debat

'Elke lege fietsenstalling is een boom minder'

© Jean-Marie Binst
| Lege fietsstalling aan Bizet.

Investeren in plaatsen om fietsen te stallen is een goeie zaak. Maar die dure infrastructuur staat in Brussel op veel plekken leeg. Vooraleer de bergstek voor duizend fietsen aan de Beurs er komt, wat realiteitszin alsjeblieft. Anders liever een boom meer.

Opinie Jean-Marie Binst BRUZZ ACTUA 1609
© BRUZZ
| BRUZZ-redacteur Jean-Marie Binst.

Elke euro uit belastinggeld besteed aan niet-recycleerbaar straatmeubilair is slecht besteed, zegt de ecologist in mij. Bij die stelling respecteer ik de kritiek, en onderbouwd zal die niet min zijn.

En elke euro uitgegeven aan een metalen fietsstalling die niet wordt gebruikt, is vergooid geld, zegt de economist in mij. Op die uitspraak komt vast minder tegenwind. Hoe kan het dat het fietsersbeleid van de gewestelijke en lokale overheid, in combinatie met instanties als de MIVB, geen realistische behoefteanalyse kan uitcijferen? Over iets simpels als: waar fietsers het best hun rijwiel bergen. Of het aan een overstapparking, metrostation, marktplein of de Ancienne Belgique is.

20180330 BRUZZ ACTUA 1610
© Photonews
| "Een fietsenberging als aan Amsterdam-Noord is de chaos, maar lege stallingen zijn al even erg," zegt Jean-Marie Binst.

De visuele bezoedeling van de openbare ruimte door aan elke straatlantaarn, verkeersbordpaal, bank, nadar, speelpleinhek of ander straatmeubilair schots en scheef een fiets te hangen, is de Eurohoofdstad niet waardig, stelt de milieubewuste politicus.

Al vorige bestuursperiode, onder Brussels minister Brigitte Grouwels (CD&V), bevoegd voor Mobiliteit, zag ik met lede ogen aan dat een afschuwelijk gegalvaniseerd modulair hok als frame voor fietsenberging neergepoot werd op metroparking Bizet (Anderlecht).

Het duurde geen weken of het enige wat aan de rekken bleef hangen was het skelet van twee fietsen. Zeer bemoedigend en uitnodigend voor de passant die wellicht tweemaal nadenkt vooraleer de fietsoverkapping te gebruiken. Nadien hing er gedurende maanden dag en nacht een voorhistorisch brommertje aan een beugel vast. Met veel zware kettingen vol hangsloten uiteraard.

Tot ik op een dag zag dat een overbuur van de parking, de eigenaar was van het voertuig. Vandaar, die ene gebruiker, wist ik toen. En plots kwam er zomaar uit het staatsbudget nog een net zo grote fietsenberging bij, andermaal voor een twintigtal fietsen.

Terwijl niemand ooit een behoefte had vastgesteld, integendeel een teveel aan stalling op deze plek is eerder waar. Maar de politiek is als het zandmannetje, dat niet met zand maar met cijfers strooit, om de burger te doen indommelen in contentement.

Vandaag gebruikt zelfs geen local nog de fietsenberging Bizet. Kortom, er zijn door de fietshokken geen twee, maar zes parkeerplaatsen voor auto’s minder op de ‘overstapparking’ om auto’s uit de stad te houden.

Europees geld

Huidig bevoegd minister Pascal Smet (SP.A), geprikkeld door zijn dienst Fietsmanagement, heeft geen andere strategie dan zijn nobele voorgangster. Ook hij promoot de georganiseerde fietsenberging in het straatbeeld. Met de renovatiewerken van premetrohalte Beurs blijkt er nood te zijn aan een fietsstalling voor achthonderd tot duizend tweewielers.

Duizend? Alsof het AB-publiek en masse met de fiets komt. Of de Dansaertiens er hun 3.000-euro-plooifiets zouden achterlaten. De fast-pendelaars er geen vrees voor diefstal zouden hebben - zo veilig is die buurt, waar geen bank meer rechtstaat.

En of er fietsgependeld wordt met tassen vol inkopen, van en naar die plek? Gaat Brussel de politiek van Bulgarije volgen, waar Plovdiv, Culturele Hoofdstad 2019, door Europees geld begunstigd werd met een fietspadeninfrastructuur waar Brussel jaloers op mag zijn. Afzonderlijke tweerichtingsfietspaden en -stroken voor honderden kilometers in de stad. En amper één sportieveling op te bespeuren.

Ik ben voor fietsstallingen, begrijp me niet verkeerd. En ik gun de Brussel-fietser onderweg een fraaie en veilige ontvangstplek voor zijn tweewieler. Maar een omgekeerd U-ijzer of stalling, al dan niet in polycarbonaat of gerecycleerd oceaanplastiek, blijft een onding in de straat, als het niet gebruikt wordt.

Zo vol als de kooien en fietsrekken aan het treinstation van Amsterdam-Noord hoeft het nu ook niet weer. Maar als er amper of geen fietsen in die kooien staat, dan liever een boom meer in de straat. Zo niet denken de mobiliteitsverantwoordelijken niet zoveel anders dan Charly De Pauw vorige eeuw. U weet nog wel, de Brusselse vastgoedmagnaat en projectontwikkelaar van onder meer de Manhattan-Noordwijk.

Een legendarische uitspraak van hem was: “Als ik een boom in een straat zie, zucht ik, nog een parkeerplaats minder.” Bezin vooraleer je begint, minister Pascal Smet en mobiliteitsschepen Els Ampe. Een lege fietsenstalling betekent nog een boom minder.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Lees ook

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?