review

Menuet, Virtuoos voyeurisme

© Kurt Van der Elst

De opera Menuet, gebaseerd op Louis Paul Boons gelijknamige roman, komt voor het eerst naar het Théâtre National. In een regie van Fabrice Murgia ontpopt het verhaal zich tot een sinister sprookje van de Vlaamse jaren vijftig.

Het zou een gezellige leefruimte kunnen zijn: zeteltjes, keukenhoek voor mevrouw en bureautje met kranten voor mijnheer. In het scènebeeld staat een hoge wand met jaloezieën centraal, met rondom een grasperkje. De ideale setting voor burgerlijk geluk? De beklemming die klinkt van bij de eerste noten van de opera van componist Daan Janssens blijft anderhalf uur aanzwellen en spreekt oorverdovend voor het tegendeel. Dat mijnheer in de ijskelders werkt is een veeg teken. Ook zijn hart is bevroren, zegt mevrouw.  

Thuis

Menuet, naar de roman van Louis Paul Boon, was al te zien in Nederland, Gent in Antwerpen en komt nu pas naar het huis –Théâtre National- van regisseur van dienst Fabrice Murgia. In de korte roman van Boon over een driehoeksverhouding is elke communicatie lastig. Onvermijdelijk wegschrapen van de romantekst heeft de personages botter gemaakt. Liefdevolle omgang is het trio vreemd. In bespieden en bespied worden daarentegen zijn de man, de vrouw en het huishoudhulpje virtuoos. Hun favoriete guilty pleasure?  Lonken in krantenknipsels op de werktafel met niets dan deviante nieuwsjes uit de rioolpers.

Achter de hoge luikenrij, handlanger van de voyeur, zitten een tiental muzikanten van het Spectra Ensemble. Daan Janssens heeft een voorkeur voor uitersten. Fagot of piano klinken nukkig in de laagste registers. De bayan, een soort accordeon, kreunt bij de hoogste noten. De instrumenten spelen steevast in oncomfortabele positie: een doorgedreven echo op de eenzaamheid van het trio op scène. Voor de stemmen schreef Janssens in een reciterende stijl met de instrumenten die een eind de melodie ondersteunen en dan weer hun eigen weg gaan.

Video

De opera volgt de roman op de voet. In drie monologen laat elk personage de hersenspinsels los op de dagelijkse routine. De man streelt het keukenhulpje ongepast terwijl zij de baby vasthoudt: doorheen de beleving van elke personage dikt zo’n korte passage uit tot een sleutelscène. Op die momenten laat Daan Janssens de muziek knetteren en donderen. De blauwe lichtstraal komt via de jaloezieën als een zweep neer op de scène.

De regie van Fabrice Murgia stapelt de blikken op elkaar. Een scènevullende video brengt het schunnig loensen langs alle gezichtspunten binnen bij het publiek. Een visuele vondst op een noodlottig moment: de camera die de vrouw achteruit doet deinzen en wankelen, belichaamt de zwager die haar aanrandt. Of hoe het burgerlijke grasperkje een strijdperk wordt.

Sopraan

Muziek en beeld gaan zo broederlijk samen. Maar de dwingende setting is ook achillespees van de voorstelling. Muzikaal zitten onze drie personages vast in een eendimensionaal karakter met weinig ruimte voor een nieuwe nuances. Bij de zangers legt sopraan Ekaterina Levental (de vrouw) het meest diepgang in haar rol. Haar zanglijnen zijn op maat van haar nerveus karakter. Frustraties zijn gevat in dramatische vocale uithalen.

Sopraan Cécile Granger, het meisje, heeft haar priemende blik mee die dankbaar wordt uitvergroot. Net als de man (bas-bariton Raimund Nolte) blijft ze vocaal op de vlakte. Ook aan de briljant geënsceneerde dreiging bij het begin verandert niet gek veel.  Weinig licht op het einde van de tunnel in dit sinister sprookje van de Vlaamse jaren vijftig.

> Menuet. Théâtre National. 15/2, 17/2

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Nieuws uit Brussel in je mailbox?