Analyse

Waarom N-VA scoort bij Franstaligen

Kris Hendrickx
© BRUZZ
15/03/2018

| Theo Francken, staatssecreataris voor asiel en migratie en Jan Jambon, minister van Binnenlandse zaken.

N-VA die het CDH voorbijsnelt in een peiling. Francken en Jambon die in de lijst van populairste politici in Brussel kamperen. Het zijn maar enkele tekenen dat de Vlaams-nationalisten een ongezien potentieel van Franstalige stemmen kunnen aanboren in het gewest. “We zijn de boeman niet meer.”

Een zondag op de markt van Jette. Enkele lokale N-VA-afdelingen blazen verzamelen voor hun Valentijnsactie. De militanten delen chocolaatjes uit in hartjesvorm, hier en daar krijgt iemand een folder toegeschoven. De omgangstaal is die van het publiek: Nederlands en vaak ook Frans. De sfeer is gemoedelijk. “We krijgen niet meer de vervelende reacties van enkele jaren geleden,” vertelt Vlaams parlementslid Karl Vanlouwe. “N-VA is niet meer de boeman.”

Dat N-VA in het Frans communiceert is niet nieuw. Wél nieuw is de monsterscore die de partij nu al enkele maanden haalt in opiniepeilingen. Dit weekend werd dat fenomeen nog maar eens bevestigd: 6 procent in héél Brussel, Franstalige partijen meegerekend. Dat is evenveel als het CDH, dat in december zelfs achter N-VA eindigde.

Natuurlijk zijn het slechts peilingen. Maar ook in vorige peilingen steekt N-VA sinds 2014 steevast boven haar Nederlandstalige concurrenten uit, zij het dan minder uitgesproken. In Vlaanderen mag die koppositie al jaren normaliteit zijn, in Brussel voelt dat leiderschap wél nieuw. Bij de vorige gewestverkiezingen stak Open VLD er nog met kop en schouders bovenuit en werd N-VA pas vierde.

De historische peilingsresultaten komen boven op een andere vaststelling. Geen enkele Vlaamse politicus is zo populair in Brussel als Theo Francken, die enkel concurrentie ondervindt van … partijgenoot Jan Jambon. Bij de jongste peiling stonden de twee op een zesde en een zevende plaats.

Een verklaring voor de opmars van N-VA is snel gevonden: de partij moet wel massaal scoren bij wat we gemakshalve Franstalige Brusselaars noemen. Het is een conclusie waarover alle analisten die we opbellen het eens zijn. Alleen een N-VA-mandataris sputtert even tegen. “Het zijn misschien wel een voor groot stuk kiezers van Open VLD,” oppert Brussels parlementslid en fractieleider Johan Van den Driessche. Maar het verlies van de Vlaamse liberalen kan de score van N-VA lang niet helemaal verklaren.

De taal van het volk

Maar waarom vallen Frans- en anderstaligen voor een partij die zich nog steeds als Vlaams-nationalistisch bestempelt, een partij die er bovendien geen geheim van maakt dat ze België wil zien verdampen?

Een deel van het antwoord is pure marktlogica. N-VA heeft iets in de aanbieding waar veel vraag naar is op de Franstalige politieke markt, maar weinig aanbod. “De partij zegt dingen die je aan Franstalige zijde amper hoort, vooral als het over migratie gaat,” zegt politicologe Emilie Van Haute van de ULB. “Ook de kiezers van MR zijn daar gevoelig voor. Uit onderzoek blijkt dat die kiezers qua profiel dichter bij de N-VA-standpunten aanleunen dan bij die van Open VLD.”

"De N-VA zegt dingen die je aan Franstalige zijde amper hoort, vooral als het over migratie gaat"

Emilie Van Haute, politicologe ULB

NVA EmilieVanHaute BRUZZ ACTUA 1607

De MR-kiezers staan niet alleen in Franstalig België met hun sympathie voor N-VA. Een recente analyse wees uit dat uitgerekend de aanhang van de radicaal-linkse PTB gevoelig is voor de N-VA. “De scepsis tegenover migratie bij de arbeidersklasse speelt mee, maar ook de stijl van Francken is van belang,” weet blogger en auteur Marcel Sel. “Mensen zien hem als een niet-elitaire politicus, die de taal van het volk spreekt. Het contrast met de wat hoogdravende stijl van Franstalige politici is groot.”

Dat er geen Franstalig evenknie is voor N-VA klopt niet helemaal. Als we naar het hoofdkwartier van de Parti Populaire (PP) bellen, wordt die stelling daar bijvoorbeeld op knarsetanden onthaald. De PP wil maar wat graag dat Franstalige alternatief zijn voor de N-VA. De standpunten liggen dan ook dicht bijeen, zeker wat migratie betreft. “Het verschil is dat wij worden geboycot door de media,” zucht voorzitter en oprichter Mischaël Modrikamen. “Sinds 2010 ben ik niet meer bij RTL uitgenodigd en de RTBF is ook alweer drie jaar geleden. Het gevolg: zeventig procent van de Franstaligen weet niet eens dat wij bestaan.”

Het succes van de N-VA doet Modrikamen luidop dromen van een hechte samenwerking. “We zijn voor een kartel met de N-VA, in Brussel én Wallonië. Op die manier zou de N-VA ook nationaal incontournable kunnen worden. Dat is ze nu niet, want MR zou ook met de PS kunnen in zee gaan na de volgende verkiezingen.”

Zo ver zijn we nog niet. Politieke analisten zien de PP niet meteen doorbreken. “Je kan dat moeilijk een partij noemen, het is eerder één individu,” vindt politicologe Van Haute.


Onkreukbaar

De marktlogica is niet de enige reden voor de opmars van de N-VA. Het taboe op de partij smolt de laatste jaren ook weg aan Franstalige zijde. De Vlaams-nationalisten worden niet meer als politieke paria’s maar als gewone, zij het wat forse partij gezien.

Het respect dankt de partij vooral aan de deelname aan de federale regering. Philippe Moureaux noemde dat hier eerder al het dedouaneren van de N-VA. “Als respectabele politici een coalitie aangaan met een partij als N-VA, dan valt de morele rem weg,” zei de éminence grise van de Brusselse PS daarover. Het is wat parlementslid Vanlouwe ook al voelde op de Jetse markt. “We zijn de boeman niet meer.”

Er is meer. Ook de manier waarop stad en gewest worden bestuurd speelt volgens veel waarnemers mee. “Heel veel mensen zijn de stilstand beu,” zegt Olivier Godfroid. De van oorsprong Waalse Godfroid is partijlid van N-VA en was zelf ooit nog kandidaat in Brussel. Ondertussen is hij naar Antwerpen verhuisd. “In die achttien jaar dat ik in Brussel woonde, gingen de dingen gewoon niet vooruit. Brussel blijft vuil, er zijn amper ambitieuze projecten en als er eentje is, dan sleept het veel te lang aan. Kijk maar naar de voetgangerszone of het Rogierplein.”

Wie bestuur van de stad zegt, denkt al snel aan de schandalen en schandaaltjes die er het voorbije jaar de kop opstaken, Samusocial op kop. “N-VA is nog nooit aan de macht geweest in Brussel en heeft dus nog een onkreukbaar imago,” analyseert Van Haute. “Ook dat levert allicht stemmen op aan Franstalige zijde.”

20180309 NVA BRUZZ ACTUA 1607

| Minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon (N-VA) geeft een lezing in Brussel


Stemmenkanon gezocht

Scoren in een peiling is één zaak, dat waarmaken bij de verkiezingen een andere. “Zeker bij de gewestverkiezingen is er in Brussel een bijkomende moeilijkheid,” benadrukt politicoloog Dave Sinardet (VUB). “Kiezers zien niet alle partijen in een oogopslag en moeten eerst kiezen voor het Nederlandse of Franse kiescollege. Het systeem lijkt wel bedacht om iedereen binnen zijn eigen taalgroep te houden. Bij een peiling is dat natuurlijk anders, dan zie je wel alle partijen bijeen.”

In het nadeel van N-VA speelt ook dat het vooral de nationale toppers zijn die kiezers lijken te overtuigen. “En Francken en Jambon komen niet op bij de gewestverkiezingen in Brussel,” zegt Sinardet. “De lokale kopstukken zijn dan weer veel minder bekend.”

Voormalig VGC-Griffier Daniël Buyle wijst erop dat opiniepeilers die kopstukken niet vermelden, wegens vandaag nog helemaal niet bekend. “Dat maakt toch een verschil. Monsterscores kreeg je in het verleden rond erg populaire personen, zoals Jos Chabert voor CD&V en Johan Demol voor het Vlaams Blok. Ook Guy Vanhengel van Open VLD is zo’n stemmenkanon. N-VA heeft niet zo’n klepper hier.”

Sinardet ziet er de ironie wel van in dat uitgerekend een Vlaams-nationalistische partij scoort in Franstalig Brussel. Maar verrassen doet het hem niet. “Je hebt maar een paar procent van die grote massa Franstaligen nodig om een belangrijke verschuiving aan Nederlandstalige kant te zien.”

De gegarandeerde vertegenwoordiging maakt bovendien dat Nederlandstalige parlementsleden sneller verkozen raken. Franstalige kiezers kunnen daardoor met hun stem ‘goedkoper’ een parlementszitje krijgen als ze voor een Nederlandstalige lijst kiezen. Cieltje Van Achter (N-VA) had in 2014 bijvoorbeeld genoeg aan 503 voorkeurstemmen voor een parlementszitje.

Franstaligen die de uitslag vertekenen aan Nederlandstalige kant, een primeur is het nochtans niet. Het toenmalige Vlaams Blok deed het N-VA al eens voor, vooral in 1999 en 2004. Kopstuk en voormalig Schaarbeeks politiecommissaris Johan Demol haalde bij die laatste editie bijna 10.000 voorkeurstemmen, een score die maar een handvol Franstalige kopstukken konden overtreffen. Ook Demol haalde zijn resultaat met harde standpunten over criminaliteit en migratie. De partij haalde toen 4,67 procent bij de gewestverkiezingen, beduidend minder dan N-VA in de laatste peiling dus. Het leverde het Blok zes van de zeventien Nederlandstalige parlementszitjes op. Onnodig te zeggen dat het aantal ‘Nederlandstalige’ stemmen dat jaar piekte.

Opstap

Stel dat N-VA haar peilingsresultaat evenaart of zelfs overtreft, wat kunnen dan de gevolgen zijn? “Om te beginnen zie je dat zelfs die peiling vandaag al een politiek feit wordt,” analyseert Sinardet. “Plots spreken verschillende partijen zichzelf uit voor of tegen een deelname van de partij aan de Brusselse regering. Vanhengel en Vervoort zijn tegen, Reynders ziet het probleem niet.”

Als N-VA echt incontournable wordt – dat zou kunnen vanaf een procent of 40 in de Nederlandse taalgroep - zijn er verschillende pistes. Als MR in de Brusselse regering stapt, kan N-VA meeregeren. De nieuwjaarsboodschap van de partij – ‘Stop de PS-cultuur in Brussel en ga voor een modern stadsbeleid’ – kan ze dan proberen in de praktijk te brengen. Die slogan maakt ook duidelijk dat N-VA en PS niets samen te zoeken hebben in een Brusselse regering.

Aan Franstalige zijde wordt meteen ook al aan een soort noodrem gedacht. Alain Maron van Ecolo had het bijvoorbeeld al over het antiblokkeringsmechanisme, dat ooit bedacht werd voor het Vlaams Blok (maar nooit een wet werd). Daardoor zou een Brusselse regering mogelijk worden zonder meerderheid in elke taalgroep. Een ‘institutionele atoombom,’ reageerde N-VA al. Maron ziet het middel ook alleen als een laatste noodgreep.

In 2019 zullen veel verschillende zaken in elkaar verweven zitten, denkt zowel Van Haute als Sinardet. Het gewestniveau zal ook kijken naar wat federaal gebeurt.

De verkiezingen die alle partijen in het vizier hebben zijn nu de gemeenteraadsverkiezingen. “De volgorde speelt de partij mogelijk in de kaart,” denkt Van Haute. In oktober zien de kiezers wél alle partijen op één blad. Als N-VA dan veel Franstaligen overtuigt, kan dat een mooie opstap zijn naar de gewestverkiezingen.” Nu nog een stemmenkanon vinden.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Brussel , Brussel Kiest 2018 , Politiek , N-VA , Vlaams-Nationalisten , Jan Jambon , Theo Francken

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie

Site by wieni