column

Beeldspraak: staafmixer (of waarom wij 9 maart vieren)

© PhotoNews
| Een staafmixer op het voedingssalon van 1965 op de Heizel.

Elke week voorziet Michaël Bellon een oude persfoto van een nieuw onderschrift. Deze week: het voedingssalon van 1965 op de Heizel.

Wees gerust, ik ga de geenszins turbulente geschiedenis van het Voedingssalon hier niet overroepen. Al mijn ogen zijn - zoals de uwe zo meteen - uitsluitend gericht op de wondermooie vintagemodellen van staafmixers die startensklaar en in uitzonderlijk groten getale op deze foto staan te blinken.

De staafmixer wordt zelden naar waarde geschat. Laat staan op gepaste wijze gehonoreerd - bijvoorbeeld door het dragen van een T-shirt met een gestileerde staafmixer, of de aankoop van een duur design­exemplaar op een ogenblik dat de oude staafmixer eigenlijk nog best functioneert.

Nochtans is de staafmixer de hoofdreden waarom wij op zich al perfect eetbare ingrediënten toch nog per se willen verwerken tot soepen, sauzen of beslag. Geen pleasure more guilty dan de druk op de knop die instant de moeilijk te beschrijven bevrediging schenkt waartoe een standvastig zoemende en trillende krachtbron, alleen gehoorzamend aan de stroomtoevoer en onze soepel aansturende handpalm, aanleiding geeft. Een ergonomisch handvat nodigt uit om desgewenst nog wat extra neerwaartse kracht toe te voegen aan dit op zich al nietsontziende toestel, dat alleen ten onrechte als ‘hulpstuk’ of ‘gereedschap’ wordt genoemd, omdat het in wezen een lichaamsprothese, ja zelfs een verlengstuk van onze persoonlijkheid is.

michael bellon

Hoe heilzaam is het immers voor de geest, wanneer ook de taaiste brokken probleemloos voor het bijltje gaan, en doldraaiende messen onder het oppervlak een aanhoudende metamorfose bewerkstelligen in een kolossale kolk, waarin dure woorden als ‘vloeibaarheid’, ‘viscositeit’, ‘emulsie’ en ‘kleurenexplosie’ als gedoemde schipbreukelingen opduiken en weer ten onder gaan. Staafmixen is van een vernietigende schoonheid, het is gestileerd geweld voor de net-niet-psychopaat.

Deze vertegenwoordiger op het Voedingssalon heeft dan ook een droomjob. ’s Ochtends een hemd aantrekken, alleen maar om de mouwen ervan te kunnen oprollen voor een demonstratie van toestellen met verschillende kalibers en verrassend veel opties. Tekeergaan in bassins gevuld met wat dan ook. Versnijden, vermalen, vermengen en verpulveren. Een staafmixer voor meneer, een staafmixer voor mevrouw, een staafmixer voor het nu snel groter wordende meisje met de vlechtjes.

Het voedingssalon van 1965 op de Heizel
© PhotoNews
| Het voedingssalon van 1965 op de Heizel.

Kijk hoe de meneer met het strikje moeite heeft om nog langer afstand te bewaren. Hij heeft al heimelijk tegen zijn sigaret getikt om te zien hoe de verstrooide as met een elegante beweging in de maalstroom verdwijnt. Maar veel liever zou hij zelf het heft in handen nemen, en mixen met de grootste mixer denkbaar. In zijn hoofd doet hij het geluid al na. Een nijdig, ziedend, gorgelend, onderwatergeluid.

Ik zou met deze moord­machines niet alleen op het Voedingssalon gaan staan, maar ook op het Hobbysalon, het Vakantiesalon, of het Festival van de Fantastische Film. Ik zou alles mixen en vermengen tot één gladde egale masterblend. En mocht de oorsprong van de staafmixer onbekend zijn, dan zou ik er levenslang onderzoek naar doen of er op wilde wijze naar gissen. Tot de Nobelprijs voor het Pureren postuum kon worden toegekend aan een in armoede gestorven Pools genie dat zijn uitvinding niet deed omdat ze hem van pas kwam, maar omdat ze nu eenmaal niet langer kon uitblijven.

Helaas is ook de staafmixer niet ontsnapt aan de vermoeiende verlichtingsdrang van de Wikipedianen, en moeten we droogweg lezen dat hij in 1950 werd gepatenteerd door de Zwitser Roger Perrinjaquet, wiens sterfdag wij van nu af aan vieren met een smoothie op 9 maart. Perrinjaquet noemde zijn apparaat Bamix (“bat et mixe”) - wat een eerder ridicule naam is. Tenzij misschien voor een instapmodel dat kleuters vanaf de bereiding van hun eerste babyvoeding tot aan hun tandeloze oude dag tot de broebelstaaf zou kunnen veroordelen.

Column: Beeldspraak

Elke week voorziet Michaël Bellon een oude persfoto van een nieuw onderschrift in zijn column Beeldspraak.
Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?