Werkende asielzoekers moeten 'faire bijdrage' betalen voor plaats in opvangnetwerk

© Peter Dhondt-BRUZZ
| Fedasil, Federaal Agentschap Opvang Asielzoekers in de Kartuizersstraat.

Begin volgend jaar start Fedasil met het innen van een "faire bijdrage" van asielzoekers die ergens aan de slag zijn en die tegelijk in het opvangnetwerk verblijven. Dat heeft staatssecretaris voor Asiel en Migratie Nicole de Moor (CD&V) woensdag verklaard in de Kamer.

De staatssecretaris kreeg in de bevoegde commissie een waslijst aan vragen voorgeschoteld over de opvangcrisis. De regering raakte het eerder eens over een reeks maatregelen, zoals de noodcentra in Jabbeke en Glons. Daarbij wordt ook gemikt op de uitstroom van asielzoekers met stabiele tewerkstelling. Dat moet meer plaatsen vrijmaken en de druk op het netwerk enigszins verlichten.

Bedoeling is dat mensen met een "stabiele tewerkstelling" niet langer aanspraak kunnen maken op steun van Fedasil. Asielzoekers met een vast contract van meer dan 6 maanden of onbepaalde duur die meer verdienen dan het leefloon, zullen verplicht het opvangnetwerk moeten verlaten. Er wordt een redelijke termijn van een maand voorzien. In extreme noodzaak kan daarvan worden afgeweken.

Tegelijkertijd werkt de staatssecretaris aan een herziening van het zogenaamde KB Cumul. Dat Koninklijk Besluit voorziet dat een bewoner een bijdrage moet betalen aan de opvang indien hij tewerkgesteld is. Maar volgens de Moor zijn die bijdragen vandaag veel te hoog én kan Fedasil onvoldoende controleren of iemand werkt. Het is de bedoeling om vanaf begin volgend jaar een "faire bijdrage" te vragen met een effectieve en efficiënte controle, aldus de staatssecretaris.

Nicole de Moor (CD&V), staatssecretaris voor Asiel en Migratie

De maatregel is een gevolg van de huidige opvangcrisis, maar bestond dus al in de regelgeving. "Iemand die voldoende werkt, kan voor zijn eigen noden instaan en moet niet opgevangen worden door de overheid. Ik zie niet in hoe dit personen richting het informele circuit zou duwen", vulde de Moor nog aan. Ze benadrukt wel dat er blijvend wordt ingezet op het correct informeren van asielzoekers over de arbeidsregelgeving en de rechten en plichten die daarbij horen.

Voorts heeft de CD&V-politica een wetsontwerp klaar dat het recht op materiële hulp beperkt tot aan het moment van de definitieve asielbeslissing, en niet langer tot aan het bevel om het grondgebied te verlaten. Dat moet er mee voor zorgen dat de opvang wordt voorbehouden voor verzoekers om internationale bescherming, en dat het opstarten van parallelle verblijfsprocedures geen reden meer kan zijn om langer dan nodig in de opvang te blijven.

De staatssecretaris stond ook lange tijd stil bij de creatie van opvangplaatsen en de problemen die daarmee gepaard gaan. In Jabbeke was de burgemeester not amused omdat er voorafgaandelijk geen overleg had plaatsgevonden, terwijl de burgemeester van Glons een politiebesluit heeft genomen dat de capaciteit van het opvangcentrum beperkt. De staat en Fedasil hebben daartegen beroep aangetekend bij de Raad van State. Ook de autoriteiten in Spa en Moeskroen namen gelijkaardige beslissingen. Daartegen is een annulatieberoep hangende.

Opvangplaatsen in Molenbeek

De Moor kwam ook terug op het verlies van 400 opvangplaatsen in Molenbeek. Het ging om een gebouw dat vroeger dienst deed als woonzorgcentrum, maar de gemeente trok naar de rechter tegen de omvorming tot opvangcentrum. Volgens de staatssecretaris ging het om een urbanistieke kwestie, waarvoor Fedasil nu een uitzonderingsaanvraag zal indienen bij het Brussels Gewest.

"Het gebouw, dat vroeger een woonzorgcentrum was, kan voor de burgemeester geen residentiële bestemming meer hebben, wat opmerkelijk is gezien de vorige functie van het gebouw en gezien het feit dat het voor de burgemeester geen probleem was voor de opvang van Oekraïners", maakte de Moor haar verbazing duidelijk.

Dat was niet naar de zin van Kamerlid Khalil Auoasti (PS), een partijgenoot van de burgemeester van Molenbeek. "U moet de geschiedenis niet herschrijven", reageerde hij. "De vier burgemeesters rond het centrum waren akkoord om een centrum op te richten, er waren gesprekken aan de gang. U bent met uw administratie teruggekomen op akkoorden."

Personeelstekort

Zoals bekend zoekt de overheid ook personeel bij de andere overheidsdiensten om Fedasil te helpen bij het operationaliseren van beschikbare opvangplaatsen. Daarbij wordt gemikt op 200 mensen. Vandaag zijn er 150 kandidaturen binnen en verschillende van hen zitten in de laatste rechte lijn om aan de slag te gaan. Vanaf volgende week zullen ook interimarissen in de centra kunnen beginnen.

Tot slot gaf de Moor nog mee dat er sinds de opstart eind augustus, 352 personen zijn toegewezen aan het zogenaamde Dublincentrum in Zaventem, van wie er al 215 het centrum hebben verlaten. Dat centrum telt 220 plaatsen en dient voor de opvang van asielzoekers die elders in de Europese Unie al een aanvraag hebben ingediend.

Meer nieuws uit Brussel

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?