Foodsharing: een zegen of een vloek?

Michel Verlinden
© BRUZZ
13/07/2023
© Saskia Vanderstichele | Foodsharing in restaurant Humphrey van uitbaters Julie De Block en Glen Ramaekers.

Is het einde van de gastronomische heilige drievuldigheid, bestaande uit een voorgerecht, een hoofdgerecht en een dessert, nabij? Nu foodsharing almaar populairder wordt, zou je kunnen denken van wel. Duik mee in de bijzondere wereld van de gedeelde gerechten, voor sommigen een aanslag op onze eetgewoonten, voor anderen een welgekomen vernieuwing ervan.

Het aantal Brusselse adresjes dat meelift op het succes van foodsharing, gaat in stijgende lijn. Het concept: je kiest niet langer een gerecht voor jezelf, maar deelt verschillende gerechten met je disgenoten. In nieuwe restaurants is delen zelfs stilaan de standaard. St Kilda, Kamoun, Bombay BBQ, Grabuge, Nénu, Humphrey, Old Boy, Vérigoud, Anju, Le Conteur, Lombric, Yoka Tomo, Tero, Kaiju, Pois Chiche … het is intussen een lange lijst geworden.

Er zijn verschillende mogelijke verklaringen voor dat succes. Voor sommigen is het een teken des tijds, waarin we nog moeilijk om kunnen met dode momenten. Of het nu in de publieke ruimte is, waar stilstaan zelfs stilaan verdacht wordt, of op de vele schermen die ons permanent doen scrollen, bewegen is bijna een dogma geworden. In het licht daarvan is de klassieke maaltijdstructuur met voor-, hoofd- en nagerecht, die wortels heeft die teruggaan tot het Rusland van het begin van de negentiende eeuw, bijna een saai anachronisme geworden.

1853 Foodsharing Humphrey 4
© Saskia Vanderstichele | Foodsharing belooft 100 procent Instagramproof fun dining: een overvolle tafel met een resem fotogenieke gerechten.

Voedingsexpert en consultant Jorik* – hij gebruikt liever niet zijn echte naam om conflicterende professionele redenen – voegt er nog een andere dimensie aan toe. “Het idee erachter is om de consumptieve impulsen bij de consument nog meer te stimuleren,” zegt Jorik. Vanuit die benadering heeft foodsharing voor hem zelfs iets kinderachtigs. Mensen durven niet meer te kiezen, vanuit het idee te verliezen. Volwassen zijn betekent net verantwoordelijkheid opnemen. “In die zin is foodsharing een veilige cocon, die de kans geeft om iets te kiezen zonder te verliezen … Die calamares die je buur heeft besteld, bijvoorbeeld, die er toch veel lekkerder uitzien dan wat er op jouw bord ligt.”

“Foodsharing staat voor alles wat ik haat: het is duur, navelstaarderig en erg ontgoochelend,” haalt Frédéric Nicolay uit. In zijn restaurants, of het nu gaat over Le Cocq of Château Moderne, is er geen plek voor de nieuwe trend. De horeca durft uit angst voor de wet van vraag en aanbod de klanten schijnbaar niet meer te confronteren met de ultieme taboes van onze tijd: verveling, de tijd die langzaam voorbijkruipt of een confrontatie met je eigen grenzen.

Expert Jorik wijst op nog een mechanisme dat het succes van dit nieuwe fenomeen in het restaurantaanbod kan verklaren. “Het speelt in op het fomo-effect (fear of missing out, de angst om iets te missen). En dat uit zich vooral op sociale media. Foodsharing is dankbaar om veel foto's van te maken, en te delen via Facebook, Instagram of Twitter, en dat geeft blijkbaar een belangrijke connectie met de buitenwereld.”

“Aanvaarden dat wat er voor je staat niet alleen van jou is, maar van iedereen aan tafel, vraagt een andere mindset”

Lakhdar Hamina, consultant

Websites zoals TheFork of Unilever Food Solutions spelen helemaal in op de trend. Snelheid en grenzeloosheid zijn het nieuwe normaal in de voedingsindustrie, en dat vertaalt zich op die sites in eindeloze voorbeelden van cool food en lange eetlijstjes: van tapas en sushi over Scandinavisch smørrebrød tot Baskische pincho's. Het regent pagina's met adviezen over hoe je dankzij die nieuwe trend minder kan uitgeven aan eten en hoe je kan profiteren van het zogenaamde groepseffect, dat aanzet om meer te bestellen dan je op kan en soms zelfs dan je kan betalen.

Er is nog meer: de belofte van 100 procent Instagram-proof fun dining, want op de overvolle tafel prijkt een resem gerechten die je prachtig en van bovenaf gefotografeerd in beeld kan brengen. Alles voor de food porn, dat nieuwe ritueel met foto's van al die heerlijkheden. Je scoort de ene like na de andere met glossy plaatjes van eten.

Sharing is caring

Veel restauranthouders springen haast blind op de foodsharingtrein, terwijl andere het concept op een heel andere manier benaderen. Een goed voorbeeld zijn de pioniers Glen Ramaekers en Julie De Block. Voor dat duo, dat al zeven jaar restaurant Humphrey uitbaat, maar ook voor John Prigogine (Old Boy), Anh-tu Pham (Nénu), Tim Van Den Heuvel en Pavan Bajwa (Bombay BBQ) en nog een rijtje anderen, sluit het concept aan bij de authentieke, familiale eetcultuur in Azië. “Als je in Thailand met je vrienden op restaurant gaat, is het niet ongewoon dat zij al aan het eten zijn als jij aankomt. Je bent wel verplicht om te eten wat er op tafel staat. En het is niet eens erg als sommige gerechten intussen koud zijn,” zegt Prigogine.

1853 Foodsharing Humphrey 3
© Saskia Vanderstichele | Een gerecht delen heeft in oorsprong ook een politieke dimensie, je geeft ermee aan dat je ook op andere vlakken bereid bent om te delen met anderen.

Tim Van Den Heuvel en Pavan Bajwa verwijzen naar India, waar je nooit één gerecht eet, maar altijd een assortiment aan kleinere schotels. Ook De Block kent de Aziatische tradities, vooral de Filipijnse, maar al te goed, en ze hekelt de restaurants die foodsharing claimen zonder de herkomst ervan te kennen. “Ik zie heel wat adresjes die beweren dat ze een sharing experience aanbieden, maar die dan de schotels een voor een op tafel zetten. Zij hebben er volgens mij niets van begrepen.”
Sommige regio's in de wereld (Noord-Afrika, het Midden-Oosten, Azië …) hebben meer recht van spreken als het over foodsharing gaat, omdat zij trouw zijn gebleven aan het principe van eten delen, terwijl individuele porties de regel zijn geworden in het Westen. Nu ja, het bestaat in het Westen ook, denk maar aan Spaanse tapas, Zwitserse raclette of de Nederlandse bitterballen.

Een gerecht delen heeft in oorsprong ook een politieke dimensie, je geeft ermee aan dat je ook op andere vlakken bereid bent om te delen met anderen. Lakhdar Hamina is consultant, maar ook partner in restaurants als Vérigoud of Malmö: “Voor heel wat eters is een gerecht delen niet vanzelfsprekend. Er zijn mensen die het niet pikken dat iemand zelfs maar het kleinste frietje uit hun frietzakje neemt. Aanvaarden dat wat voor je staat niet alleen van jou is, maar van iedereen aan tafel, vraagt een andere mindset, zeker in onze individualistische wereld. In onze maatschappij die steeds meer wil controleren, breekt door die vrijheid sommigen het angstzweet uit: de enen vrezen dat ze met honger van tafel zullen gaan, de anderen dat ze te veel zullen eten.”

Exponent van de tijdgeest

Anthony Jaeger van de wijkbar Lombric vindt het daarom belangrijk om niet alle porties even klein of groot te maken, maar verschillende hoeveelheden aan te bieden (klein, middelgroot en de gewone portie), zodat klanten die wat weigerachtig staan tegenover het concept op hun vertrouwde eenmansgerecht kunnen terugvallen.

Foodsharing in restaurant Humphrey van uitbaters Julie De Block en Glen Ramaekers
© Saskia Vanderstichele | Foodsharing in restaurant Humphrey van uitbaters Julie De Block en Glen Ramaekers.

Een absoluut pluspunt aan foodsharing is dat het een exponent is van de tijdgeest, waarin samenwerken centraal staat. Coworking, participatieve economie en interdisciplinariteit zijn overal, en samen eten is een weerspiegeling van die visie op de wereld. “Een groot deel van onze klanten heeft het gehad met een uitgebreid menu, waarvan ze weten dat ze nooit alles op zullen krijgen. Als de ober met je zoveelste bord komt en je geen honger meer hebt, word je daar niet vrolijk van. Mensen willen kunnen stoppen als ze daar zin in hebben,” zegt Yves Mattagne van La Villa Lorraine, een van de topchefs die zich wel laat verleiden door het foodsharingconcept. Lakhdar Hamina benadrukt nog een ander voordeel: “Dat je mee kan eten van een gerecht dat je anders nooit zou hebben besteld, is een unieke kans om nieuwe smaken te ontdekken. Het helpt om je oogkleppen af te zetten en, als ze er al zijn, psychologische barrières te doorbreken.”

Yves Mattagne ziet ook de keerzijde van de medaille, op logistiek en financieel vlak: “Als je het doet volgens de regels van de kunst, vraagt foodsharing een serieuze aanpassing in de keuken.” Die economische dimensie vergeten chef-koks die met foodsharing veel geld willen verdienen weleens. “Het is minder rendabel dan de klassieke keuken, zelfs al is paradoxaal genoeg de gemiddelde rekening per klant hoger,” bevestigt Anh-tu Pham. John Prigogine stipt nog een element aan dat vaak wordt vergeten. “Sommige klanten zitten de hele avond op restaurant en bestellen amper twee bao's, een gebakken bloedworst, een water en een ijsthee. Dat is niet rendabel voor een restaurant met 28 couverts, zoals Old Boy. Daarom hebben we verschillende gerechten om te delen in één uniek menu gegoten,” legt hij uit.

Los van het financiële aspect is er natuurlijk ook de gezelligheid aan tafel die eigen is aan gedeelde gerechten, een boodschap die de uitbaters van Humphrey maar al te goed begrepen hebben. Ook hier heeft de chef-kok een vast foodsharingmenu op de kaart gezet. Hij schept er zelfs heimelijk plezier in om borden te dresseren met daarop opzettelijk vijf courgettebeignets voor vier eters. “Delen is in de eerste plaats opnieuw leren communiceren met elkaar, allerlei zaken uitwisselen en samenwerken … liever dan in een doodse stilte eten,” besluiten Julie De Block en Glen Ramaekers.

(*) Jorik is een schuilnaam, zijn echte naam is bekend bij de redactie

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Brussel, Resto & Bar, foodsharing, gastronomie, restaurant Humphrey

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie