Brusselse overheden hebben lak aan openbaarheid van bestuur

© Jurgen Walschot

De Brusselse overheden lappen de nochtans wettelijk verplichte openbaarheid van bestuur geregeld aan hun laars. De oppositie, het gerecht, noch de media lijken in staat om daar veel tegen in te brengen. Daarom willen enkele wakkere burgers aan de boom schudden met websites zoals Cumuleo en Transparencia.

Via het internet is de laatste jaren een netwerk ontstaan van kritische burgers die opkomen voor meer bestuurlijke transparantie. Spin in het web is Brusselaar Christophe Van Gheluwe, die Cumuleo boven de doopvont hield in 2009. De website raakte bekend door de jaarlijkse publicatie van de mandatenlijst. Iedereen kan er nagaan welke functies elke politicus combineert en of die mandaten al dan niet bezoldigd zijn.

“De mandaten van politici werden gepubliceerd in het Staatsblad, maar ik vond dat die informatie veel toegankelijker kon,” vertelt Van Gheluwe. “Aangezien ik webdesigner ben, en werk rond het vindbaar maken van informatie via Google, besloot ik om een website te maken.”

Ondertussen werkte Van Gheluwe mee aan andere websites. Zo werd in september Anticor Belgium gelanceerd. Naar het gelijknamige Franse voorbeeld wil de website in samenwerking met klokkenluiders allerhande onfrisse praktijken aan de kaak stellen. Met de vermeende belangenvermenging van Yves Goldstein, jarenlang kabinetschef van minister-president Rudi Vervoort (PS) liep Anticor alvast meteen in de kijker. Goldstein zou subsidies hebben toegekend aan een vzw die hij zelf beheerde.

Sinds kort is er ook transparencia.be. Dat is een platform waarmee iedereen documenten of informatie kan opvragen bij de Brusselse overheden. De antwoorden komen automatisch online en zijn zichtbaar voor iedereen. “Op die manier zien we welke administraties meewerken, en welke echt problematisch zijn,” zegt Van Gheluwe. “Het is een manier om de krachten te bundelen en druk te zetten.”

Burgers vragen bijvoorbeeld of in dit of dat schoolgebouw asbest zit, of waarvoor bepaalde subsidies zijn aangewend. En wat blijkt? De antwoorden blijven vaak heel lang uit, en soms weigert de administratie de gevraagde informatie gewoon te geven. “Men zoekt allerlei belachelijke excuses. Dat ze de documenten niet per e-mail mogen sturen bijvoorbeeld. Of we horen dat ze te veel werk hebben. Terwijl alles tegenwoordig digitaal is en in een klik verstuurd is.”

Hoewel de openbaarheid van bestuur wettelijk is verankerd, blijkt transparantie dus nog altijd niet evident. “Politici hanteren een dubbel discours,” zegt Van Gheluwe. “Ze zeggen dat ze voor openheid zijn, maar als we iets opvragen weigeren ze vaak hun medewerking.” Ook partijen die minder met de macht geassocieerd worden zoals Défi of Ecolo bezondigen zich eraan. “Christophe Magdalijns, waarnemend burgemeester van Oudergem, schreef een opiniestuk in ‘Le Soir’ waarin hij ons werk prees, maar ook hij geeft niet thuis als we documenten opvragen.”

Bij een negatief antwoord kunnen mensen naar de Commissie voor Toegang Bestuursdocumenten (CTB) gaan, maar zelfs als die oordeelt dat er geen geldige reden is om de informatie achter te houden, blijft de radiostilte vaak oorverdovend.

De intransparantie doet vermoeden dat er heel wat dingen gebeuren die het daglicht niet mogen zien. “Ofwel is de politieke wereld incompetent, ofwel wil de grote meerderheid niet dat het systeem verandert om zich te beschermen,” zegt Van Gheluwe. “Veelzeggend is ook dat er geen enkele promotie bestaat rond de Brusselse CTB. De voorzitter vraagt al tien jaar om een eigen website, maar die komt er maar niet.”

Eigenlijk zouden alle documenten spontaan op een toegankelijke website moeten komen, vindt Van Gheluwe. “We voelen voortdurend dat politici transparantie lastig vinden. Alsof er een tirannie van transparantie is. In werkelijkheid staan we nergens in Brussel. Compleet onaanvaardbaar voor een democratie anno 2017. Politici willen niet dat de burgers zich mengen in de politiek. Ze willen met rust gelaten worden tot de volgende verkiezingen. Dat is de realiteit. Ze verdragen niet dat we meekijken.”

Cumuleo en co willen evenwel niet de jacht openen op beleidsmakers. “Het gaat er ons niet om politici te ‘pakken’,” vertelt Van Gheluwe. “We willen gewoon een beter systeem. Het kan niet dat we als burgers niet mogen weten hoe het overheidsgeld besteed wordt. Burgers moeten de politiek en de administraties voortdurend in de gaten kunnen houden. Pas wanneer politici zich gesurveilleerd voelen, zullen ze zich ethisch en verantwoordelijk gedragen.”

Deep state

De bestuurlijke complexiteit helpt de transparantie ook niet vooruit. Mensen weten vaak niet welk niveau bevoegd is. Bovendien is er een enorme wirwar van instellingen en vzw’s rond de lokale overheden. “Er bestaat een machtsnetwerk van verborgen administraties,” zegt Guy*, medewerker van Anticor. “Dat is een soort deep state. Niemand weet hoeveel vzw’s, intercommunales en paracommunale organisaties er eigenlijk zijn in Brussel. Het zijn er vele honderden. Vaak zijn dat zogezegd burger-initiatieven, maar die zijn meestal helemaal gepolitiseerd. De ministeriële kabinetten zijn ook heel ondoorzichtig. Waar komen die mensen vandaan?”

Jaar na jaar wordt het systeem bovendien nog ingewikkelder. “De regering-Vervoort wil allerlei nieuwe parastatalen oprichten, onder andere voor fiscaliteit en stedenbouw,” zegt Van Gheluwe. “Terwijl er competente administraties voor bestaan. Waarom? Om mensen te kunnen benoemen, want de administraties zijn min of meer gedepolitiseerd. Maar ook om de regels te omzeilen. Dat gebeurt dan onder het mom van efficiëntie. Men vindt de procedure van de openbare aanbesteding veel te zwaar en wil een sneller systeem. Maar die regels zijn er natuurlijk net om misbruiken moeilijker te maken.”

Ook macht speelt hierin een rol. “Door mensen op sleutelposten te benoemen, wil men ook in de volgende legislatuur nog zijn stempel drukken”, zegt Guy. “Dat zien we bijvoorbeeld bij Leefmilieu Brussel. Ecolo zit niet meer in de regering, maar enkele ex-kabinetsleden van minister Evelyne Huytebroeck zwaaien er nog altijd de plak.”

De verschillende bestuurlijke niveaus verklaren ook voor een stuk waarom de parlementen onmondig zijn. Partijen die federaal of in het gewest oppositie voeren, zitten bijvoorbeeld wel mee aan de knoppen in enkele gemeenten. Reden genoeg om niet te diep te gaan graven. “De parlementen zouden het heft in handen moeten nemen,” zegt Van Gheluwe. “Tenslotte zijn zij de wetgevende macht. De regering moet gewoon de wet toepassen, en kan die niet naast zich neerleggen. Maar de parlementen worden gecontroleerd door de dezelfde partijen. De scheiding der machten is eigenlijk een illusie.”

De Kazachgate toont de onmacht van de parlementen. “Over die afkoopwet had natuurlijk een heus debat gevoerd moeten worden, maar dat is niet gebeurd,” klinkt het. “Er is de corruptie van Armand De Decker, maar de vraag is wie daarnaast allemaal druk uitgeoefend heeft voor een wet die alleen de belangen van enkele miljardairs dient,” zegt Guy. “Een onderzoekscommissie moet nu klaarheid brengen, maar die bestaat voor 95 procent uit leden van de betrokken partijen. We hebben dan ook sterke twijfels over de uitkomst.”

Emancipatie

Ook de derde macht, het gerecht, slaagt er amper in om toppolitici tot de orde te roepen. “Jaarlijks blijven duizenden dossiers zonder gevolg wegens een gebrek aan middelen,” zegt Guy. “Wie geld heeft om zelf naar het gerecht te stappen, kan misschien iets bereiken. Maar niet iedereen heeft zomaar 10.000 euro ter beschikking. Zoniet ben je afhankelijk van het parket, maar dat is strikt hiërarchisch georganiseerd en aan het hoofd staan vijf procureurs die politiek benoemd zijn. Zij kunnen makkelijk dossiers blokkeren. Door middelen af te snijden, of onderzoeksrechters te verplaatsen. In de strijd tegen de terreur werden bijvoorbeeld meer mensen op Molenbeek gezet. Zo ging het onderzoek naar De Decker niet vooruit. Amper vijf procent van de dossiers van de antiwitwascel wordt opgevolgd. De partijen, de procureurs en de kabinetschefs bepalen alles in dit land. Maar ze zijn niet zichtbaar voor het publiek.”

En de media? De vierde macht is al vaker een onmacht genoemd. “Er is een groot gebrek aan onderzoeksjournalistiek, zeker in Brussel,” klinkt het. “Journalisten hebben steeds minder tijd, moeten constant stukjes produceren op basis van persberichten en verdienen amper meer dan een werkloze… Er zijn natuurlijk uitzonderingen.”

“Ander probleem is dat sommige, meer gevestigde journalisten onder invloed staan van politici”, zegt Van Gheluwe. “Na onze publicatie over Yves Goldstein mocht die zich in ‘Le Soir’ verdedigen zonder dat wij gecontacteerd werden. Er stond foute informatie in dat stuk. De schrijver ervan heeft vroeger gewerkt voor de studiedienst van de PS…”

Conclusie? Het systeem is ziek en beschermt zichzelf. Mensen stappen misschien met goede bedoelingen in de politiek, maar raken daarna zelf besmet of doen alsof hun neus bloedt. En wie buiten het systeem staat, kan niet opboksen tegen de electorale machine van de gevestigde partijen. “We zouden kunnen beginnen met een eigen lijst, maar we kunnen nooit optornen tegen politici die medewerkers van kabinetten of een netwerk van vzw’s kunnen inzetten om voltijds campagne te voeren,” zegt Guy, die onder meer verwijst naar Joëlle Milquet (CDH).

Christophe Van Gheluwe BRUZZ 1553
© Bart Dewaele
Grondprobleem is misschien dat België geen cultuur van transparantie en burgercontrole heeft,

“Ik ken de situatie in Engeland een beetje en daar moet een politicus voor het minste opstappen,” zegt Van Gheluwe. “In België is dat nooit zo geweest.”

Maar dat wil niet zeggen dat er niets kan veranderen. De sleutel ligt bij de wakkere burger. Die weet echter niet altijd hoe de zaken aan te pakken. “Het is gemakkelijk voor een administratie om een document te weigeren,” klinkt het. “De meeste mensen dringen niet aan. Velen weten zelfs niet dat het recht hebben. Laat staan dat ze tijd en geld hebben om een procedure te starten.”

Transparencia.be wil mensen bewustmaken van hun rechten en aanmoedigen om zelf op onderzoek uit te gaan. “Iedereen kan in zijn eigen wijk zien of er iets niet pluis is”, zegt Guy. “Waarvoor heeft die subsidie gediend? Waarom staan er zoveel mensen op de loonlijst van een vereniging die niets organiseert? We moedigen mensen aan om zelf detective te spelen. Indien nodig brengen wij hen in contact met vrijwillige juristen. Mensen moeten vooral niet bang zijn. Dit is een recht. Door te tonen dat ze heel wat te weten kunnen komen, door bijvoorbeeld naar de handelsrechtbank te stappen met een ondernemingsnummer, geven we hen zelfvertrouwen. Yes you can. Het gaat ook over empowerment en emancipatie van de kleine man tegenover het overheidsapparaat.”

* Schuilnaam op vraag van de betrokkene

Meewerken kan via de website van Anticor.

Hoe transparant is het beleid?

De Brusselse overheden lappen de nochtans wettelijk verplichte openbaarheid van bestuur geregeld aan hun laars. De oppositie, het gerecht, noch de media lijken in staat om daar veel tegen in te brengen. 

Nieuws uit Brussel in je mailbox?

Lees ook