portret

Koen De Koker, de zingende wielrenner: ‘Ik zeg zelden nee’

Koen De Koker© Ivan Put

Wielrenner, zanger, acteur, stadsgids, politicus. Koen De Koker (50) is het allemaal en nog meer. Zijn ene anekdote is nog straffer dan de andere. Het verhaal van een man voor wie het keurslijf van de coureur te beperkend was, maar zich nog altijd wielrenner noemt.

Vier dagen gingen we op pad met hem. Koen De Koker als gids voor nieuwe Brusselse fietsers. Hij pakte ons en onze gasten in. Met het ene hilarische verhaal na het andere, zijn levenslessen, zijn glimlach, zijn onaangekondigde liveconcerten en een overdaad aan flauwe moppen. Wie zou een betere initiatie fietsen kunnen geven dan de man die in de jaren 90 bekend kwam te staan als de zingende wielrenner?

De Koker: “Als vijfjarige kwam mijn vader terug van een aankomst van de Tour de France in Molenbeek met een gehandtekend kaartje van Eddy Merckx. ‘Voor mijn vriendje Koen’, stond erop. Vanaf dat moment had ik in mijn hoofd dat ik wielrenner wilde worden. Dat was ook toen al geen evidentie in Brussel. Al mijn vrienden speelden voetbal. Maar er waren nog wel enkele wielerclubs in het Gewest en ik sloot mij op mijn vijftiende aan bij de Jetse Sportvrienden.”

Koen De Koker
Koen De Koker speelde mee in Le Vélo de Ghislain Lambert, met Benoît Poelvoorde.

Doorgaans volgen toeristen hem te voet door het centrum van Brussel. Op de fiets, wat verder buiten de stad, kon hij die ervaring de afgelopen weken koppelen aan zijn alomtegenwoordige liefde voor het stalen ros. Ondanks alle uitstappen naar zijn verschillende interesses en beroepen, heeft de fiets altijd centraal gestaan in het leven van de Merckx-adept. Nu anno 2020 steeds meer Brusselaars zijn passie beginnen te delen, ziet De Koker zijn kans schoon. “Brussel was een fietsstad in de jaren 30,” zegt hij als stadsgids. “Dat moet terugkomen.”

De 'plezante'

Als jeugdrenner scheert De Koker hoge toppen. De vergelijking met Merckx wordt vaker gemaakt dan goed is voor een jonge renner. “Tijdens mijn jaren als jeugdrenner reed ik vaak vooraan, maar winnen deed ik niet zoveel. Ik was al tevreden als ik mee de koers had kunnen bepalen. Dankzij aandacht in de lokale media, verzamelden zich ook steeds meer supporters rond mij. Soms legden die bussen in om met honderd man naar een koers van mij te komen kijken.”

De Koker straalt plezier uit in alles wat hij doet. Het is gemakkelijk hem te zien als een rariteit, een clown. Een rol die hij deels bewust opzoekt: “Ik was altijd wel de 'plezante', ook met de grote profrenners kon ik altijd goed overweg. Tony Rominger noemde mij ooit een showman. Hendrik Redant en ik maakten altijd plezier achterin het peloton.”

Maar als je tussen de regels van zijn anekdotes en moppen leest, merk je dat De Kokers ingesteldheid meer is dan een façade. “Ik ben een levensgenieter: ik zeg zelden “nee” op iets. Op die manier beland je al eens in een nieuwe omgeving. Centraal in al mijn keuzes staat genieten van het leven. Voor mij moet er een balans zijn tussen je goed voelen, open minded denken en materialisme. Ik ben nu 50 en ben nog nooit ziek geweest. Als levensgenieter, vol vreugde, reageert je lichaam anders op aanvallen van onbalans. Dat is nu actueler dan ooit.”

 

 
 

EPO-tijd

Of die ingesteldheid hem zal beschermen tegen corona, is de vraag. Hoe dan ook levert het hem een ongelooflijk cv op. Dat begint in 1992 als wielrenner, wanneer hij vier maanden stage mag lopen bij de grote Telekom-ploeg. “Maar ik kwam er snel achter dat er daar niet veel inzat voor mij. Ik werd vooral in de kleinere kermiskoersen gedropt, terwijl mijn kracht juist lag in langere, meerdaagse wedstrijden.”

Koen De Koker
Koen De Koker in Telekom-outfit.

De jaren 90 zijn bovendien niet de beste periode voor iemand die in het leven staat zoals De Koker. “Dat was de volle EPO-tijd. Ik was idealistisch, vegetariër en wilde niets met medicatie te maken hebben. Ik kon dat wel plaatsen en relativeren, maar ik wilde er zelf niet aan meedoen. Soms had ik een goede dag en kon ik lang mee, maar die goede dagen kwamen niet op bestelling, in tegenstelling tot renners die gedopeerd waren.”

De zingende wielrenner

Het verhaal bij Telekom loopt dus ten einde voor het goed en wel begonnen is. De jaren daarna blijft de geboren Sint-Joostenaar hangen in het Belgische kermiscircuit bij kleine ploegjes. “Daar bleven mijn prestaties achter. Winnen was moeilijk omdat ik niet wilde meedoen aan combines. Om toch interessant te blijven voor sponsors, ben ik gaan zingen.”

De Koker vertelt het even achteloos als hij onderweg met zijn gasten op de meest onverwachte momenten een liedje inzet. Als het te rustig is naar zijn zin, aarzelt hij niet de boel wakker te schudden.

Vier nummers neemt hij in totaal op, dubbel zoveel als het aantal overwinningen dat hij behaalt als coureur. Het levert hem een plaatsje in het peloton op tot en met 1995. In de showbizzwereld treedt hij drie keer op in Tilt met Marcel Vanthilt en haalt hij de finale van de Soundmixshow.

 

 
 

Altijd coureur

In een laatste poging om een stap omhoog te zetten in de wielerwereld, valt De Koker in 1996 het werelduurrecord aan. Door een gebrek aan training strandt hij op 47,076 kilometer. Zo’n acht kilometer te weinig. Het markeert het einde van zijn actieve wielercarrière. “Al voel ik me nog altijd wielrenner. Ondanks dat ik misschien een eenzaat in het peloton was met mijn doen en laten, heb ik mij daar toch twaalf jaar van mijn leven goed vermaakt. Ik had dat heel mijn leven kunnen doen.”

“Ik ben een denker, dat mag niet in de topsport. Je moet focussen op dat ene doel: winnen. Dat is moeilijk als denker omdat je beseft dat er meer is dan alleen de beste zijn. Dat helpt de wereld juist om zeep. De eerste is niets waard als er geen 200 verliezers zijn. Er is te weinig aandacht voor verliezers, die evenveel waard zijn en de wereld bevolken. Dat geldt voor de hele wereld, niet alleen de sportwereld.”

 

 
 

Vanaf dat moment speelt actief fietsen een steeds minder prominente rol in het leven van De Koker. Hij richt zich op zijn spiritualiteit en wellness en baat verschillende massagesalons uit. Tussendoor speelt hij een belangrijke bijrol in Le Vélo de Ghislain Lambert, de film met Benoît Poelvoorde die het leven van een wielrenner in de marge op tragikomische wijze vat. De Koker is er voor het eerst in zijn leven de kopman van een wielerploeg.

 

 
 

Gids

Er volgt een uitstap naar de politiek, waar hij verschillende keren opkomt voor Vivant. En een man die verhalen kan vertellen als De Koker, is uitermate geschikt als kastelein. Tussen 2015 en 2017 baat hij Café Depot in de Ortsstraat uit. Vlak voor de sluiting hernoemt hij het café nog even tot Bij de Koereur Chanteur.

Tegenwoordig leidt De Koker als gids toeristen rond door het centrum van Brussel. Een business die tijdens de coronacrisis volledig stil komt te liggen. Met de vrijgekomen tijd richt hij zich op zijn tweede boek (De Wieleruniversiteit), het bundelen van zijn liedjes op een plaat en zijn grote droom: een Brusselse wielerploeg. En zoals dat gaat in het leven van De Koker, komt er altijd weer iets nieuws op zijn pad. Wanneer wij hem contacteren met de vraag of hij als gids nieuwe Brusselse fietsers wil rondleiden, is er maar een antwoord mogelijk.

Bekijk hier de andere afleveringen van de reeks Fietsen met Koen De Koker:

Aflevering 1: Langs Merckx en door de velden Clouseau achterna.

Aflevering 2: Bij Brueghel linksaf richting concert op het terras.

Aflevering 3: Met het gezin naar het kasteel van Beersel.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Lees ook

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?