Stijgende energieprijzen hakken er stevig in bij de Brusselaar

© Belgaimage
| Een gasmeter in een Brusselse kelder.

Een aanzienlijk aantal inwoners van het Brussels Gewest dreigt bijzonder zwaar geraakt te worden door de explosie van de energieprijzen en de inflatie in het algemeen. Tot die conclusie komt het Observatorium voor Gezondheid en Welzijn in haar jaarlijkse Welzijnsbarometer.

In een jaar tijd is de gemiddelde factuur van de Brusselaar meer dan verdrievoudigd voor gas en verdubbeld voor elektriciteit, of zelfs meer, afhankelijk van het type contract en het tariefsysteem. Deze toename zet het budget van gezinnen onder druk, en dat in het bijzonder in het Brussels Gewest, waar de armoede aanzienlijk is en de huisvestingskosten hoger zijn dan in de andere twee gewesten.

Aantal leefloners met 65% gestegen

Na sociale transfers moet een kwart (25 %) van de Brusselse huishoudens van een inkomen leven dat onder de armoederisicogrens ligt, tegenover 18 % in Wallonië en 9 % in Vlaanderen. Het aantal personen dat een leefloon ontvangt is de afgelopen tien jaar met 65 % gestegen en verdubbeld (+ 100 %) bij de jongvolwassenen (18-24 jaar). Nu ontvangt 6 % van de bevolking van 18-64 jaar en 14 % van de jongeren van 18-24 jaar een leefloon.

Ook de oudsten blijven niet gespaard van bestaansonzekerheid in het Brussels Gewest: 13 % van de bevolking van 65 jaar en ouder ontvangt de inkomensgarantie voor ouderen (IGO), een percentage dat drie keer hoger is dan in Vlaanderen en dubbel zo hoog is dan in Wallonië.

Koopkracht van lage inkomens zwaar onder druk

Behalve voor hun inkomsten, moet een analyse van de sociaaleconomische situatie van de Brusselaars eveneens aandacht hebben voor hun koopkracht. Bepaalde essentiële uitgaven, zoals voor huisvesting (huur- en nutsvoorzieningen) of voeding, wegen zwaar op het budget van gezinnen en hebben een proportioneel grotere impact op de levensstandaard van mensen in bestaansonzekerheid.

Ter illustratie, voor huishoudens met een laag inkomen (eerste kwartiel) in het Brussels Gewest vertegenwoordigen huisvesting, nutsvoorzieningen en voeding 61 % van hun uitgaven, tegenover 48 % voor huishoudens met hoge inkomens (laatste kwartiel). De mensen in de meest precaire situaties worden bijgevolg het zwaarst getroffen door de energie- en voedselinflatie, welke vervolgens ook verder doorwerken in de indexatie van de huurprijzen. Deze gevolgen voor de levensstandaard zijn bovendien zeer verschillend naargelang men eigenaar of huurder is, een sociale woning of een woning op de privémarkt huurt, met stookolie of gas verwarmt en al dan niet het sociaal tarief ontvangt.

Des te grotere inflatiedruk

De huisvestingsproblemen eigen aan het Brussels Gewest zorgen ervoor dat de sociale gevolgen van de inflatiedruk er des te groter zijn: met een percentage van 62 % huurders onder haar huishoudens en aanzienlijk hogere private huurprijzen dan in de andere twee gewesten, weegt de problematiek zwaar door op het budget van de Brussels huishoudens.

Ter indicatie, gedurende de periode 2004-2020, steeg de mediane huur in reële termen (dus bovenop de indexatie door inflatie) met ongeveer 30 % in het Brussels Gewest. Niet minder dan 51.615 huishoudens staan op de wachtlijst voor een sociale woning en 26 % woont in een ongeschikte woning (lekken, vocht,…) tegenover 12 % in Vlaanderen en 19 % in Wallonië.

In deze context (van aanzienlijke armoede, hoge huurprijzen, ongunstige woningkwaliteit) en zelfs voor de explosie van de prijzen, onderstreepte de Barometer voor Energiearmoede dat niet minder dan 26,5 % van de Brusselse bevolking een zekere vorm van energiearmoede kent: te hoge energiefacturen in verhouding tot het inkomen, beperking van het energiegebruik tot onder de basisbehoeften en moeilijkheden om de woning goed te verwarmen. Schulden voor huisvesting en nutsvoorzieningen zijn de vaakst geobserveerde schulden bij personen met een overmatige schuldenlast.

Aanvragen voor hulp bij OCMW's nemen toe

Ten gevolge van de explosie van de energieprijzen, werden tijdelijke gewestelijke en federale maatregelen voor bedrijven en huishoudens in het leven geroepen, in het bijzonder de uitbreiding van het sociaal tarief naar alle rechthebbenden op de verhoogde tegemoetkoming - RVT (27 % van de Brusselse bevolking), gevolgd door andere meer recente ingrepen, zoals het basispakket energie voor huishoudens. Toch zal er nog blijvende aandacht nodig zijn voor de vele huishoudens voor wie de uiteindelijke eindafrekening problematisch zal zijn.

De energiearmoede en overmatige schuldenlast bedreigen zowel kansarme groepen (waaronder bijvoorbeeld degenen die recht hebben op een verhoogde tegemoetkoming, maar dit niet opnemen), als een deel van de middenklasse die geen aanspraak kan maken op het sociaal tarief. De aanvragen voor afbetalingsplannen en hulp bij de OCMW's nemen toe in het Brussels Gewest, waar de huishoudbudgetten al zwaar belast worden door de hoge huurprijzen, die ook zelf recent werden geïndexeerd.

Meer nieuws uit Brussel

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?