Vooral pendelaars uit de directe rand komen met de auto

© PhotoNews
| Druk autoverkeer op de Kleine Ring, ter hoogte van de Gulden Vlieslaan.

Pendelaars uit de Rand rond Brussel gebruiken vaker de wagen dan pendelaars die van verderaf moeten komen. Dat blijkt uit een recent onderzoek van de ULB en VUB. Beter openbaar vervoer in de rand is vooral een kwestie van beter overleg, zeggen de onderzoekers.

Wie vanuit Gent, Brugge of Oostende dagelijks naar Brussel pendelt, kiest in acht op tien gevallen voor de trein. Wie vanuit de randgemeenten moet komen, gebruikt veel vaker de wagen. De helft van die pendelaars rolt met de wagen naar het werk.

Afstand is dus niet het probleem om ons in de trein te stouwen, wel een vlotte bereikbaarheid. En die blijkt in de rand nog altijd niet op punt. De cijfers komen uit een studie van geograaf Mathieu Strale (ULB), waarover De Standaard woensdag bericht.

De vlotte verbindingen lopen dikwijls spaak door een gebrek aan vlot overleg, zegt VUB-onderzoeker Geert te Boveldt van de onderzoeksgroep MOBI. Hij doctoreerde rond het mobiliteitskluwen in en rond Brussel. “Bij mobiliteitsprojecten die de gewestgrenzen overstijgen, zoals de verbreding van de Ring of de sloop van het Herrmann-Debrouxviaduct, worden de plannen nog te vaak binnen één regering gemaakt. Pas achteraf komt het overleg met de andere regio’s. Dat zou veel vroeger in het bestuursproces moeten gebeuren.”

Eengemaakt ticket

Als het gaat om de integratie van openbaar vervoer, zitten de gesprekken over de eengemaakte vervoerstarieven nog altijd in de pijplijn. “Er is geen medicijn dat alles oplost, maar de integratie van tickets van de vervoersmaatschappijen binnen één abonnement zou al een behoorlijke quick win zijn”, zegt te Boveldt aan BRUZZ over de mobiliteitsknoop. “Ook daarin zien we op dit moment nog geen goede afstemming.”

Zo moest het geïntegreerde ticket eigenlijk bij de start van het schooljaar klaar zijn, maar is dat opnieuw uitgesteld omdat de verschillende ministers hun goedkeuring nog moeten geven. “Technisch is een tarief makkelijk te stroomlijnen, maar het is een bestuurlijk probleem”, vat te Boveldt samen.

Bij De Lijn klinkt het dat er wel degelijk “constant gesprekken zijn met het Brussels Gewest”, aldus woordvoerder Inge Debruyne aan BRUZZ. “Brussel is een zeer grote attractiepool, dus kijken we in het kader van basisbereikbaarheid steeds hoe we de middelen daar beter kunnen inzetten. Zo werken we natuurlijk ook aan het Brabantnet. Bovendien hebben we het aanbod op de verschillende lijnen vorig jaar nog uitgebreid. We zetten altijd stappen in de juiste richting, het is constant in beweging.”

Vlaams minister van Mobiliteit Ben Weyts (N-VA) was voorlopig niet bereikbaar voor een reactie.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees ook

Nieuws uit Brussel in je mailbox?