Unia brengt getuigenissen van racisme bij de brandweer naar buiten

De Brusselse brandweer© Belgaimage

Racistische beledigingen, een ongelijke taakverdeling, geen halalmaaltijden tijdens de wacht en een gebrekkig sanctiebeleid om er iets aan te doen. Gelijkekansencentrum Unia bundelt een twintigtal meldingen over racisme bij de Brusselse brandweer in een nieuwe nota. Ze doen dat op vraag van het Brussels parlement. De getuigen hebben het over “structureel racisme”.

Een dame van kleur was thuis bevallen. Een brandweerman zei over het pasgeboren kind: "Dat raak ik niet aan." Verschillende getuigen van buitenlandse afkomst zeiden dat ze niet wilden dat de brandweerlui hun moeder zouden helpen.

In een nieuwe nota deelt Unia verschillende getuigenissen over racisme bij de Brusselse brandweer, zowel onder collega’s als tijdens interventies. Unia publiceert deze getuigenissen een maand na de voorstelling van de audit bij de brandweer in het Brussels parlement. Toen kon het gelijkekansencentrum nog geen afzonderlijke feiten meedelen omwille van vertrouwelijkheid. Op vraag van enkele parlementsleden doen ze dat nu toch. De verhalen zijn geanonimiseerd en waar nodig ingekort om de slachtoffers te beschermen.

Het gaat in totaal over een twintigtal getuigenissen. De eerste melding over racisme kwam al in 2006 bij Unia terecht. In 2019 volgde onder meer die van een Noord-Afrikaanse man wiens helm werd beklad door collega’s. In zijn getuigenis sprak hij over structureel racisme. Unia besloot daarop om de verschillende klachten te bundelen in 2020. Dat rapport leidde uiteindelijk mee tot de bestelling van een audit, die moest uitklaren of er sprake was van structureel racisme.

'Dubbele standaard'

brandweerhelm
© RTBF
| Een brandweerman wiens helm beklad werd door collega's, diende klacht in bij Unia.

"Ik voelde een dubbele standaard als het ging om buitenlandse rekruten. We werden anders beoordeeld en de geringste misstap werd aangegrepen om ons te bestraffen. [...] Ik voelde wantrouwen en sommige instructeurs roddelden over ons en waren ons niet gunstig gezind”, zegt een brandweerrekruut van Noord-Afrikaanse origine aan Unia.

Verschillende getuigen spreken over discriminatie vanaf de selectieprocedures. "Tijdens de rekrutenopleiding werden rekruten van buitenlandse afkomst vaker gestraft, gedwarsboomd en ontslagen”, getuigt iemand. Een andere rekruut werd tijdens een proef plots begeleid door twee sergeanten, die hem zouden viseren. Nog iemand kreeg tijdens een mondelinge test vragen over afkomst en geloof. Volgens Unia kregen verschillende getuigen van buitenlandse afkomst van hun oudere collega’s te horen dat ze onberispelijk moeten zijn en zich “koest moeten houden”. Ze zeggen dat een rekruut van Noord-Afrikaanse afkomst werd “geviseerd” en bespot, om “dan op grond van valse excuses voor zijn examens te zakken.”

Er is ook sprake van discriminatie in de verdeling van de taken. Een ambulancedienst levert een brandweermedewerker minder geld op dan meerijden met een brandweerwagen. Normaal gezien kunnen brandweerlui vaker met de brandweerwagen meerijden naarmate ze meer anciënniteit hebben, maar volgens Unia kregen minstens twee medewerkers van buitenlandse origine veel meer ambulancediensten toegewezen dan andere rekruten. Ook promoveren blijkt moeilijk: verschillende getuigen van buitenlandse afkomst zeiden aan Unia “dat ze om onduidelijke redenen voor een examen waren gezakt en dat de vakbond hen afraadde om dit te betwisten”.

De getuigen van buitenlandse origine vinden bovendien dat zij regelmatig harder gestraft worden dan hun Belgische collega’s, zonder duidelijke verantwoording. Ze zeggen bijvoorbeeld dat enkele Belgische collega’s alcohol of drugs gebruikten tijdens het werk, maar daar geen zware straf voor kregen. “Dronkenschap van collega's tijdens de dienst wordt getolereerd, terwijl de hele DBDMH (Brusselse brandweer, red.) onmiddellijk op de hoogte is van het minste wat wij fout doen”, getuigt iemand aan Unia. Het gaat dan bijvoorbeeld over te laat komen of buiten de kazerne een broodje kopen.

Geen halalmaaltijden

Verder sluipt de discriminatie in meer structurele zaken. Tijdens de wachtdiensten worden bijvoorbeeld geen halalmaaltijden voorzien, zeggen de getuigen. Wie eigen eten meebrengt, krijgt het verwijt “zich niet te integreren”. Moslimcollega’s zouden systematisch geen verlof krijgen tijdens de kerst- en nieuwjaarsperiode. En “om imagoredenen wordt er nooit een ambulance met twee brandweerlui met Arabrische origine uitgestuurd”, zegt iemand.

Ook van collega’s kregen de getuigen regelmatig racistische uitlatingen en beledigingen te horen. Het gaat over uitspraken als “Arabieren zijn dieven”, “alle moslima’s zijn hoeren” en "de Arabieren hebben ons niets bijgebracht [...], behalve tajines en couscous". Eén getuige mocht niet in dezelfde slaapzaal als zijn collega’s blijven tijdens de wacht, een andere getuige kreeg te horen dat hij niet mee mocht in de pompwagen. De getuigen zeggen “geschokt” te zijn over het racisme op de werkvloer. Iemand noemt het de “hel” en vermeed uiteindelijk nog aanwezig te zijn. Maar er zijn ook klachten over racistisch taalgebruik van enkele brandweercollega’s op sociale media.

In enkele gevallen kwam het ook tot fysieke agressie. Een instructeur zou de klep van de zuurstoffles van een rekruut van Noord-Afrikaanse afkomst hebben dichtgedraaid tijdens een brandoefening. (Lees verder onder de foto)

De Brusselse brandweer
© PhotoNews
| Volgens de getuigen mogen brandweerlui van Noord-Afrikaanse origine minder vaak meerijden met de pompwagen.

Weinig meldingen

Unia benadrukt dat niet al deze getuigen de feiten hebben aangekaart bij hun overste, uit schrik voor represailles. “Er is echt een probleem bij de brandweer en ik hoop echt dat dit stopt, want ik voel mij totaal machteloos. Als je je mond durft open te doen, maken ze je het leven zuur”, getuigt iemand in het rapport.

Wie toch een melding maakt, voelt zich vaak niet ernstig genomen door de directie of de vakbonden. Een brandweerman die plakken ham in zijn helm vond, meldde dit bij zijn officier, maar er kwam geen onderzoek of sanctie. Een andere rekruut vond graffiti in de toiletten met de boodschap ‘Ga terug naar Molenbeek’. Hij moest de graffiti uiteindelijk zelf opkuisen omdat hij geen reactie kreeg van zijn oversten. Tot op vandaag de dag is er ook nog niemand bestraft in het voorval met de brandweerman die een banaan gooide naar een patiënt in het Sint-Pietersziekenhuis.

Er is volgens Unia geen eenduidig sanctiebeleid voor brandweerlui die zich schuldig maken aan racisme. Dat was ook de conclusie van de audit, die vorige maand is voorgesteld. Unia sluit zich dan ook opnieuw aan bij de aanbevelingen uit die audit. De nota van Unia wordt op 15 juni besproken in het Brussels parlement.

"Het is belangrijk dat de politiek over voldoende feiten beschikt", reageert adjunct-diensthoofd Maarten Huvenne van Unia. "Voor ons is het duidelijk dat de cultuur en het gebrek aan opvolging van klachten problematisch is. Het gaat niet over een geïsoleerd feit van racisme van één persoon, maar wel van een structuur die de zaken enerzijds in de hand werkt en anderzijds niet aanpakt. De oplossingen moeten dus doortastend zijn."

De brandweer reageerde na de bekendmaking van de vorige audit dat deze feiten te maken hebben met "het gedrag van bepaalde individuen en niet van het volledige Brusselse brandweerkorps". Dat zei brandweerwoordvoerder Walter Derieuw toen aan BRUZZ. "Er is echt geen sprake van een structureel racisme bij de Brusselse brandweer."

Herbekijk hieronder de reportage over de audit naar racisme en discriminatie bij de Brusselse brandweer:

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Meer nieuws uit Brussel
Vooraan op BRUZZ

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?