Kraaien en kauwen veroveren de stad

Kraaien en kauwen zijn aan een opmars bezig in Brussel. Dat blijkt uit de nieuwste vogeltelling. De kraaiachtigen passen zich steeds beter aan aan de stad. “Ze zijn slim, opportunistisch en hebben hier een leefomgeving geadopteerd die wat lijkt op hun natuurlijke habitat.”

Misschien is het u ook al opgevallen: de voorbije jaren duiken steeds meer grote zwarte vogels op in het stadsbeeld. Vaak opereren ze daarbij in groepen, waardoor hun aanwezigheid nog meer opvalt.

Uit de recentste cijfers van Leefmilieu Brussel, die we opvroegen, blijkt dat vooral de kauwenpopulatie (een kraaiachtige) de voorbije jaren sterk groeide. De voorbije kwarteeuw kwamen er gemiddeld 10 procent kauwen bij per jaar. Enkel de exotische grote alexanderparkiet – een neef van de veel talrijkere halsbandparkiet – deed het de laatste jaren nog beter.

Ook de zwarte kraai, die wat groter is dan de kauw, voelt zich steeds beter in het gewest. De voorbije 25 jaar groeide de populatie elk jaar met een kleine 5 procent.

zwarte kraai
© Eveline Ravert
| Een zwarte kraai tijdens de maaltijd in Sint-Agatha-Berchem.

Dat uitgerekend kraaiachtigen het zo goed doen is logisch, zegt Olivier Beck, bioloog voor Leefmilieu Brussel. “Zowel de kauwen als de zwarte kraaien zijn erg intelligente dieren, die ook nog eens erg opportunistisch zijn. Ze eten zo’n beetje alles en ook afval blijkt geen probleem. Als u er veel zag in de buurt van de verbrandingsoven zal dat wel de reden zijn.”

Steentjesbombardement

Hoe vindingrijk kraaien kunnen zijn blijkt onder meer uit de kraaienplaag waar het Europees parlement 20 jaar geleden mee te maken kreeg. Kraaien bombardeerden toen de glazen koepel van het gebouw met stenen, wellicht omdat ze hun spiegelbeeld als concurrent interpreteerden.

Kauwen en kraaien zijn ook geen schuwe dieren. “Jaar na jaar zijn ze daardoor dichter bij de mens gaan leven. Dat zorgt voor meer van die vogels in de stad, maar ook voor een grotere zichtbaarheid, waardoor de toename soms nog groter lijkt dan ze is.”

alexanderparkiet_-_frank_adriaensen.jpg
© Frank Adriaensen
| De grote alexanderparkiet lijkt erg op de halsbandparkiet.

Wat ook helpt is dat de kraaiachtigen zich de stad hebben eigen gemaakt. “Kauwen gaan bijvoorbeeld in ongebruikte schoorstenen nestelen,” weet Beck. “Ze hebben in de stad plekken gevonden die genoeg op hun oorspronkelijke omgeving lijken om er te wonen.”

De telling van Leefmilieu Brussel toont nog meer interessants. Naast kraaiachtigen en alexanderparkieten zitten ook buizerds, stadsduiven en nijlganzen in de lift. De huismus en de fytis kennen dan weer de sterkste terugval.

De grootste kraaiachtige – de raaf – komt momenteel overigens niet voor in Brussel. De raaf is veel schuwer dan zijn kleinere verwanten. “In het Zoniënwoud zie je ze soms overvliegen, maar ze nestelen er nog niet,” weet Beck.

grafiek kauwen
De tellingen voor de grote alexanderparkiet en de kauw (1992-2018)

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?