Brouwerij Cantillon: 'Klimaatopwarming tast ook onze bierproductie aan'

© Kevin Van den Panhuyzen-BRUZZ
| Jean-Pierre Van Roy, de patron van brouwerij Cantillon

Bij brouwerij Cantillon in Anderlecht maken ze nog lambiek zoals in 1900. Maar die traditie is in gevaar. De klimaatverstoring, met langere droogtes en hittegolven, dwingt de bierbrouwers tot aanpassingen.

Klimaatopwarming heeft niet alleen ernstige gevolgen voor mens en natuur, ook het bier lijdt er sterk onder. Bij brouwerij Cantillon ervaren ze de gevolgen van klimaatopwarming al jaren.

Jean-Pierre Van Roy (79), de zaakvoerder van de Brusselse brouwerij, is een van de meest ervaren brouwers van ons land. Al meer dan vijftig jaar runt hij de brouwerij die hij van zijn schoonvader overnam. “Begin 20ste eeuw waren er nog 50 lambiekbrouwerijen in Brussel, na de Tweede Wereldoorlog nog 25, nu blijven wij als enige over,” zegt hij in de krant De Morgen, die zaterdag uitpakt met een stuk dat de link legt tussen bier en klimaat.

Cantillon dankt zijn succes aan zijn traditionele brouwmethode op basis van spontane vergisting. “Zo brouwen, dat kun je niet op school leren. Hier doen we alles nog grotendeels zoals in 1900,” aldus Van Roy.

Hitte-eiland

Maar werken volgens dat traditionele recept leidt elk jaar tot steeds lastigere keuzes, nu klimaatverandering de ideale omstandigheden voor bierbrouwen aantast. In tegenstelling tot andere brouwers voegen lambiekbrouwers geen gist toe aan hun product. Ze laten het wort, het suikerrijke aftreksel van mout, spontaan besmetten door micro-organismen die in de lucht hangen. Alleen heb je daarvoor relatief koude nachten nodig, tussen -8 en 8 graden Celsius. Overschrijd je die temperaturen, dan hangen te veel melkzuur- of andere bacteriën in de lucht en wordt het lambiekbier ‘bezomerd’.

Van Roy zag met eigen ogen hoe de brouwperiode de afgelopen vijftig jaar korter is geworden. “In het begin kon ik brouwen vanaf half oktober tot begin mei. Maar nu kunnen we enkel nog brouwen tussen november en eind maart.” Waar Cantillon aan het begin van de 20ste eeuw nog 165 brouwdagen had, zouden dat er tegen 2050 nog 120 zijn en tegen 2100 amper 90.

Cantillon is door zijn ligging in de Brusselse binnenstad dan ook extra kwetsbaar voor warme temperaturen. ’s Zomers blijft in hartje Brussel door het hitte-eilandeffect de nachttemperatuur tot tien graden hoger dan op het platteland.

“Natuurlijk bestaat de kans dat Cantillon over vijftig jaar alleen als museum kan openblijven, maar daar denk ik vandaag niet aan. Ik ben een optimistische pei. Voor goed bier zal er altijd een toekomst zijn," besluit Van Roy.

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?