Bij de straatprostituees aan IJzer

© Bart Dewaele

Eind maart besliste de Brusselse burgemeester Yvan Mayeur om de straatprostitutie in de Alhambrawijk aan banden te leggen. Er werd een gedoogzone ingesteld, prostituees die zich toch elders opstellen kunnen op een boete rekenen. “Maar ten gronde verandert er niets, alleen wordt ons het leven lastig gemaakt.”

H et is behoorlijk druk op het plein aan de Antwerpsepoort. Zeker een dertigtal vrouwen zijn aan het werk. Zelfs als duidelijk gehaaste voorbijganger krijg je een “ça va, chéri?”. Het doet vreemd aan, straatprostitutie in de voormiddag. Het pleintje aan de Antwerpsepoort valt binnen de gedoogzone, samen met delen van de Antwerpselaan en de Boudewijnlaan. Maar de kleine straatjes in de buurt waar zich ook enkele rendez-voushotels bevinden, zijn nu verboden terrein voor de prostituees. Nochtans was het vooral daar dat de meeste van hen hun plek hadden.

Als reactie op de beslissing van Mayeur kwam er een open brief ondertekend door een groep prostituees. Ze klagen aan dat het stukken moeilijker werken is in de nieuwe zone waar straatprostitutie getolereerd wordt en dat de politie op overdreven respectloze wijze de prostituees binnen de gedoogzone dwingt. Daar kan de verkiezingskoorts wel voor iets tussengezeten hebben, want de laatste weken is de politie minder opvallend aanwezig, althans volgens Sofie en Kamyla. Beide vrouwen werken al enkele jaren als prostituee in de Alhambrawijk.

Verkiezingskoorts
“Er komen beduidend minder klanten sinds eind maart. De discretie is weg, en dat schrikt af. Zelfs veel habitués zien we niet meer,” vertelt Kamyla. “Er staan ook veel te veel meisjes op een hoop, want binnen die gedoogzone is heel wat minder plaats dan vroeger in de straten eromheen. Dat maakt de sfeer op straat heel anders, veel agressiever. Meisjes klampen potentiële klanten aan, dat gebeurde vroeger minder. Nu word je als klant bijna in twee getrokken,” lacht ze. “Mensen aanklampen interesseert me niet zo, het is beter als ze naar je toe komen.”

De straatprostitutie is een stuk zichtbaarder geworden sinds de straten in de Alhambrawijk tot verboden terrein verklaard werden. Dat maakt niet alleen dat veel klanten wegblijven, ook passanten worden veel meer geconfronteerd met de straatprostitutie, en dat geeft spanningen. “Als prostituee word je constant beledigd. Door iedereen. Bewoners, voorbijgangers, groepjes jongeren,... Dat was tot voor kort anders, beter, of minder erg alleszins.”

Minder klanten betekent minder inkomsten. Dat heeft zijn gevolgen voor vrouwen voor wie prostitutie vaak een noodzaak is om te overleven. “Vrouwen laten hun prijzen zakken. Sommigen die ‘s nachts werken aanvaarden klanten voor 15 of 20 euro,” vertelt Sofie. “Voor ons is die prijs niet acceptabel, maar het gebeurt meer en meer. Steeds meer meisjes gaan erop in als een klant geen voorbehoedsmiddelen wil gebruiken.”

“We zien ook andere dingen die we vroeger minder zagen. Meisjes die meegaan in de auto bijvoorbeeld,” vult Kamyla aan. “Zelf doe ik dat nooit. Je weet niet wat er kan gebeuren. Een vriendin stapte laatst in de auto van een klant. Toen die een hele andere weg dan afgesproken begon uit te gaan is ze uit de auto gesprongen. Nu zit ze met een gebroken voet.”

De aanwezigheid van de politie is de laatste weken wat geminderd. Maar de eerste maand na de afkondiging van het plan van burgemeester Mayeur was dat wel anders. “Er zijn agenten die niets zeggen, maar je hebt er evengoed andere die vanuit hun dienstwagen met de megafoon op je roepen dat je je terug in de gedoogzone moet begeven,” aldus Kamyla. “Maar het hangt af van de interpretatie van de agenten. Hoe je gekleed bent bijvoorbeeld,” vertelt Sofie. “Ik ben eens op straat aangesproken terwijl ik gewoon naar de winkel ging. Dat is toch totaal absurd.”

“Er is overlast, dat wil ik niet ontkennen. Klanten die hier in groepen rondhangen, meisjes die kabaal maken, afval,... Maar er gebeuren wel meer dingen die niet kunnen in de wijk. Waarom worden wij geviseerd? De politie overdrijft.”
Sofie en Kamyla zien dat sommige meisjes niet meer opduiken. “Misschien is dat wat men wil, maar wat doen die vrouwen nu in de plaats? Ze staan alleszins niet achter de kassa van de supermarkt.”

Regionale aanpak nodig
Ook Christine Lemmens heeft weinig goeds te vertellen over de nieuwe situatie die er ontstaan is na het invoeren van de gedoogzone. Lemmens staat aan het hoofd van Entre 2, een organisatie die werkt met de prostituees aan IJzer. “Dergelijke absurde en arbitraire situaties laten zien dat deze maatregel echt geen oplossing is. Er verandert niets ten gronde, alleen de levenskwaliteit van de vrouwen gaat erop achteruit. De burgemeester zegt dat hij geen straatprostitutie meer wil in de Alhambrawijk, maar nu verplaatst het fenomeen zich enkel. Nu goed, de laatste weken is het weer rustiger. De verkiezingen zijn natuurlijk altijd een interessante periode om zijn inwoners een plezier te doen. Het is bijna een karikatuur.”

Mayeurs stelt dat de gedoogzone er is gekomen in overleg met de Brusselse organisaties die opkomen voor de prostituees. Dat ziet Lemmens toch anders. “Mayeur heeft zijn plan doorgedrukt zonder enige rekening te houden met ons advies. Daarom dat we uit het overleg gestapt zijn. Dat is jammer, onze ervaring wordt miskend. Enkele dagen geleden kwam Mayeur met het idee van een Villa Tinto zoals in Antwerpen. Zo’n voorstel laat zien dat men niet weet waarover men spreekt.”

“Villa Tinto heeft zijn verdienste, maar een dergelijk project zou niets veranderen aan de straatprostitutie aan IJzer.” Hoe moet het dan wel? “Er is nood aan een regionaal platform waar alle actoren uit Brussel samenzitten. Nu verdedigt elke burgemeester zijn eigen belangen, wat leidt tot beslissingen die elkaar tegenwerken. En ondertussen heeft niemand oog voor de prostituees als mens.”

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?