reportage

Door de piétonnier met sterarchitect Jan Gehl: 'My heart is singing'

Jan Gehl op het Muntplein. "Die banken zijn als doodskisten."© Ivan Put

Autosteden omvormen tot plekken op mensenmaat. Als er wereldwijd één stadsplanner voor bekend staat, is het wel Jan Gehl. We trokken met de 82-jarige Deen door de Brusselse voetgangerszone. “Brussel is een laatkomer in de club, maar wat gaat het hier vooruit!”

Als we na een flinke wandeling door de oude en nieuwe voetgangers­gebieden café Au Soleil binnenstappen, kijkt een jongedame aan een tafeltje in de hoek ons met ongeloof aan. “You are Jan Gehl!” De architect glundert en nodigt de vrouw – een studente urban design, blijkt – meteen uit om aan te schuiven.

Jan Gehl 12 BRUZZ ACTUA 1662
© Ivan Put.jpg
| Op het de Brouckèreplein: "Je zou hier tweehonderd kleurrijke stoelen kunnen zetten."

Gehl klapt zijn computer open en begint door een indrukwekkend portfolio aan verwezenlijkingen te bladeren. Het autovrije Times Square in New York is er maar één van. We krijgen ook een printje met de 35 vertaalde covers van zijn bekendste boek Cities for People. Om maar te zeggen: Jan Gehl is niet zomaar een architect, maar een rockster op het vlak van stadsontwikkeling.

De voettocht door Brussel is een uitloper van een interview dat we drie jaar geleden hadden met de man. Gehl kon toen weinig zeggen over de – nog niet vernieuwde – autovrije Anspachlaan, maar bij een volgende gelegenheid ter plaatse gaan, dat zag hij wel zitten. “Ik ken zoveel steden, maar Brussel bleef een beetje een blinde vlek op mijn mentale kaart.”

Bevroren blaas

Starten doen we aan zijn hotel op een zucht van de Sint-Hubertusgalerijen, een soort voetgangerszone avant la lettre. “Gebouwd om de opkomst van luxehandel te promoten,” weet Gehl, die zijn ogen goedkeurend de kost heeft. De route die we uitstippelden leidt vervolgens door de ‘oude’ voetgangerszone, over Grasmarkt, Kleerkopersstraat en Muntplein naar de kersverse zone tussen Brouckère en Fontainas.

Jan Gehl 16 BRUZZ ACTUA 1662
© Ivan Put
| De 82-jarige architect in de Kleerkopersstraat, steeds met stadsplan in aanslag.

We zijn nog maar net uit de galerij of Gehl trekt al aan onze mouw. Met zijn voet wijst hij naar de oneffen kasseien op de Grasmarkt. “Die stenen zijn gekozen in een tijdperk toen er amper oudere mensen op straat waren. Vandaag moet je beter doen, ook voor gehandicapten, of mensen met kinderwagens. Je kan ze bijvoorbeeld polijsten of graniet gebruiken.”

Aandacht voor details en hoe gebruiksvriendelijk de stad is, het is een constante in zijn beschouwingen onderweg. Als we op het Muntplein aankomen, gaat Gehl op een van de stenen banken zitten en gebaart hij ons hetzelfde te doen. “Voel je dat? Het is misschien vijftien graden, maar toch dreigt je blaas hier te bevriezen. Stenen banken zouden verboden moeten zijn in steden die noordelijker liggen dan Barcelona. En waarom hebben ze geen rugleuning? Dit lijken meer doodskisten dan banken.”

Het Muntplein is voor Gehl sowieso een voorbeeld van een rommelig ontwerp. Met banken, palen en prominente ‘slimme’ vuilnisbakken die wat lukraak geplaatst lijken. “Mijn vingers jeuken hier eerlijk gezegd wel wat.”

Stadsplanner en-architect Jan Gehl

Eyes on the street

Eigenlijk willen we nu via de Noorddoorgang naar het de Brouckèreplein. Maar de Nieuwstraat intrigeert de architect, die een omweg langs het Rogierplein voorstelt. In ’s lands drukste winkelstraat vorderen de werken aan de nieuwe straatbedekking – kleine klinkers in kleurschakeringen - aardig. “Ziet er goed uit,” bromt Gehl. “Deze stad verandert tenminste. In Denemarken hebben we provinciesteden die vooral trots zijn op wat ze in de jaren 1980 realiseerden.”

Jan Gehl 5 BRUZZ ACTUA 1662
© Ivan Put.jpg
| Op het einde van de Nieuwstraat, met de luifel van het Rogierplein. Even de paaltjes-castrators en het veel te smalle fietspad fotograferen.

Terwijl hij traag maar onvermoeibaar verder stapt, kijkt de architect ook naar boven. “Die lege verdiepingen zijn niet goed, je hebt bewoners nodig. Het bestuur kan hier een serieuze tand bijsteken. In Melbourne hebben we het aantal inwoners in de binnenstad in tien jaar tijd vertienvoudigd. Meer bewoners, dat zijn meer eyes on the street.” Ogen op straat, het is een uitdrukking die Gehl niet toevallig gebruikt. De wending verwijst naar de permanente sociale controle die je krijgt in een straat met functievermenging en komt recht van de - overleden - stedenbouwkundige Jane Jacobs, een compagnon de route voor wie de Deen veel bewondering heeft.

Aan het Rogierplein krijgt de luifel een goedkeurend knikje. Maar het zijn vooral de alomtegenwoordige paaltjes aan de rand van het trottoir die Gehls aandacht trekken. “Ah, the castrators,” roept hij uit, terwijl hij als een volleerd pantomime-artiest uitbeeldt wat hij bedoelt. “In Kopenhagen hebben we die niet. Paaltjes zijn een teken van straffeloosheid en een gebrek aan controle. Je ziet er veel in landen als Roemenië en Hongarije.”

Stadsplanner en-architect Jan Gehl

Via de Adolphe Maxlaan gaat het nu naar de nieuwe voetgangerszone. De stadsplanner wijst ons op een van de auto’s, die dwars geparkeerd staan in de brede laan. “A sidewalk-eating car,” merkt hij droog op, een verwijzing naar de voorsteven van de wagen die een kleine meter boven het trottoir hangt. Het is een voorbeeld van hoe het niet moet.

Hoe hij het wél graag heeft, legt hij uit aan het volgende kruispunt. “Dit is een klassiek kruispunt, waar auto’s gewoon kunnen doorrijden op hun eigen niveau. Je kan dat omdraaien en het trottoir laten doorlopen op dezelfde hoogte. Dan moeten de auto’s het trottoir oversteken in plaats van de voetgangers de straat. Sinds we dat in Kopenhagen veralgemeend hebben, kan mijn kleindochter er alleen naar school.”

Jan Gehl 13 BRUZZ ACTUA 1662
© Ivan Put
| BRUZZ-redacteur Kris Hendrickx met architect Jan Gehl op het de Brouckèreplein.

De goede handelaar

Terwijl we het nagelnieuwe de Brouckèreplein opstappen, kijkt Gehl naar een misvormde man met een looprekje die gezwind het plein oversteekt. “A happy client of the city,” merkt de Deen op. “Voor hem werkt dit plein met zijn comfortabele bodem. Is het trouwens zo leeg omdat er iets onder zit? Een premetrolijn, zeg je?”

Jan Gehl 11 BRUZZ ACTUA 1662
© Ivan Put.jpg
| "A happy client of the city. Voor deze man is dit plein goed aangelegd. Hij verdient dat."

De hele Anspachlaan lang zal Gehl vooral dingen in zich opnemen, zelf vragen stellen en geregeld ook foto’s nemen. Voor een instantoordeel over de hele zone zijn we aan het foute adres, blijkt. “Een zinnig detailantwoord kan je pas geven als je de situatie vooraf goed hebt bestudeerd, als je weet wat de stad nodig heeft, zodat je er met de aanleg van zo’n zone kan op inspelen. Ik hoorde al dat die voorbereiding hier niet zo grondig is verlopen.”

Die studie vooraf met veel cijferwerk is cruciaal, hij zegt het wel drie keer. “Counting is caring. Alleen al omdat je altijd tegenstanders hebt die zeggen dat het slechter is geworden. Handelaars die klagen dat de omzet de dieperik ingaat zijn een klassieker. De burgemeester van Kopenhagen vraagt hen dan: ‘Ben je er zeker van dat je een goede handelaar bent, want gemiddeld is er een stijging van zoveel procent?’”

Gehls voorzichtigheid neemt niet weg dat hij blij is met wat hij ziet. “Jullie gaan van een viervaksbaan met veel transitverkeer naar een ruimte die twee stadsdelen opnieuw laat samengroeien. Dat is al veel waard. Verder zie ik veel moois: groen, houten stadsmeubilair mét rugleuningen, terrassen en ook heel wat woningen op deze laan.

Brussel is een laatkomer in de club van leefbare steden. Tot voor kort stonden jullie wereldwijd bekend als een plek die door de auto en de Europese administraties gedomineerd werd. Maar geloof me, dat verandert in ijltempo.”

Jan Gehl 15 BRUZZ ACTUA 1662
© Ivan Put
| Jan Gehl op de Anspachlaan, in volle heraanleg. "Wat gaat hier vooruit, zeg."

Hier en daar heeft de meester ook concrete voorstellen. Voor de kale stenen vlakte tussen Muntcentrum en de Brouckèretoren bijvoorbeeld. “Je zou hier tweehonderd kleurrijke stoelen kunnen zetten die mensen zelf kunnen verplaatsen, volgens de positie van de zon bijvoorbeeld. Je zorgt er dan voor dat ze zo zwaar zijn, dat ze niet zomaar verdwijnen en dat iemand ze ’s nachts opbergt. In de Jardin des Tuileries in Parijs werkt dat prima.”

Gentrificatie

De plekken waar de auto’s de voetgangerszone kruisen storen Gehl overigens niet. “Auto’s die over zo’n smalle strook traag moeten rijden, het voelt niet als een obstakel.” Ook het deel waar de bus nog over de laan rijdt – tussen Verversstraat en Fontainas – is voor de architect niet per se een probleem. “Er zijn veel plekken in de wereld waar openbaar vervoer én een voetgangerszone goed samengaan. Ik bezocht jullie Elsensesteenweg gisteren. Ook daar moet dat lukken.”

jan-gehl-cities-for-people.jpg

Na de wandeling wil Gehl vooral vooruit kijken. “Een autovrije zone is maar een eerste stap, waar we in Kopenhagen al in 1962 mee begonnen. Het is dé manier om te tonen dat een stad op mensenmaat mogelijk is. Daarna moet je langzaam werken naar een volledige stad op mensenmaat. Al was het maar om neveneffecten van zo’n zone te vermijden.

Je had het over gentrificatie en een overdosis aan toeristen. Die risico’s zijn reëel, maar het betekent vooral dat je méér plekken aangenaam moet maken: daarvoor heb je pleinen nodig waar mensen willen blijven hangen en plekken waar mensen kunnen bewegen. Brussel heeft zo’n strategie nodig voor de hele stad.”

Onze tijd zit erop, de jonge fan is al een tijdje vertrokken uit café Au Soleil. Als we afscheid nemen, drukt Jan Gehl ons nog op het hart dat hij niet té kritisch wou klinken. “Onthou vooral: als ik dit allemaal zie, my heart is singing.”

Voetgangerszone

Het centrum van Brussel kreeg midden 2016 een fikse uitbreiding van zijn voetgangerszone. De werken voor de heraanleg van de zone zijn nog altijd aan de gang.
Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees ook

Nieuws uit Brussel in je mailbox?