leiden op de sekswerkers zonder papieren. Zij behoren tot de meest kwetsbare groep.
Ik zou ervoor durven te pleiten om dat te gedogen, net zoals we dat al jaren hebben gedoogd. Het gaat uiteindelijk om een klein aantal.

Is de decriminalisering uiteindelijk een goede zaak voor de strijd tegen mensenhandel?
Bauwens: Er zijn geen studies die aantonen dat een prostitutiebeleid leidt tot meer of minder mensenhandel. Dat verband is nooit bewezen. Mensenhandel is een fenomeen dat zich onder de radar afspeelt, in een criminele sfeer. Maar sekswerk uit het strafrecht halen is wel de beste manier om aan preventie te doen en mensenhandel te detecteren. Als we een arbeidsregelgeving kunnen ontwikkelen voor sekswerkers waarbij het kristalhelder is wat mag en niet mag, en als de sekswerkers hun rechten kennen zal het veel makkelijker zijn om uitbuiting vast te stellen. Wat niet wil zeggen dat mensenhandel helemaal zal verdwijnen. Zo naïef ben ik niet.

U was tot voor kort journalist. Waar komt uw interesse voor het sekswerk vandaan?
Bauwens: Ik ben hier nu sinds 2018 en ben pas enkele maanden geleden gestopt met journalistiek. Ik heb veel reportages gemaakt in het buitenland, ook over seksualiteit. Het was een vorm van slow journalism. Ik toonde dan bijvoorbeeld aan dat onze verkeerde kijk op prostitutie in Afrika de hulpverlening daar niet ten goede kwam. De artikels werden graag gelezen, hoop ik, maar uiteindelijk veranderde er niets. Ik was intussen antropologie gaan studeren in New York en kwam in contact met sex positive feminism. Toen ik zag dat er een job vrijkwam, dacht ik: hier kan ik wel iets in beweging zetten. En kijk, vanaf 1 juni is een belangrijke stap gezet. Het nieuwe hoofdstuk kan nu beginnen: degelijke werkomstandigheden voor de sekswerkers in ons land.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Sint-Joost-ten-Node, Justitie, Samenleving, sekswerk, Daan Bauwens, Utsopi, rosse buurt, Aarschotstraat

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie